Estate- en Financiële Planning

Volop geprocedeerd over schenkingen – ook met succes?

gepubliceerd op: 07 november 2025

Een man, genaamd Mark, kreeg in 2018 van zijn ouders een schenking van € 29.375 voor zijn woning. In 2014 had Mark al een woning­schenking van € 70.624 ontvangen waarvoor de verhoogde vrijstelling gold. De inspecteur legde voor de schenking in 2018 een aanslag schenkbelasting op, omdat Mark de vrijstelling al in 2014 had benut. Mark wil dit voorkomen, stort het bedrag terug naar zijn ouders en maakt bezwaar tegen de aanslag schenkbelasting. De inspecteur weigert mee te gaan in het bezwaar, omdat er volgens hem geen geldige vernietiging of ontbinding van de schenking heeft plaatsgevonden. Wat zegt het hof?

Wederzijdse dwaling erkend
Het hof oordeelt dat zowel Mark als zijn ouders bij het sluiten van de tweede schenking dachten dat de vrijstelling opnieuw gold. Hun bedoeling om gezamenlijk binnen de grens van € 100.000 te blijven, bevestigt die veronderstelling. Het beroep op vernietiging wordt volgens het hof niet als voorgewend beschouwd: er was sprake van wederzijdse dwaling over de fiscale gevolgen. Door de rechtsgeldige vernietiging van de schenking ontstaat er een ongedaanmakingsverplichting (artikel 6:228 BW). De inspecteur moet de aanslag daarom verminderen tot nihil.

Tip
Blijkt in een later stadium bij een schenking dat de fiscale vrijstelling onterecht is toegepast? Dan kan een beroep op wederzijdse dwaling de oplossing zijn. Leg de gezamenlijke intentie en terugbetaling goed vast om schenkbelasting te voorkomen.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.