VvE-aandeel en obligaties zijn ‘overige bezittingen’ box 3
Gepubliceerd op: 17 december 2025
Tot het box-3-vermogen van een man behoren in 2019 (buitenlandse) staatsobligaties en een VvE-aandeel. Volgens de man moeten deze vermogensbestanddelen worden gerekend tot de categorie ‘bank- en spaartegoeden’ met het lage forfaitaire rendement. De inspecteur rekent deze bestanddelen op basis van het Besluit rechtsherstel box 3 tot de categorie ‘overige bezittingen’ met het bijpassende hogere forfaitaire rendement. Terecht, oordeelt Hof Den Haag. Obligaties en banktegoeden zijn niet gelijk. De wettelijke regels voor deze vermogensbestanddelen zijn verschillend en beïnvloeden het risicoprofiel en rendement. En het VvE-aandeel dan?
Ook het VvE-aandeel verschilt volgens het hof van een banktegoed. Het kwalificeert op grond van de Herstelwet (de vervanger van het Besluit rechtsherstel box 3 die inhoudelijk daaraan gelijk is) eveneens als overige bezitting. Er is ook geen sprake van schending van het gelijkheidsbeginsel. Daarvan kan op grond van de rechtspraak alleen sprake zijn bij een berekend voordeel boven het werkelijke rendement. Het werkelijke rendement was in 2019 echter hoger dan het forfaitaire rendement.