winst bij handel in cryptovaluta onbelast door speculatief karakter
Gepubliceerd op: 16 juni 2022
een man handelt met een zelf ontwikkelde ‘trading pot’ in cryptovaluta. tussen 2015 en 2018 brengt hij hiermee ruim 124.000 transacties tot stand. hij behaalt daarmee in 2017 enorme koerswinsten, maar in 2018 juist grote koersverliezen. de inspecteur merkt deze activiteiten aan als een bron van inkomen en legt over 2015 en 2017 navorderingsaanslagen op. rechtbank gelderland oordeelt dat de inspecteur niet aannemelijk maakt dat er sprake is van een objectieve voordeelverwachting. speculatie vormt hier namelijk het overheersende element. daarbij verwijst de rechtbank ook naar het standpunt van de staatssecretaris hierover in een brief van 28 mei 2018.
in de brief van 28 mei 2018 neemt de staatssecretaris het standpunt in dat er alleen sprake is van een bron van inkomen als er structureel positieve resultaten worden behaald, die verklaard kunnen worden aan de hand van de extra verrichte arbeid door de belastingplichtige. dat wil zeggen dat die arbeid verder gaat dan de arbeid die met speculatie samenhangt. van structureel positieve resultaten is hier volgens de rechtbank geen sprake: in 2017 behaalt de man weliswaar een winst van ruim € 10 miljoen, maar in 2018 lijdt hij weer grote koersverliezen. het speculatieve karakter is daardoor het overheersende element. daardoor vormen de handelsactiviteiten in cryptovaluta geen bron van inkomen.