Vragen beantwoord over gevolgen HR-uitspraak belastingrente Vpb
Gepubliceerd op: 12 februari 2026
De Belastingdienst heeft vragen beantwoord over de gevolgen van de uitspraak van de Hoge Raad van 16 januari jl. inzake de belastingrente voor de vennootschapsbelasting (Vpb) in 2022 en 2023. Onduidelijk was of de uitspraak ook ziet op de tekst van het Besluit belasting- en invorderingsrente (Bbi), dat sinds 1 januari 2024 bepalend is voor de berekening van de belastingrente. De Belastingdienst heeft dit nu bevestigd. De belastingrente is ook in de jaren 2024 en later te hoog vastgesteld ten opzichte van de belastingrente voor overige belastingen. Ook geeft de Belastingdienst aan dat wordt bekeken naar de gevolgen van de uitspraak voor de massaalbezwaarprocedure tegen de belastingrente voor de inkomstenbelasting.
De vraag of tegen Vpb-aanslagen die op 16 januari 2026 onherroepelijk vaststonden binnen 5 jaar ambtshalve vermindering kan worden aangevraagd, beantwoordt de Belastingdienst ontkennend. Deze verzoeken zullen worden afgewezen.
Tot slot geeft de Belastingdienst aan dat de collectieve uitspraak waarschijnlijk niet veel eerder zal worden gedaan dan op de uiterste datum (26 februari 2026).