een man heeft in het verleden geprocedeerd tegen een navorderingsaanslag over 2009, waarin de hoogte van de stakingswinst van zijn onderneming in geschil was. die procedure is uiteindelijk uitgemond in een compromis. daarbij wordt de stakingswinst vastgesteld op € 100.000. de belastingrechter heeft conform het compromis uitspraak gedaan. in 2020 wordt een nihilaanslag 2017 opgelegd. in september 2022 dient de man voor de vijfde keer een ib-aangifte 2017 in, waarin hij alsnog een stakingsverlies uit het verleden claimt. de inspecteur behandelt deze aangifte uiteindelijk als een verzoek om ambtshalve vermindering, maar wijst het verzoek af.
rechtbank zeeland-west-brabant oordeelt dat de inspecteur het verzoek om ambtshalve vermindering terecht heeft afgewezen. in de procedure over de navorderingsaanslag ib 2009 is al een stakingswinst in aanmerking genomen. deze uitspraak staat inmiddels onherroepelijk vast. het is dan niet meer mogelijk om voor 2017 alsnog een stakingsverlies te claimen.