rechtsherstel bij significant hoger forfaitair rendement dan werkelijk rendement
Gepubliceerd op: 2 mei 2024
een vrouw geeft in haar aangifte ib 2019 een box-3-vermogen aan van ruim € 432.000. het vermogen bestaat geheel uit bank- en spaartegoeden. na rechtsherstel op grond van het besluit rechtsherstel box 3, bedraagt het box-3-inkomen over 2019 nog € 302. hoewel het bedrag relatief gering is, gaat zij toch in beroep. haar werkelijke rendement bedraagt namelijk slechts € 177. rechtbank zeeland-west-brabant oordeelt dat het verschil met het werkelijke rendement significant is en biedt daarom aanvullend rechtsherstel door het box-3-inkomen te verlagen naar € 177. daarnaast heeft zij recht op een vergoeding van wettelijke rente.
de wettelijke rente wordt berekend over de periode tussen de datum waarop de vrouw de in strijd met het evrm geheven box-3-heffing heeft betaald en de datum waarop dit is terugbetaald.