onzakelijke leningen leiden tot afkoop pensioenaanspraak
Gepubliceerd op: 28 februari 2020
een dga bouwt pensioen op in zijn bv. in 2006 maakt hij gebruik van de terugkeerregeling (artikel 14c wet vpb). hij brengt het pensioen over naar een pensioen-bv. deze bv heeft een vordering op hem (terugkeerlening) en bezit onroerend goed. na een executoriale verkoop van het onroerend goed, neemt de dga de restopbrengst op uit de pensioen-bv. eind december 2015 bezit de pensioen-bv vrijwel alleen nog vorderingen (€ 364.222) op de dga. onder deze omstandigheden is er sprake van onzakelijke leningen, die leiden tot afkoop van de gehele pensioenaanspraak, oordeelt rechtbank zeeland-west-brabant.
volgens de rechtbank is er sprake van onzakelijke leningen. de vermogenspositie van de dga is namelijk dusdanig dat er geen voorwaarden denkbaar zijn waaronder een onafhankelijke derde dergelijke leningen zou hebben verstrekt. de opnames van de dga zijn volgens de rechter feitelijk pensioenuitkeringen uit de bv. hierdoor kan de pensioen-bv – gezien haar financiële positie – niet meer voldoen aan haar pensioenverplichtingen. er is sprake van een (gedeeltelijke) afkoop van de pensioenaanspraak, met als gevolg dat de totale pensioenaanspraak dan tot het belastbaar box-1-inkomen moet worden gerekend. ook de in rekening gebrachte revisierente (€ 69.872) is terecht.