Nevenwerkzaamheden in ziekenhuis vormen geen IB-onderneming
Gepubliceerd op: 14 december 2017
Een kaakchirurge in opleiding is als arts en tandarts in dienstbetrekking werkzaam. Daarnaast verricht zij specialistische werkzaamheden in een ziekenhuis, die via een maatschap worden gedeclareerd. De opbrengsten worden vervolgens voor 50% uitbetaald aan de kaakchirurge. Zij meent dat haar werkzaamheden voor het ziekenhuis kwalificeren voor het IB-ondernemerschap. Dat standpunt is onjuist, aldus Hof Arnhem-Leeuwarden. De kaakchirurge maakt niet aannemelijk dat zij haar werkzaamheden zelfstandig en voor eigen rekening en risico verricht. Daar doet niet aan af dat zij als arts over zelfstandigheid beschikt en enig ondernemersrisico loopt.