Arbeidsmarktdiscriminatie in uitzendsector onder de loep
Gepubliceerd op: 7 mei 2018
Bijna vijftig procent van de uitzendorganisaties die benaderd zijn via een 'mystery call', is bereid om te voldoen aan een discriminatoir verzoek (geen Turkse, Marokkaanse of Surinaamse kandidaten). Dit blijkt uit onderzoek van Radar. De staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft daarom in zijn brief van 1 mei jl. aan de Tweede Kamer laten weten dat zowel de ABU als NBBU met een plan van aanpak komen. Dit betekent voorlichting en training (belscript) van intercedenten en zo nodig ontzetting van het lidmaatschap. In de regeringsplannen krijgt het al bestaande Actieplan Arbeidsmarktdiscriminatie nadere aandacht. Er kan op meerdere manieren worden opgetreden.
Op grond van de Arbowet handhaaft de Inspectie SWZ, hoewel dit lastig is als het gaat om wervings- en selectiebeleid (er bestaat dan nog geen arbeidsrelatie). Het is ook mogelijk om op te treden op grond van de Wet gelijke behandeling. Discriminatie is ook strafbaar op grond van het Wetboek van Strafrecht. Openbaarmaking van namen van discriminerende uitzendbureaus in een register is lastig, zolang er geen rechterlijke veroordeling heeft plaatsgevonden.