als de wtp ingaat, komt er een onderscheid in de dekking bij overlijden vóór de pensioendatum en overlijden in de uitkeringsfase. het belangrijkste verschil met het huidige systeem: het partner- en wezenpensioen wordt in de opbouwfase gebaseerd op maximaal 50% van het pensioengevend loon. dat is onafhankelijk van het aantal dienstjaren en zonder aftrek van de aow-franchise. voor het wezenpensioen komt er een vaste eindleeftijd van 25 jaar. bij overlijden vanaf de pensioendatum blijft het partnerpensioen in beginsel 70% van het ouderdomspensioen. het begrip ‘partner’ wordt verder geüniformeerd, zodat daar geen verschil meer in bestaat tussen pensioenregelingen.