een vrouw verhuurt haar eigen woning geheel en gedeeltelijk via airbnb. zij meent dat de huurinkomsten bij gedeeltelijke verhuur niet belast zijn als voordelen uit het tijdelijk ter beschikking stellen van de eigen woning aan derden (de 70%-bepaling, artikel 3.113 wet ib 2001). de inspecteur belast alle huurinkomsten wel in box 1. terecht, oordeelt hof amsterdam. ook de genoten huurinkomsten uit de gedeeltelijke verhuur van de eigen woning vormen voordelen uit het tijdelijk ter beschikking stellen van de eigen woning aan derden. het hof verwijst hiervoor naar de uitspraak van de hoge raad van 18 september 2020 inzake de verhuur van een tuinhuisje.
in de zaak over de tijdelijke verhuur van het tuinhuisje oordeelde de hoge raad dat uit de wetsgeschiedenis blijkt dat het de bedoeling was om de opbrengsten uit de tijdelijk verhuur – van zowel de gehele woning als een gedeelte daarvan – te belasten in box 1.