Frans van Leeuwen beschrijft aankloten als aanrommelen zonder dat je vooraf precies weet waar het naartoe moet. Hij besefte na een burn-out dat hij onderweg iets was kwijtgeraakt: ruimte om te spelen, te falen en dingen te doen zonder duidelijk doel. Dat herken ik bij veel succesvolle ondernemers en leiders. Op een gegeven moment moet bijna alles ergens toe leiden. We sporten om fit te zijn, lezen om ons te ontwikkelen en zelfs rust krijgt een functie, want maandag moeten we weer presteren.

Koester je speelruimte

Maar wanneer doe je nog iets wat nergens toe hoeft te leiden? Een slechte grap uithalen. Met vrienden op pad zonder programma. Iets proberen waarvan je niet weet of je er goed in bent. Veel ondernemers zijn ooit juist zo begonnen: proberen, fouten maken, aanpassen en kijken wat er gebeurt. Maar naarmate het bedrijf groeit, worden de belangen groter. Ineens is falen geen optie meer. En als falen geen optie meer is, wordt proberen dat uiteindelijk ook.

Tip

Frans hanteert een simpele verhouding: 80 procent presteren en 20 procent aankloten. Niet als exacte wetenschap, maar als reminder dat niet alles nuttig hoeft te zijn. Dus ga een keer vissen. Maak een slechte grap. Verveel je. Rommel wat aan. Want als alles wat je doet ergens toe moet leiden, wanneer heb je dan nog tijd voor het avontuur?

Gertjan van Delden (g.vandelden@fiscount.nl) werkt als leiderschapsexpert bij leiderschapsbureau Enroute samen met Fiscount.