voor de berekening van de jaarruimte voor lijfrentepremieaftrek, moet er rekening worden gehouden met de opbouw van pensioenaanspraken. de komende jaren gaan alle pensioenregelingen in transitie en daarom is het van belang te weten op welke wijze die pensioenopbouw (de factor ‘a’) moet worden berekend. de kennisgroep van de belastingdienst heeft op 10 juli 2024 een vraag- en antwoordlijst gepubliceerd. hierin is na te gaan hoe de inbouw verloopt voor en na de aanpassing aan de fiscale kaders van de wtp. ook is hierin te lezen hoe de inbouw gaat tijdens de periode dat er gebruik wordt gemaakt van overgangsrecht.
lees meer in de nieuwe situatie zal uiteindelijk straks de premie voor ouderdomspensioen en voor partnerpensioen op of na pensioendatum in mindering komen op de fiscale lijfrenteaftrekruimte. wat niet verandert, is dat de factor a van het voorafgaande kalenderjaar bepalend is voor de hoogte van de jaarruimte. in het meest gunstige geval kan de jaarruimte dit jaar oplopen tot € 36.077, oftewel 30% x (€ 137.800 – € 17.545 aow-inbouw).