Om niet hoofdelijk aansprakelijk te worden gesteld voor niet betaalde pensioenpremies, moet een bestuurder tijdig melding doen van betalingsonmacht. In de berechte casus had de bestuurder in december 2009 melding gedaan van betalingsonmacht. Het pensioenfonds stelt dat deze melding geen betrekking kan hebben op de premies die over 2010 verschuldigd zouden worden. De Hoge Raad oordeelt dat er geen nieuwe melding behoeft te worden gedaan, zolang er nog sprake is van een betalingsachterstand. Met dien verstande dat het pensioenfonds aan de betalingsplichtige schriftelijk kan melden dat zij betalingsonmacht niet langer aanwezig acht.
Ondanks deze – voor de praktijk nuttige – uitspraak blijft het oppassen voor de bestuurder van een onderneming. Als het pensioenfonds schriftelijk aangeeft betalingsonmacht niet meer aanwezig te achten, zal er dus weer opnieuw een melding moeten worden gedaan (!). Let daarbij ook op de tekst van het pensioen- en/of het uitvoeringsreglement. Ook daarin kunnen bepalingen zijn opgenomen over de melding van betalingsonmacht.