Klant niet gehouden aan onredelijke opzegtermijn in algemene voorwaarden
Gepubliceerd op: 27 maart 2018
Een holding-bv schakelt een accountantskantoor in om fiscale en accountantswerkzaamheden te verrichten voor haar drie dochter-bv's. Vanaf 1 januari 2014 neemt een zustervennootschap van het accountantskantoor de werkzaamheden over. Zij stuurt daarvoor een nieuwe opdrachtbevestiging, die de holding-bv ondertekent. In de algemene voorwaarden staat een opzegtermijn van 1 jaar. Wanneer de zustervennootschap medio juni 2014 het maandbedrag verhoogt, gaat de holding-bv hier niet mee akkoord en laat zij weten de overeenkomst per 1 september 2014 te beëindigen. De zustervennootschap houdt haar echter aan de opzegtermijn van 1 jaar. Ten onrechte, oordeelt Hof Den Bosch. Gezien de aard van de werkzaamheden is een termijn van meer dan 3 maanden onredelijk lang.
De werkzaamheden hadden betrekking op het verzorgen van de jaarrekeningen, de loonadministratie en de fiscale aangiften van de drie dochter-bv’s van de holding-bv. Het hof meent dat de opdrachtgever voor dergelijke werkzaamheden vertrouwen moet hebben in de uitvoering daarvan door de opdrachtnemer. Als de opdrachtgever de samenwerking wil beéindigen, is een lange opzegtermijn ongewenst. Een opzegging mag bij het ontbreken van een opzegtermijn niet onverhoeds gebeuren. Omdat er vijf maanden zijn verstreken tussen de opzegging en de feitelijke beëindiging van de overeenkomst – waarin de holding-bv het maandbedrag heeft doorbetaald – is er voldoende rekening gehouden met de belangen van de zustervennootschap.