Aangezien de stichting nog officieel bestond, konden (navorderings)aanslagen vennootschapsbelasting gewoon rechtsgeldig worden opgelegd en bekendgemaakt. Ondanks het besluit tot ontbinding per 31 december 2017 en de registratie in het Handelsregister dat er geen baten meer zijn, bleek uit de aangiften Vpb 2017, 2018 en 2019 dat er nog activa waren ter grootte van € 19.449. Ook bleken twee bankrekeningen in 2023 nog steeds positieve saldi te hebben op naam van de stichting. In 2019 legde de inspecteur (navorderings)aanslagen Vpb op over 2014, 2015 en 2016. Deze aanslagen worden betekend aan een bestuurder, die daartegen bezwaar maakte. De rechtbank vernietigt de aanslagen in eerste aanleg, omdat zij meent dat de stichting was opgehouden te bestaan en dat de aanslagen daardoor niet rechtsgeldig konden worden bekendgemaakt. In hoger beroep draait het geschil om drie vragen: bestond de stichting nog, was zij ontvankelijk in bezwaar en beroep, en zijn de aanslagen tijdig en op juiste wijze bekendgemaakt?

Ontbinding
Het hof legt uit dat een rechtspersoon onder meer kan worden ontbonden door een bestuursbesluit (bijvoorbeeld bij een stichting). Ontbinding betekent echter niet dat de rechtspersoon direct ophoudt te bestaan. De rechtspersoon blijft voortbestaan voor zover dit nodig is voor de vereffening van het vermogen. Pas als er echt geen baten meer zijn, is de vereffening voltooid en houdt de rechtspersoon op te bestaan. Tot dat moment kan de inspecteur dus nog belastingaanslagen vaststellen én bekendmaken aan de ontbonden rechtspersoon of de vereffenaar.

Aanwezige baten
De inspecteur toont aan dat er nog bankrekeningen met positief saldo op naam van de stichting staan. En de stichting wist haar stelling dat de schulden de baten zouden overtreffen, niet aannemelijk te maken. Ook heeft het bestuur zelf verklaard een turboliquidatie te hebben toegepast, maar dat kan alleen als er geen baten zijn op het moment van ontbinding. Omdat géén vereffening heeft plaatsgevonden en er wel baten waren, concludeert het hof dat de stichting weliswaar is ontbonden, maar niet is opgehouden te bestaan. Daarmee staat ook vast dat de (navorderings)aanslagen tijdig zijn vastgesteld én rechtsgeldig bekendgemaakt.

Tip
Zolang er nog baten zijn en er geen vereffening heeft plaatsgevonden, blijft een rechtspersoon voortbestaan voor de vereffening. Leg bij beëindiging van een rechtspersoon de vereffening dan ook zorgvuldig vast en controleer of er écht geen baten meer zijn (banktegoeden, vorderingen, latente fiscale posities).