winstcorrectie bij bv en uitdeling bij dga na verkoop bouwgrond tegen te lage prijs
Gepubliceerd op: 6 januari 2022
een bv verkoopt in 2010 een perceel bouwgrond aan de minderjarige kinderen van haar dga. tussen 2010 en 2012 worden op de grond bedrijfsgebouwen gerealiseerd. op 24 februari 2012 wordt de akte van levering gepasseerd. de verkooprijs bedraagt € 209.000. de inspecteur meent dat die prijs te laag is, omdat bij de prijsstelling rekening moet worden gehouden met het feit dat op het moment van de levering de gebouwen al bijna voltooid waren. rechtbank den haag is het daarmee eens. uit de stukken blijkt niet dat er al in 2010 een perfecte koopovereenkomst is overeengekomen. het economische risico is daardoor toen nog niet overgegaan op de kinderen.
de koopovereenkomst was in 2010 nog niet perfect. dit blijkt volgens de rechtbank onder meer uit het feit dat pas op 23 december 2011 de machtiging ex artikel 3:145 bw is aangevraagd, die nodig is om te mogen leveren aan minderjarige kinderen. ook zijn er op kosten van de bv werkzaamheden uitgevoerd zonder dat deze zijn doorberekend aan de kinderen. de inspecteur heeft volgens de rechtbank de winst van de bv terecht gecorrigeerd, maar de correctie berust niet op een redelijke schatting. de opgelegde navorderingsaanslag vpb aan de bv moet daarom naar beneden worden bijgesteld.
uitdeling bij de dga
de uitdeling aan de dga berust volgens de rechtbank wel op een redelijke schatting. de navorderingsaanslag ib aan de dga blijft daarom in stand.