het box-3-vermogen van een vrouw bestaat in 2018 uit de blote eigendom van een vordering op haar grootouders (€ 10.800) en cryptovaluta. de cryptovaluta waren op 1 januari 2018 € 154.016 waard en op 1 januari 2019 € 5.987. de inspecteur heeft het box-3-inkomen vastgesteld op € 5.064. de vrouw meent dat de box-3-heffing buiten toepassing moet blijven.
hof amsterdam oordeelt dat bij het bepalen van het werkelijke rendement geen rekening hoeft te worden gehouden met inflatie, het nominale rendement is bepalend. de vrouw toont echter aan dat zij een zodanig verlies heeft geleden op de cryptovaluta dat het werkelijke rendement negatief is. het box-3-inkomen is dan nihil.