voldoen aan inschrijvingseis toch must voor kamerverhuurvrijstelling
Gepubliceerd op: 12 november 2020
een vrouw verhuurt in verschillende periodes van het jaar een deel van haar eigen woning via airbnb. zij ontvangt daarvoor ruim € 1.600 aan huurinkomsten. de inspecteur belast hiervan 70% als voordelen uit het ter beschikking stellen van de eigen woning. deze bepaling is volgens hem namelijk ook van toepassing bij verhuur van een deel van de eigen woning. de kamerverhuurvrijstelling is volgens hem niet van toepassing, omdat de huurders niet zijn ingeschreven in de basisregistratie personen. dit standpunt is juist, oordeelt de hoge raad. de inschrijvingseis is een voorwaarde om de kamerverhuurvrijstelling te mogen toepassen.
de hoge raad draait met dit oordeel de uitspraak van hof den haag terug. dit hof had namelijk geoordeeld dat de inschrijvingseis slechts een bewijsfunctie had. het hof stelde vast dat de vrouw verder voldeed aan alle andere materiële voorwaarden voor toepassing van de kamerverhuurvrijstelling. doel en strekking van deze vrijstelling zouden volgens het hof worden miskend, wanneer in dit geval belastingheffing zou plaatsvinden over de huurinkomsten. de hoge raad oordeelt echter dat de inschrijvingseis niet alleen een bewijsfunctie heeft, maar een keiharde voorwaarde is om de kamerverhuurvrijstelling te mogen toepassen.