splitsing stakingswinst ingegeven door fiscaal belang en daardoor onjuist
Gepubliceerd op: 21 februari 2019
een echtpaar exploiteert een melkveehouderij. in 2012 verkopen zij hun onderneming inclusief 18 hectare grond aan de eigenaren van een akkerbouwbedrijf. de kopers zijn vooral geïnteresseerd in de cultuurgrond om daarop pootaardappelen te gaan verbouwen. de koopsom wordt daarom gesplitst, waarbij deze grotendeels wordt toegerekend aan de (onder)grond. de inspecteur wijkt terecht af van de koopsomsplitsing, oordeelt rechtbank noord-nederland. de gekozen splitsing is ingegeven door het fiscale belang van het echtpaar, dat over de meerwaarde van de bedrijfsopstallen moet afrekenen.
de zoons van het inmiddels overleden echtpaar stelden dat de splitsing het zakelijke resultaat was van de onderhandelingen van onafhankelijke partijen met tegenstelde belangen. de splitsing moest daarom in hun ogen worden gevolgd. de rechtbank was daarvan niet overtuigd. toch volgt de rechtbank ook de berekening van de inspecteur niet en stelt de deelprijzen waarop de stakingswinst is gebaseerd, zelf in goede justitie vast. de rechtbank kende de zoons wel € 2.000 immateriële schadevergoeding toe vanwege overschrijding van de redelijke termijn.