sloopwoningen niet verder afwaarderen dan tot lagere bedrijfswaarde
Gepubliceerd op: 3 december 2020
een woningcorporatie sloopt in het kader van een herontwikkelingsproject een deel van haar sociale huurwoningen. zij waardeert de sloopwoningen af tot de marktwaarde van de ondergrond van de woningen en brengt het verschil als verlies ten laste van haar winst. de inspecteur stelt dat de woningen niet verder dan op de lagere bedrijfswaarde mogen worden afgewaardeerd. terecht, oordeelt hof den haag. de bedrijfswaarde van de oude huurwoningen is volgens jurisprudentie van de hoge raad onderdeel van de kostprijs van de nieuwe woningen. het is in strijd met goed koopmansgebruik om de restwaarde in het jaar van de sloop in één keer af te boeken.
de woningcorporatie meent dat van het uitgangspunt van de hoge raad moet worden afgeweken, omdat er sprake zou zijn van een situatie zoals in het warenhuisarrest uit 1993. zij maakt echter niet aannemelijk dat de gesloopte woningen voorafgaand aan de sloop geen waarde meer hadden, omdat zij in de bedrijfsvoering versleten waren. ook acht het hof niet aannemelijk dat de sloopwoningen zijn vervangen door functioneel gelijke bedrijfsmiddelen (de nieuwe woningen). de nieuwe woningen zijn namelijk niet alleen sociale huurwoningen, maar ook duurdere huurwoningen en koopwoningen. die hebben een andere bedrijfsfunctie dan de sociale huurwoningen.