Roemeens echtpaar toch geen fiscale partners – aftrek alimentatie geweigerd
Gepubliceerd op: 20 mei 2026
Een Roemeen werkt in de periode 2018-2021 in Nederland. Hij woont in deze periode in Roemenië en kwalificeert als kwalificerende buitenlands belastingplichtige. De Roemeen is gehuwd, maar hij en zijn vrouw wonen niet meer samen, nadat zij in 2013 besloten om uit elkaar te gaan zonder te scheiden. Zij zijn onder meer overeengekomen dat hij haar maandelijks € 200 alimentatie betaalt. Zijn vrouw heeft in de genoemde periode geen inkomen genoten in Nederland en zij heeft geen IB-aangiften ingediend. Ook blijkt zij geen inkomensverklaring te kunnen overleggen. Toch trekt de Roemeen de alimentatie af in zijn IB-aangiften. De inspecteur weigert de aftrek.
Het geschil spitst zich toe op de vraag of de vrouw als kwalificerende buitenlands belastingplichtige kan worden aangemerkt, zodat de Roemeen en zijn vrouw fiscale partners zijn. Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat zij hiervoor niet kwalificeert, omdat zij geen
inkomensverklaring van de Roemeense belastingautoriteit overlegt;
IB-aangiften heeft ingediend in Nederland voor de genoemde periode; en
inkomsten uit Nederland heeft ontvangen.
Zij voldoet hierdoor aan alle voorwaarden van artikel 1.2, lid 4, letter b Wet IB, die de kwalificatie als fiscaal partner beperkt. De opgelegde IB-(navorderings)aanslagen over de genoemde periode zijn dan ook terecht opgelegd.