Revisierente bij afkoop lijfrente; geen individuele en buitensporige last
Gepubliceerd op: 15 februari 2018
Een ondernemer verkeert in zwaar weer. Hij besluit in 2012 noodgedwongen om twee lijfrenteverzekeringen af te kopen. De Belastingdienst brengt over de afkoopsommen ook 20% revisierente in rekening. De ondernemer meent dat dit voor hem een individuele en buitensporige last is, die leidt tot een ongeoorloofde inbreuk op zijn eigendomsrecht. Ten onrechte, oordeelt de Hoge Raad. De ondernemer maakt niet aannemelijk dat de in rekening gebrachte revisierente hem zwaarder heeft getroffen dan andere belastingplichtigen aan wie revisierente in rekening is gebracht. Er is daarom geen sprake van een ongeoorloofde inbreuk op het eigendomsrecht.
De ondernemer beroept zich ook op het gelijkheidsbeginsel. Daartoe vergelijkt hij zijn situatie met die bij arbeidsongeschiktheid. In laatstgenoemde situatie kan een lijfrente wel zonder revisierente worden afgekocht. De mogelijkheid bestaat echter pas sinds 2015 en alleen daarom al is een beroep op het gelijkheidsbeginsel niet mogelijk.