een bv exploiteert een restaurant. zij krijgt een aanslag voor de gebruikersheffing ozb 2021 opgelegd. de bv meent dat de aanslag ten onrechte is opgelegd. zij kon namelijk op 1 januari 2021 geen gebruik maken van het restaurant, omdat zij haar deuren moest sluiten vanwege de coronalockdownmaatregelen.
rechtbank oost-brabant gaat hier niet in mee. de bv kon de onroerende zaak weliswaar niet gebruiken als restaurant, maar wel voor andere gebruiksdoelen, bijvoorbeeld voor het afhalen of bezorgen van maaltijden. de gemeentewet vereist niet dat het gebruik onbeperkt moet zijn. de ozb-aanslag blijft in stand.