een bv heeft samen met een handelspartner in 2011 een werk-bv opgericht, die een nieuw kledingmerk exploiteert. de bv krijgt de helft van de aandelen in de werk-bv en verstrekt in 2012 een lening van bijna € 200.000 aan die werk-bv. begin 2014 levert de bv zijn aandelen aan zijn handelspartner. in april van dat jaar scheldt de bv haar vordering op de werk-bv kwijt, en brengt dit kwijtgescholden bedrag in aftrek in haar aangifte vpb. volgens
hof arnhem-leeuwarden moet het (on)zakelijke karakter van een lening worden bepaald op het moment dat deze wordt aangegaan. het verbreken van een aandeelhouderschap maakt een onzakelijke lening niet alsnog zakelijk.