Een tandarts laat een dure woning van € 3,6 miljoen bouwen, waarin hij vanaf 2012 gaat wonen. Hij gebruikt de woning zowel privé als zakelijk. De tandarts rekent de woning geheel tot zijn ondernemingsvermogen, maar de inspecteur meent dat de woning privévermogen is. Terecht, oordeelt Rechtbank Den Haag. Het is aannemelijk dat het privébelang bij de bouw voorop heeft gestaan. De woning wordt ook overheersend voor privédoeleinden gebruikt. De ondernemer heeft bij zijn wil om de dure woning tot zijn ondernemingsvermogen te rekenen de grenzen der redelijkheid overschreden. De woning behoort tot het verplicht privévermogen.
De woning is normaliter verplicht privévermogen, maar kan ook keuzevermogen zijn. In het laatste geval moet de woning voldoende dienstbaar zijn aan de onderneming. Dat is het geval als de woning voor meer dan 10% voor de onderneming wordt gebruikt. Is dat niet het geval, dan kan de dienstbaarheid ook blijken uit de noodzaak om toezicht te kunnen houden vanuit de woning. Kennelijk voldeed de tandarts niet aan beide criteria.