aankoop auto maakt niet aannemelijk dat inkomen is genoten
Gepubliceerd op: 20 mei 2021
een man geeft in 2015 en 2016 geen belastbaar inkomen op. de belastingdienst constateert echter bij een controle van een autobedrijf dat de man in 2017 een auto met contant geld heeft gekocht voor € 54.000. daaruit leidt de inspecteur af dat de man inkomen moet hebben gehad in 2015 en 2016. hij legt over die jaren ib-aanslagen op, waarbij hij de aankoopprijs van de auto en een geschat bedrag voor kosten van levensonderhoud in aanmerking neemt als resultaat uit overige werkzaamheden (row). rechtbank zeeland-west-brabant oordeelt dat de inspecteur onvoldoende aannemelijk maakt dat de man inkomen had in 2015 en 2016.
het standpunt van de inspecteur – dat de man inkomen moet hebben gehad om de auto te kunnen kopen – bestrijdt de man met de stelling dat hij de auto alleen heeft opgehaald en heeft gekocht in opdracht van een derde. dat de man ook inkomen moet hebben gehad om in zijn levensonderhoud te voorzien, wordt door hem weerlegd met de stelling dat hij daarvoor hulp heeft gehad van vrienden en familie. de rechtbank acht deze stellingen voldoende plausibel en beslist dat de opgelegde aanslagen moeten worden vernietigd.