als een dga overlijdt, kan er weerstand ontstaan bij de achterblijvers als de odv-rechten verplicht verdeeld moeten worden over de gezamenlijke erfgenamen. ook is het mogelijk dat de langstlevende juist géén behoefte heeft aan de uitkeringen, maar een van de kinderen wel. of dat het fiscaal heel goed uitkomt als een van de kinderen deze uitkeringen ontvangt. als je op dat punt flexibiliteit wilt, moet je ervoor zorgen dat de wettelijke verdeling niet van toepassing is. ook moet er in dat geval in het testament een verdelingsbevoegdheid worden gecreëerd, waarbij na het overlijden van de dga kan worden bepaald wat de beste verdeling zou zijn.
hoe bewerkstellig je nu een dergelijke verdelingsbevoegdheid? dat kan op twee manieren. de eerste manier is het toekennen van de quasi-wettelijke verdeling aan de langstlevende. deze mag dan verdelen zoals hem of haar goeddunkt. de tweede manier is het benoemen van een executeur met verdelingsbevoegdheid. dat mag de langstlevende zijn, een kind of zelfs een derde. deze executeur mag dan de odv naar wens toedelen – mits dit uiteraard wel aan een erfgenaam is.
tip
ga bij leven van de dga na of flexibiliteit bij de verdeling van het odv na overlijden gewenst is. als dit het geval is, neem dan in het testament ofwel de quasi-wettelijke verdeling op dan wel een executeursbenoeming met verdelingsbevoegdheid.