De spelregels zijn stilletjes veranderd
De ruimte voor aflossingsvrij financieren is de afgelopen jaren flink ingeperkt:
- 2011: max. 50% van de woningwaarde aflossingsvrij;
- 2013: alleen renteaftrek bij annuïtair of lineair aflossen in 30 jaar;
- vanaf medio 2026: bij enkele grootbanken maximaal 30% van de woningwaarde gekoppeld aan een maximumbedrag.
Zolang je als woningeigenaar niets wijzigt, lijkt er weinig aan de hand. Maar bij verhuizen, oversluiten of verlengen toetst de bank opnieuw op inkomen en woningwaarde.
Liquiditeit, overwaarde en nalatenschap
Vermogende mensen die met name ‘steen’rijk zijn, kunnen liquiditeit genereren om wensen en doelstellingen te realiseren door de overwaarde op de woning op te nemen in de vorm van een aflossingsvrije lening. Banken financieren echter nooit 100% en de kosten zijn relatief hoog, met name omdat de rente van deze leningen vaak niet aftrekbaar is.
Kies je voor constructies waarbij ook de rente wordt bijgeschreven (zoals een verzilverhypotheek), dan kan de schuld in relatief korte tijd makkelijk verdubbelen. Dit heeft consequenties voor degene die als erfgenaam optreedt, zeker als er sprake is van een testament met een quasi-wettelijke verdeling. De kinderen worden dan namelijk medeaansprakelijk voor de hypotheekschuld. Wil de langstlevende alles voortzetten, dan moet de bank de kinderen ontslaan uit die aansprakelijkheid. Dit betekent dat de bank een volledige herbeoordeling moet doen onder de huidige, strengere regels.
Tip
Kijk bij het doen van de belastingaangiften voor je klanten kritisch naar de aflossingsvrije leningen. Ga hierover met hen het gesprek aan in het kader van een goede financiële planning.Bovenkant formulier