een stichting exploiteert een natuurpark en een museum. bezoekers kunnen bij de verschillende ingangen hun auto parkeren tegen betaling van € 2. de stichting past daarop het 6%-tarief toe, omdat het parkeren een bijkomstige dienst is bij het toegang verlenen tot het park. dat is onjuist, oordeelt de hoge raad. het uitgangspunt is dat het gebruikmaken van de parkeergelegenheid voor een automobilist in beginsel een doel op zich vormt. het bieden van gelegenheid tot parkeren is daarmee een zelfstandige prestatie die is belast tegen het algemeen tarief van 21%. daar waar het park ook toegankelijk is voor auto’s en bezoekers met hun auto het park ingaan, kan het 6%-tarief wel worden toegepast op de extra vergoeding die zij daarvoor betalen.