BTW

Ingrijpende verbouwing leidt tot nieuwbouw – wel btw maar geen OVB

gepubliceerd op: 08 september 2025

Een bv koopt in 2013 voor € 18,5 miljoen een oud kantoorgebouw met buitenterrein en laat dit voor € 50,5 miljoen herontwikkelen. Na de ingrijpende verbouwingen ontstaan er twee objecten met verschillende bestemmingen. Een van de objecten wordt met toepassing van artikel 37d Wet OB verkocht aan een Duitse koper voor € 217,2 miljoen. De koper beroept zich daarbij op een goedkeurend besluit, waardoor de verkrijging is vrijgesteld van OVB op grond van de samenloopvrijstelling. De koop voldoet namelijk aan de voorwaarde dat zonder toepassing van artikel 37d Wet OB de levering belast is met btw. De inspecteur meent dat de koper terecht OVB heeft voldaan.

De inspecteur meent dat het gebouw niet zó ingrijpend is verbouwd dat er sprake is van een vervaardigd goed. Er is volgens hem namelijk geen ‘in wezen nieuw gebouw’ ontstaan dat de koper voor het eerst in gebruik heeft genomen. Hof Den Bosch gaat hier niet in mee en oordeelt dat de verbouwing van het pand wel dusdanig ingrijpend is geweest, dat die heeft geleid tot een ‘in wezen nieuw gebouw’.

Constructieve wijzigingen
De wijzigingen in de bouwkundige constructie zijn hiervoor van doorslaggevend belang. De wijziging in het met de constructie gemoeide vloeroppervlak is relatief klein in verhouding tot het totale vloeroppervlak. Ook ondersteunen de bijgeplaatste funderings- en heipalen in verhouding slechts een beperkt deel van het gebouw. Maar daar staat tegenover dat er wel degelijk constructieve wijzigingen ten opzichte van het oude pand hebben plaatsgevonden. Het hof acht daarin met name de wijzigingen in de stalen constructie, de extra heipalen en de nieuwe schacht van doorslaggevend belang. De samenloopvrijstelling OVB is van toepassing. De koper heeft recht op teruggaaf van de op aangifte voldane OVB.

Hoewel deze informatie met zorg is samengesteld, adviseren wij om bij twijfel onze adviseurs te raadplegen voor een actueel en passend advies.