Van huurkoop is sprake als betrokken partijen met elkaar overeenkomen dat de verkochte zaak niet door de enkele aflevering in eigendom overgaat, maar pas wanneer alle afgesproken termijnen zijn betaald. De vraag is daarmee: hoe wordt een dergelijke transactie verwerkt in de jaarrekening van de (huur)koper? In feite is hier sprake van een koop op afbetaling. De koper wordt formeel weliswaar niet gelijk eigenaar van het goed, maar hij loopt vanaf het moment dat de overeenkomst wordt aangegaan wel het economische risico over het actief. De aankoop moet daarom gewoon worden geactiveerd als materiële vaste activa en de bijbehorende schuld (excl. rente) moet worden opgenomen als schuld.
Ook voor de Belastingdienst gaat deze redenering op; er kan dus ook gelijk investeringsaftrek worden berekend. De keerzijde hiervan is dat de verhuurder – in de situatie waarin hij het actief zelf ook koopt en dit daarna onder voorbehoud (via de huurkoopconstructie) doorlevert – géén investeringsaftrek kan claimen.
Let op
Vanuit het oogpunt van btw wordt sterk gekeken naar het moment van de daadwerkelijke materiële levering. De Belastingdienst heeft weinig boodschap aan een latere formele levering van de eigenlijke eigendom. De verkoper zal het gehele btw-bedrag bij levering moeten factureren en afdragen. Om liquiditeitsproblemen te vermijden, wordt de eerste termijn daarom vaak op een wat hoger bedrag gezet.