Meer tijd voor gebruik overgangsregeling bij afschaffing landbouwregeling
Gepubliceerd op: 8 januari 2018
Is uw cliënt landbouwer, veehouder, tuinbouwer of bosbouwer (hierna: landbouwer) en maakte hij/zij gebruik van de landbouwvrijstelling in de btw? Dan is uw cliënt op 1 januari 2018 btw-plichtig geworden met alle administratieve gevolgen van dien. De keerzijde is dat uw cliënt vanaf 1 januari 2018 de voorbelasting in aftrek kan brengen op de verschuldigde btw. Dit betekent ook dat uw cliënt de betaalde niet afgetrokken btw op investeringsgoederen die hij/zij vóór 1 januari 2018 heeft aangeschaft, mogelijk alsnog kan aftrekken. Of, en hoe deze btw alsnog kan worden afgetrokken, is vastgelegd in een overgangsregeling. Die is versoepeld, waardoor uw cliënt meer tijd krijgt om de btw-aftrek alsnog te claimen.
De versoepeling houdt in dat:
u de betaalde maar niet afgetrokken btw op de vóór 1 januari 2018 aangeschafte én in gebruik genomen investeringsgoederen voor de resterende herzieningsperiode in één keer kunt claimen in heel 2018 (meer specifiek: in een tijdvak naar keuze dat aanvangt in 2018). Tot deze versoepeling moest u dit nog doen in de eerste btw-aangifte over 2018;
u de aftrek van betaalde maar niet afgetrokken btw op vóór 1 januari 2018 aangeschafte maar op die datum nog niet in gebruik genomen investeringsgoederen, in één keer volledig kunt claimen in heel 2018 (en dus niet meer per se in eerste btw-aangifte 2018), maar uiterlijk in het belastingtijdvak waarin u de goederen in gebruik neemt.
In beide gevallen gelden vanaf 1 januari 2018 dan wel weer de normale herzieningsregels.