Stel, een ondernemer of werknemer rijdt in de eerste maanden van het jaar meer dan 500 km privé met de auto van de zaak. Daarna stapt hij over op uitsluitend zakelijk gebruik dat hij met een sluitende kilometeradministratie kan aantonen. Hij krijgt dan toch te maken met een bijtelling. De bijtelling stopt dan dus niet. Ook als hij vanaf dat moment in een andere auto van de zaak gaat rijden die hij uitsluitend zakelijk gebruikt, blijft de bijtelling van toepassing. De bijtelling wordt dus niet tijdsgelang toegepast.
Conclusie: het enige dat voor de bijtelling telt, is dat de ondernemer of werknemer het hele jaar een auto ter beschikking gesteld heeft gekregen en dat hij/zij op jaarbasis meer dan 500 km met een ter beschikking gestelde auto privé heeft gereden.