Een man begint op 32-jarige leeftijd aan een opleiding tot verkeersvlieger. De kosten bedragen †44.057. Die trekt hij als scholingsuitgaven af in zijn IB-aangifte. De inspecteur beperkt de aftrek tot € 15.000. De man voldoet namelijk niet aan de leeftijdsvereiste (tot 30 jaar) voor volledige aftrek. De aftrek is terecht beperkt, oordeelt de Hoge Raad. De leeftijdsbeperking is niet in strijd met het discriminatieverbod. Hiervoor bestaat een redelijke en objectieve rechtvaardiging: de regeling is bedoeld om de startpositie van jongeren op de arbeidsmarkt te versterken. Daarvoor is de aftrekregeling een geschikt instrument. De regeling is ook passend en noodzakelijk.