Een bv handelt in springpaarden. Talentvolle paarden worden gekocht, getraind en weer verkocht. De bv rekent geen btw over de verkopen van aandelen van 50% van de volle eigendom van paarden aan kopers in België, Zweden en de VS. Dit zijn volgens haar geen leveringen en als het diensten zijn, dan is de plaats van dienst niet in Nederland gelegen. Hof Den Bosch oordeelt dat de bv met de verkoop van 50% van de volle eigendom van de springpaarden de macht om als eigenaar te beschikken heeft overgedragen. De verkopen hebben geleid tot levering van de paarden. Maar heeft de inspecteur de toepassing van het nultarief terecht geweigerd?
Om in aanmerking te komen voor toepassing van het nultarief moet aan twee voorwaarden zijn voldaan:
de paarden moeten naar een andere EU-lidstaat zijn vervoerd; en
de afnemer moet de paarden als belastingplichtige hebben verworven.
De rechtbank heeft volgens het hof terecht geoordeeld dat voor een aantal verkopen de toepassing van het nultarief terecht is geweigerd. Uit de boeken en bescheiden bleek onvoldoende dat de paarden ook waren vervoerd naar de afnemer. Ook waren niet alle vervoersdocumenten goed ingevuld. De rechtbank heeft daarbij echter een onjuiste berekeningswijze gehanteerd, waardoor de opgelegde naheffingsaanslag ten onrechte is verminderd. De naheffingsaanslag blijft alsnog in stand.