een bv huurt een pand waarin zij een sportschool exploiteert. zij wordt vanwege de coronamaatregelen verplicht om de sportschool te sluiten in de periode tussen 15 december 2020 tot en met 19 mei 2021. desondanks legt de gemeente haar een aanslag ozb voor gebruikers op. de bv meent dat dit ten onrechte is, omdat zij door de verplichte sluiting het pand niet kon gebruiken als sportschool. de
hoge raad oordeelt dat een onroerende zaak aan het begin van het jaar (de peildatum) in gebruik is als op dat moment duurzaam gebruik redelijkerwijs te verwachten is. dat het gebruik op de peildatum tijdelijk is onderbroken, staat daar niet aan in de weg.