partijen sluiten een geldlening. een jaar later proberen de partijen deze schuld om te zetten, maar dit wekt verwarring. enerzijds is afgestemd dat het gaat om kapitaal, wat als agio behoort tot het eigen vermogen. anderzijds wordt er nog altijd gesproken van een achtergestelde lening. de rechter wil duidelijkheid. voor agio geldt namelijk dat de door storting gecreëerde reserve kan worden uitgekeerd. bij een achtergestelde lening moet aan de hand van de inhoud en uitleg van de overeenkomst worden bepaald of terugbetaling mogelijk is. de
rechter creëert deze duidelijkheid en acht de omzetting uiteindelijk nietig.