een man werkt fulltime bij een bv. daarnaast exploiteert hij met zijn vrouw een brocantewinkel in firmaverband. hij spendeert gemiddeld 5 uur per week aan de winkel, zijn vrouw 40 à 50 uur. de negatieve resultaten van de winkel zijn in de periode 2005 – 2014 volledig toegerekend aan de man.
hof den bosch oordeelt dat op grond van de tijdsverdeling, taken en verantwoordelijkheden er geen sprake is van een zakelijke resultaatverdeling tussen de firmanten. de inspecteur heeft een nieuw feit op grond waarvan hij kan navorderen. hij mocht uitgaan van de correctheid van de verzorgd uitziende aangiften die een professioneel administratiekantoor had ingediend.