KvK attendeert middelgrote bedrijven op SBR-verplichtingen

Heeft u middelgrote bedrijven in uw cliëntenbestand? In dat geval kunt u van hen vragen krijgen over het digitaal deponeren. Vanaf boekjaar 2017 moeten de meeste middelgrote bedrijven hun jaarrekening deponeren via SBR. Ook de controleverklaring en de handtekening (SBR-assurance) worden dan digitaal. De KvK adviseert middelgrote bedrijven om te controleren of zij hier voldoende op voorbereid zijn. De invoering van de verplichting in SBR te deponeren vindt stapsgewijs plaats. De micro- en kleine bedrijven zijn al sinds de jaarrekening 2016 verplicht om SBR te gebruiken. Grote bedrijven zijn vanaf boekjaar 2019 aan de beurt.
12-12-2017


Schatting gederfde winst bij einde franchiseovereenkomst toegestaan

Een franchisenemer exploiteert een buurtsupermarkt volgens de formule van een grote supermarktketen. In het eerste jaar blijft de omzet achter en zijn er al liquiditeitstekorten. In februari 2008 wordt daarom de samenwerkingsovereenkomst ontbonden. Er volgt een jarenlange juridische strijd over de hoogte van de schadevergoeding voor de gederfde winst na ontbinding van de franchiseovereenkomst. Na vier tussenuitspraken oordeelt de Hoge Raad dat de franchisenemer voldoende gelegenheid heeft gehad om de gederfde winst te onderbouwen, maar dat heeft nagelaten. Het hof heeft daarom terecht de schade schattenderwijs vastgesteld op basis van een berekening door een deskundige.
12-12-2017


Een bv dagvaardt in juni 2001 een beherend vennoot van een cv en vordert ontbinding van de overeenkomst die tussen haar en de cv is gesloten en ruim € 46.000. In september 2001 wordt de schuldsaneringsregeling van toepassing verklaard ten aanzien van de beherend vennoot. Daarna wordt in maart 2002 de vordering van de bv toegewezen. Op 19 oktober 2004 eindigt de schuldsaneringsregeling, waarbij aan de beherend vennoot een zogenoemde ‘schone lei’ wordt verleend. De bv probeert haar vordering op de beherend vennoot alsnog te innen. Zonder succes. Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de vordering onder de schuldsaneringsregeling valt, waarop de verleende ‘schone lei’ betrekking heeft.
12-12-2017


Een verhuurder draagt een gedeelte van een verhuurd pand over aan een koper. Daarmee eindigt niet de bestaande huurovereenkomst over het verkochte deel van het pand. De ‘koop breekt geen huur-regel’ geldt ook bij een gedeeltelijke overdracht van het verhuurde, oordeelt de Hoge Raad. Nergens blijkt dat de wetgever de huurbescherming in dat geval aan de huurder heeft willen onthouden. Dit kan leiden tot splitsing van de bestaande huurovereenkomst in twee aparte huurovereenkomsten. De verhuurders moeten in dat geval bij de huurder aangeven hoe de huurovereenkomst wordt gesplitst.
12-12-2017


Tweede internetconsultatie over dwangakkoord buiten faillissement

In het wetsvoorstel Wet homologatie onderhands akkoord ter voorkoming van faillissement (voorheen: Wet Continuïteit Ondernemingen II) wordt het mogelijk om buiten faillissement dwangakkoorden af te sluiten. Volgens de regering kunnen ondernemingen in financiële moeilijkheden hierdoor eenvoudiger problematische schulden herstructureren. In de eerste consultatieronde kwam er - vooral vanuit het MKB - veel kritiek op dit voorstel. Nu de reacties uit deze eerste consultatieronde zijn verwerkt in het wetsvoorstel, wordt het opnieuw ter consultatie voorgelegd. Deze tweede consultatieronde (doorklik maken) loopt tot 1 december 2017.
14-11-2017


Onder druk van de AFM moeten banken voortmaken met de uitvoering van het Uniform Herstelkader. Sinds de eerste voortgangsrapportage hebben drie banken aan kwetsbare klanten een definitief aanbod gedaan. Drie andere banken hebben toegezegd om deze groep dit jaar nog een aanvullend voorschot aan te bieden ter grootte van de geschatte volledige compensatie. Twee van deze banken gaan dit waarschijnlijk niet waarmaken. De AFM dringt er bij hen op aan om de kwetsbare klanten in ieder geval een ruim voorschot aan te bieden. Dat meldt oud-minister Dijsselbloem in een brief aan de Tweede Kamer over de voortgang van de uitvoering van het herstelkader rentederivaten.
14-11-2017


Een BV exploiteert een kinderdagverblijf in een gehuurd pand. Tijdens een groot bouwproject op een naastgelegen terrein verhuist zij naar een tweede gehuurd pand. Twee maanden later staakt de BV haar activiteiten. Zij heeft dan een huurachterstand voor het eerste pand. De verhuurder stelt de bestuurders van de BV hiervoor hoofdelijk aansprakelijk, omdat alle andere schuldeisers wel zijn betaald. Er is geen sprake van onbehoorlijke taakuitoefening van de bestuurders. Evenmin hebben zij zo onzorgvuldig gehandeld (of nagelaten te handelen) dat hen hiervoor persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt, oordeelt Hof Den Haag. Alleen de BV kan aansprakelijk worden gesteld.
14-11-2017


Minister betrekt crowdfundingsector bij opstellen nieuwe regels

Crowdfunding in onderhandse leningen groeit snel, maar formele regels zijn er nauwelijks. Crowdfundingplatformen hebben voor de Wet financieel toezicht (Wft) zelfs een ontheffing. Daarin moet verandering komen. Crowdfundingplatformen zijn vaak kleine bedrijven, waarvoor regels grote gevolgen kunnen hebben. Daarom roept oud-minister Dijsselbloem de crowdfundingsector op om mee te denken over de nieuwe regels voor crowdfunding. Het ministerie van Financiën is in dit kader een consultatieronde (doorklik maken). Belangstellenden kunnen tot 27 november 2017 reageren op de voorstellen.
14-11-2017


Een franchisegever sluit in 1997 een franchiseovereenkomst met een BV. De BV wordt het uitsluitend recht verleend om als zelfstandig ondernemer een snackbar te drijven. In november 2006 laat de franchisegever de BV weten dat zij de franchiseovereenkomst na de expiratiedatum opzegt, omdat de BV niet bereid is om de meest recente standaard franchiseovereenkomst te ondertekenen noch hierover in overleg te gaan. Volgens de overeenkomst kan de franchisegever slechts opzeggen als van haar in redelijkheid niet kan worden verlangd de overeenkomst te laten voortduren. Die situatie doet zich niet voor, oordeelt Rechtbank Rotterdam. De opzegging is niet rechtsgeldig.
17-10-2017


Hanteert uw cliënt algemene voorwaarden? In dat geval kan uw cliënt hier pas echt van profiteren, wanneer hij/zij aan enkele wettelijke vereisten voldoet. De belangrijkste hiervan is de informatieplicht. Uw cliënt moet als gebruiker (verkoper) de afnemer (koper) voldoende in de gelegenheid stellen om kennis te nemen van de algemene voorwaarden. Het al dan niet voldoen aan deze informatieplicht levert regelmatig discussies op over het toepassingsbereik van de algemene voorwaarden. Als hieraan niet is voldaan, maken de voorwaarden immers geen deel uit van de gesloten overeenkomst.
17-10-2017


Transport-BV mag schade op nalatige accountant verhalen

Een BV in de transportsector geeft een accountant opdracht om accountantswerkzaamheden voor haar uit te voeren. Na verloop van tijd blijkt dat diverse belastingaangiften te laat zijn ingediend. De Belastingdienst legt de BV daarvoor verzuimboetes op en brengt incassokosten in rekening. Ook loopt de BV een subsidie mis, omdat de accountant geen aanvraag heeft ingediend. De BV beëindigt de samenwerking, waarna zij in zee gaat met een derde die herrekeningen maakt, bezwaarschriften indient en daarvoor kosten in rekening brengt. De BV verhaalt de boetes en kosten terecht op de accountant, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. De accountant heeft niet voldaan aan zijn zorgplicht.
17-10-2017


Wetsvoorstel UBO-register verder doorgeschoven naar begin 2018

Het wetsvoorstel voor de invoering van het UBO-register gaat niet (zoals eerder aangegeven ) in december naar de Tweede Kamer, maar pas begin 2018. Dat heeft staatssecretaris Wiebes medegedeeld in een brief (doorklik maken, zie hieronder) aan de Tweede Kamer. Het is zijn bedoeling dat het Nederlandse UBO-register volgend jaar zomer in werking treedt. Dat wordt dus een jaar later dan dat Europeesrechtelijk is voorgeschreven. Het register had er immers al op 26 juni 2017 moeten zijn. Het is voorlopig dus nog niet duidelijk óf - en zo ja, hoe – er tegemoetgekomen wordt aan de kritiek ten aanzien van de privacybescherming van de UBO’s (Ultimate Benificial Owners).
17-10-2017


Een man en een vrouw sluiten een overeenkomst. De man betaalt de afgesproken hoofdsom niet. Hierover wordt een contractuele samengestelde rente bedongen, die later bij overeenkomst wordt gewijzigd in een maandelijkse vergoeding. De man betaalt ook nu de hoofdsom en de rentevergoedingen niet. De vrouw stelt dat de maandelijkse vergoeding niet meer kwalificeert als contractuele rente, maar als loon. Omdat de man pas na veel juridisch getouwtrek de hoofdsom en rentevergoedingen betaalt, meent de vrouw dat hij bovenop de contractuele rente ook nog wettelijke rente moet betalen. Dat is onjuist, oordeelt Rechtbank Amsterdam.
12-09-2017


Een vrouw verzorgt via haar BV bedrijfstrainingen. De BV en een externe trainer verzorgen trainingen voor een gezamenlijke klant. De BV factureert de werkzaamheden van de vrouw aan de trainer. Nadat hij enkele facturen niet heeft betaald, cedeert de BV haar vorderingen op hem aan de vrouw. Zij ontbindt het samenwerkingscontract en vordert onder meer betaling van facturen en een schadevergoeding. De vrouw kan zich niet beroepen op het contract, oordeelt Rechtbank Limburg. Niet zij maar haar BV is immers contractspartij. De vorderingen die zijn gebaseerd op de ontbinding van het samenwerkingscontract zijn daardoor niet toewijsbaar.
12-09-2017


Toestemming echtgenote voor borgstelling niet nodig

Een man en een vrouw zijn gehuwd. De man richt een BV op, waarbij hij en zijn vrouw via holdings bestuurder en aandeelhouder zijn. De BV sluit met een bank een financieringsovereenkomst om te investeren in de op te richten BV. Daarbij bedingt de bank een borgtocht, maar die wordt niet ondertekend door de vrouw. Wanneer de BV en de holdings failliet gaan, beroept de bank zich op de borgstelling. Terecht, oordeelt Hof Den Bosch. De toestemming is niet nodig, omdat de rechtshandeling waarvoor de borgtocht is verstrekt (het sluiten van financieringsovereenkomst tussen de bank en de BV), behoort tot normale bedrijfsuitoefening van de BV.
12-09-2017


Een zzp’er gaat met een internetdienstverlener een overeenkomst aan, waarin een beding staat over een opzeggingsvergoeding. De zzp’er moet bij voortijdige beëindiging van de overeenkomst een vergoeding betalen van 40% van de nog niet vervallen maandelijkse betaaltermijnen. Als deze situatie zich voordoet, beroept de internetdienstverlener zich op het beding en vordert de opzeggingsvergoeding. De zzp’er vindt dat hij als kleine ondernemer dezelfde rechtsbescherming dient te krijgen als een consument. Hij vindt het beding daarom onredelijk bezwarend en vernietigbaar. Het Hof geeft hem geen gelijk.
12-09-2017


Heeft u cliënten die in aanmerking komen voor compensatie in het kader van het uniform herstelkader rentederivaten? Weet dan dat er een onafhankelijke geschillencommissie rentederivaten mkb van start is gegaan. Ondernemers die van hun bank een compensatievoorstel hebben gehad en het daar niet mee eens zijn, kunnen bij deze commissie een klacht indienen. De commissie beoordeelt of de klacht terecht is. De uitspraak is bindend voor de bank en uw cliënt. Een zaak aan de geschillencommissie voorleggen kost € 250. Krijgt uw cliënt gelijk? Dan betaalt de bank deze kosten. De klachten kunnen alleen de compensatieregeling betreffen.
22-08-2017


Meer opbrengsten en minder kosten door modernisering faillissementsprocedure

Faillissementen moeten efficiënter en transparanter worden afgewikkeld met als gevolg, zodat er hogere opbrengsten zijn voor schuldeisers en minder kosten. Dit is de insteek van het Wetsvoorstel modernisering faillissementsprocedure dat onlangs is ingediend bij de Tweede Kamer. De doelen moeten worden bereikt door meer digitaal te werken en de curator meer mogelijkheden te geven om de faillissementsboedel efficiënt te beheren en te vereffenen. Daarnaast krijgen de rechter en de curator meer mogelijkheden om de bestaande voorzieningen van de Faillissementswet flexibeler in te zetten en wordt de rol van de insolventierechter verder gespecialiseerd.
22-08-2017


Uitkeringsbesluit dividend niet nietig

Een BV stelt een dividend van € 250.000 ter beschikking aan haar DGA, maar keert het dividend feitelijk niet uit. Zij meent geen dividendbelasting verschuldigde te zijn, omdat het uitkeringsbesluit nietig is. Het besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders is namelijk niet schriftelijk vastgelegd in notulen. Dat maakt het uitkeringsbesluit niet nietig, oordeelt Rechtbank Noord-Holland. Een dergelijke vastlegging is niet vereist voor een rechtsgeldige dividenduitkering. Het besluit is ook niet in strijd met de balanstest en de liquiditeitstest, waardoor ook is voldaan aan de uitkeringstoets.
22-08-2017


Komst UBO-register uitgesteld

Het UBO-register had er op 26 juni jl. moeten zijn, op grond van een Europeesrechtelijke verplichting. Nederland heeft deze deadline niet gehaald, net als veel andere lidstaten van de EU. Het conceptwetsvoorstel kreeg tijdens de consultatieronde al veel kritiek te verduren. Die kritiek richt zich vooral op de privacybescherming van de UBO’s (Ultimate Benificial Owners). Door het (deels) openbaar maken van het UBO-register, zou die onvoldoende zijn gewaarborgd. Het definitieve wetsvoorstel wordt niet eerder verwacht dan dit najaar. De kans is dus zeer klein dat het register er dit jaar nog komt.
22-08-2017


Er treedt nog meer vertraging op in de afhandeling van de derivatendossiers in het kader van het herstelkader. De toegezegde afronding per 1 juli 2017 is niet gehaald. Rabobank en ABN AMRO hebben al aangegeven dat zij niet in staat zijn om alle rentederivatendossiers in 2017 af te ronden. Enkele klanten krijgen pas in 2018 een aanbod tot herstel. De vertraging in de afhandeling is met name ontstaan door de vragen van banken, externe beoordelaars en belangenorganisaties na de publicatie van het herstelkader eind december 2016. De derivatencommissie heeft de vragen en antwoorden inmiddels gepubliceerd op haar website.
25-07-2017


Een BV heeft met een bank een financieringsovereenkomst gesloten. Een man heeft zich hiervoor borg gesteld tot een bedrag van € 100.000. De BV gaat op 6 april 2005 failliet. Het faillissement wordt op 2 maart 2006 opgeheven bij gebrek aan baten, waardoor de BV ophoudt te bestaan. De bank spreekt daarop de borg aan. Die stelt dat de vordering op de BV is verjaard en dat de borgtocht daarmee teniet is gegaan. Die stelling is onjuist, oordeelt de Hoge Raad. De verjaringstermijn van een vordering op een niet meer bestaande rechtspersoon loopt door zolang de vereffening van de rechtspersoon kan worden heropend.
25-07-2017


Verdeling activa en passiva onderneming na echtscheiding

Een echtpaar heeft een vof en is gehuwd in gemeenschap van goederen. Op 30 september 2009 wordt de echtscheidingsbeschikking ingeschreven in het register. Daaraan voorafgaand is de vof ontbonden, waarna de man de vof heeft voortgezet in de vorm van een eenmanszaak. Het echtpaar verschilt van mening over de verdeling van het ondernemingsvermogen. Het ondernemingsvermogen valt in de wettelijke gemeenschap van goederen, aldus Hof Den Haag. Voor de verdeling van de huwelijksgemeenschap moeten de schulden op 30 september 2009 worden vastgesteld op de nominale waarde. De activa moeten worden gewaardeerd op het (veel latere) moment van verkoop. Het negatieve exploitatieresultaat van de onderneming na de echtscheidingsdatum komt voor rekening en risico van de man.
25-07-2017


Een BV en haar dochter-BV gaan failliet. Inmiddels wordt met externe partijen onderhandeld over een doorstart. De curator verkoopt de activa uiteindelijk aan de koper met het lagere bod. Hij zegt met machtiging van de rechter-commissaris de arbeidscontracten van de werknemers op en informeert de ondernemingsraad (OR) over de verkoop van de bedrijfsactiviteiten. De OR verweert zich hiertegen, omdat zij geen gebruik heeft kunnen maken van haar adviesrecht (artikel 25, lid 1 WOR). Terecht, oordeelt de Hoge Raad. Het adviesrecht geldt ook tijdens een faillissement als de verkoop van activa plaatsvindt in het kader van een doorstart gericht op het behoud van arbeidsplaatsen.
25-07-2017


De ‘Wet versterking positie curator’ treedt in werking op 1 juli 2017. Onlangs is het daartoe strekkende besluit gepubliceerd. Het wetsvoorstel scherpt de inlichtingen- en medewerkingsverplichtingen aan en de plicht tot het overleggen van de administratie in een faillissement. Die plicht geldt zowel voor de gefailleerde zelf, als – op verzoek van de curator - voor degene die zijn/haar administratie verzorgt en deze onder zich heeft. Daarnaast krijgt de fraudesignalerende rol van de curator een wettelijke grondslag. Ook krijgt de curator meer mogelijkheden voor vervolgstappen wanneer hij/zij onregelmatigheden vaststelt.
20-06-2017


De maximale betaaltermijn van 60 dagen voor grote ondernemingen in hun overeenkomsten met mkb-bedrijven en zzp’ers treedt op 1 juli 2017 in werking. Dat heeft demissionair minister Blok van Veiligheid en Justitie bekendgemaakt. De nieuwe termijn geldt niet voor bestaande overeenkomsten, tenzij die één jaar na de inwerkingtreding nog bestaan. De termijn geldt voor overeenkomsten van ondernemingen die rechtspersoonlijkheid bezitten en onder het jaarrekeningregime vallen van middelgrote ondernemingen. Dit geldt ook voor overeenkomsten van natuurlijke personen die als zelfstandige gedurende twee van de drie balansdata aan die eisen voldoen.


Een onderneemster komt met een ondernemer overeen dat zij de aandelen in een horecabedrijf aan hem zal overdragen. Ook komen zij overeen dat hij de activa en passiva van dit bedrijf aan haar zal overdragen, zodat zij het bedrijf kan voortzetten. Zij leggen in een vaststellingsovereenkomst (vso) vast dat de activa/passivatransactie zal plaatsvinden op 8 mei 2017 en de aandelenoverdracht op 9 mei 2017. De activa/passivatransactie gaat echter op 8 mei niet door, omdat zij nog niet kan beschikken over de gelden uit de financiering voor de overname. De man meent dat zijn verplichting nu komt te vervallen, maar dat zij wel op 9 mei de aandelen aan hem moet leveren.
20-06-2017


De ROZ (Raad voor Onroerende Zaken) heeft een aangepast model huur woonruimte op zijn site geplaatst. Dit is het gevolg van een wetswijziging per 1 juli vorig jaar, waardoor het model nu meer opties voor tijdelijke huur heeft gekregen. Huurovereenkomsten kunnen nu worden aangegaan voor een periode korter dan 2 jaar (voor onzelfstandige woonruimtes 5 jaar) en ze kunnen eindigen zonder formele opzegging. Wel moet de huurder of verhuurder schriftelijk aangeven of de huur wordt verlengd (binnen 3 maanden respectievelijk 1 maand voor het einde van de huurperiode).
20-06-2017


Eerste inwerkingtredingsbesluiten verplicht digitaal procederen gepubliceerd

De eerste inwerkingtredingsbesluiten over het verplicht digitaal procederen zijn gepubliceerd in het Staatsblad. De ingangsdatum is 1 september 2017 bij de rechtbanken Gelderland en Midden-Nederland voor civiele handelsvorderingszaken vanaf € 25.000. Hiermee is een nieuwe stap gezet in de gefaseerde invoering van de wetten en besluiten van het programma KEI (Kwaliteit en Innovatie rechtspraak). Dit programma moderniseert de behandeling van zaken door digitalisering en vereenvoudiging van procedures. Voorlopig krijgen dus alleen advocaten hiermee te maken. Digitaal procederen is in civiele vorderingsprocedures al per 1 maart jl. ingevoerd bij de Hoge Raad.
16-05-2017


Een huurder huurt een loods met inpandige kantoorruimte. De verhuurder geeft eind september 2014 in een brief aan dat hij de huurovereenkomst per de eerst mogelijke datum wil beëindigen, vanwege de voortdurende betalingsachterstanden van de huurder. Opzegging is echter niet mogelijk vanwege het van toepassing zijnde huurregime. Daarom gaat de verhuurder een jaar later schriftelijk akkoord met een tegenvoorstel van de huurder om de huurovereenkomst per 15 oktober 2015 te beëindigen. Omdat de verhuurder pas kort voor de beëindigingsdatum akkoord gaat, vraagt de huurder uitstel tot 1 november 2015. Dit grijpt de verhuurder aan om de huurder alsnog te houden aan de opzegtermijn van 6 maanden die in de huurovereenkomst staat. Dat kan niet, oordeelt de kantonrechter.
16-05-2017


Er loopt tot en met 25 mei a.s. een internetconsultatieronde voor een wetsvoorstel waarin de afspraken van de Nederlandse Franchise Code wettelijk worden verankerd. Die afspraken worden nu niet goed nageleefd. De wettelijke verankering verplicht alle partijen om de code toe te passen. Dit leidt vooral tot versterking van de positie van de franchisenemer. Die wordt beter geïnformeerd, zodat hij of zij goed weet waarmee hij/zij instemt bij ondertekening van een franchiseovereenkomst. Daarnaast krijgt de franchisenemer de mogelijkheid om nadelige gevolgen van de overeenkomst terug te (laten) draaien en een vergoeding te claimen voor geleden schade.
16-05-2017


Een man en een vrouw oefenen in maatschapsverband een agrarisch bedrijf uit. Ze zijn op huwelijkse voorwaarden getrouwd. De man heeft het gebruik en genot van een stuk grond ingebracht in hun maatschap. Wanneer de onderneming wordt ingebracht in een BV, worden de boekingen op de agioreserves van de man en de vrouw vastgelegd in een notariële akte. Die boekingen worden later in een vaststellingsovereenkomst verhoogd voor de man en verlaagd voor de vrouw. Als zij scheiden, stelt de vrouw dat de waarden van de agioreserves uit de notariële inbrengakte bepalend zijn voor de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap.
16-05-2017


Aandeelhouders krijgen invloed op beloningsbeleid

Aandeelhouders krijgen in de Europese Unie invloed op het beloningsbeleid van directeuren. Zij toetsen het beleid aan de salarisontwikkeling van de werknemers van het bedrijf en aan de bedrijfsprestaties op langere termijn. Als het beloningsbeleid hier niet bij past, dan kunnen de aandeelhouders dat beleid afkeuren. De directie moet dan een nieuw beloningsvoorstel doen. Dit staat in een aanpassing van de Aandeelhoudersrichtlijn, waarmee het Europees Parlement onlangs heeft ingestemd. Na de goedkeuring van de Europese Ministerraad, hebben de EU-lidstaten twee jaar de tijd om de aanpassing te implementeren in hun wetgeving.
18-04-2017


Conceptvordering telt mee als steunvordering bij aanvraag faillissement

In een andere zaak wordt wel voldaan aan het pluraliteitsvereiste. De Belastingdienst heeft btw- en Vpb-vorderingen op een BV en dient een faillietaanvraag in. De rechtbank wijst dit verzoek af. De Belastingdienst benadert vervolgens andere schuldeisers die bij een eerder boekenonderzoek bij de BV in beeld waren gekomen. Deze schuldeisers leveren stukken aan die de Belastingdienst bij het hof aanvoert als bewijs dat de BV meerdere schuldeisers heeft. Hoewel enkele vorderingen van deze schuldeisers in de boekhouding van de BV als ‘concept’ zijn geboekt, wordt volgens het hof toch aannemelijk gemaakt dat de BV meerdere schuldeisers heeft. Het faillissement is terecht aangevraagd.
18-04-2017


Een schuldenaar wordt bij arbitraal vonnis in 2014 veroordeeld tot betaling van € 2.116.242 aan een schuldeiser. Het vonnis is onherroepelijk. De schuldeiser probeert daarna tevergeefs om het vonnis te executeren en verzoekt daarom om faillietverklaring van de schuldenaar. De rechtbank en het hof wijzen het verzoek af, omdat niet aan de vereiste wordt voldaan dat de schuldenaar een of meer andere schuldeisers niet heeft betaald (pluraliteitsvereiste). Dat oordeel is juist volgens de Hoge Raad. Het doel van een faillissement is de verdeling van het vermogen van een schuldenaar onder zijn/haar gezamenlijke schuldeisers.
18-04-2017


Het UBO-register moet er – vanuit een Europeesrechtelijke verplichting – uiterlijk op 26 juni 2017 zijn. In opmaat hier naartoe ligt er nu een conceptimplementatiewetsvoorstel ter consultatie van het deels openbare UBO-register. Hierin staat wie UBO’s (ultimate beneficial owners) zijn, van welke ondernemingen en rechtspersonen de gegevens van uiteindelijk belanghebbenden moeten worden geregistreerd, wie er toegang toe heeft, wie welke informatie moet aanleveren en welke informatie over een uiteindelijk belanghebbende wordt verstrekt. Het UBO-register wordt onderdeel van het Handelsregister bij de Kamer van Koophandel. Belangstellenden kunnen reageren tot 28 april 2017.
18-04-2017


Laatste ontwikkelingen Herstelkader rentederivaten

Nu het Uniform Herstelkader Rentederivaten MKB bekend is, zijn banken aan de slag gegaan met de vaststelling van de compensatie voor hun MKB-klanten met derivatencontracten. Onafhankelijke externe beoordelaars controleren of de banken het Herstelkader goed toepassen. Zij geven hierover een zogeheten assurancerapport af, waarin zij verklaren dat de bank de compensatie conform het Herstelkader heeft berekend. Er kunnen echter verschillen ontstaan tussen de berekening van de bank en die van de externe beoordelaars, bijvoorbeeld door afronding. De AFM maakt bekend dat afwijkingen kleiner dan 1% zijn toegestaan.
21-03-2017


De positie van e curator wordt sterker. Dat is te danken aan het ‘Wetsvoorstel versterking positie curator’ dat de Eerste Kamer gisteren heeft aangenomen. Het wetsvoorstel scherpt de inlichtingen- en medewerkingsverplichtingen aan en de plicht tot het overleggen van de administratie in een faillissement. Die plicht geldt zowel voor de gefailleerde zelf, als – op verzoek van de curator - voor degene die zijn/haar administratie verzorgt en deze onder zich heeft. Daarnaast krijgt de fraudesignalerende rol van de curator een wettelijke grondslag. Ook krijgt de curator meer mogelijkheden voor vervolgstappen wanneer hij/zij onregelmatigheden vaststelt.
21-03-2017


Is uw cliënt schuldeiser van een vof en wil hij/zij die vof failliet laten verklaren? Een advocaat kan dan een faillissementsaanvraag indienen. Is de vof failliet, dan betekent dit nog niet automatisch dat ook de vennoten failliet zijn verklaard. Als uw cliënt dat wenst, dan moeten de vennoten hiervoor separaat worden voorgedragen. Louter de vermelding van hun namen en adressen is niet afdoende. De advocaat kan bij het indienen van de faillissementsaanvraag tevens verzoeken om ook de vennoten failliet te verklaren. Wel moet er dan eerst separaat onderzoek worden gedaan of het faillissement voor de vennoten aan de orde kan zijn.
21-03-2017


Grote ondernemingen moeten een maximale betaaltermijn van 60 dagen hanteren in hun overeenkomsten met MKB-bedrijven en zzp’ers. Overeenkomsten met een langere betaaltermijn worden nietig verklaard en van rechtswege omgezet in overeenkomsten met een betaaltermijn van 30 dagen. Betaalt het grootbedrijf pas na 30 dagen? In dat geval is het bedrijf van rechtswege wettelijke handelsrente verschuldigd over de dagen waarmee de 30-dagentermijn wordt overschreden. Dit staat in het initiatiefwetsvoorstel ‘Tegengaan onredelijk lange betaaltermijnen’, dat de Eerste Kamer op 7 maart jl. heeft aangenomen.
21-03-2017


Het komt voor dat brievenbussen worden gelicht, waarna facturen worden vervalst. Er wordt dan een ander rekeningnummer geplaatst op de factuur. De nietsvermoedende klant betaalt de factuur vervolgens op het aangegeven rekeningnummer. Bij controle komt deze fraude aan het licht: de klant zegt al betaald te hebben, maar de crediteur heeft niets ontvangen. Wie draait hiervoor op? De klant of de crediteur? De klant blijft verantwoordelijk voor de betaling aan de crediteur. Dan pas heeft hij bevrijdend betaald. Dat dit niet is gelukt door fraude, blijft voor zijn rekening en risico. De klant moet zorgen dat de crediteur zijn geld krijgt.
21-02-2017


Maakt u een fout, dan bent u aansprakelijk voor de schade. In veel algemene voorwaarden wordt de aansprakelijkheid voor gevolgschade echter uitgesloten. Dit mag. Algemene voorwaarden gelden echter alleen als deze bij het aangaan van de overeenkomst ter hand zijn gesteld. Dit kan persoonlijk, per post of per mail. Alleen als dit echt niet kan, dan mag ernaar worden verwezen. Hier gaat het vaak fout, omdat slechts wordt volstaan met de korte mededeling onder aan het briefpapier dat de algemene voorwaarden zijn gedeponeerd bij bijvoorbeeld de griffie van de rechtbank. De rechter schuift de algemene voorwaarden dan ter zijde.
21-02-2017


Op 19 januari jl. is het initiatiefwetsvoorstel Wet Centraal Aandeelhoudersregister (CAHR) ingediend bij de Tweede Kamer. In dit niet-openbare, digitale register liggen gegevens vast over aandelen en aandeelhouders, maar ook van vruchtgebruikers en pandhouders van BV’s en niet-beursgenoteerde NV’s. Er worden geen gegevens over certificaathouders in het register opgenomen. Specifieke publieke diensten, notarissen en Wwft-instellingen kunnen het register raadplegen voor het voorkomen en bestrijden van financieel-economische criminaliteit. Het beheer van het CAHR komt in handen van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB).
21-02-2017


Vanaf het boekjaar 2016 geldt er een maximale deponeringstermijn van twaalf maanden. Dat is een maand korter dan voorheen. Zijn alle aandeelhouders van een BV tevens bestuurder (of commissaris)? In dat geval geldt een nog kortere deponeringstermijn. De jaarrekening is dan al vastgesteld, zodra zij deze hebben ondertekend. De termijn van acht dagen om de jaarrekening te deponeren bij de KvK, gaat dan direct in. Het niet tijdig deponeren is een economisch delict en kan bovendien tot bestuurdersaansprakelijkheid leiden als de vennootschap failliet gaat. Dit staat in de Uitvoeringswet Richtlijnen jaarrekening.
21-02-2017


Eind vorig jaar werd het herstelkader rentederivaten definitief vastgesteld. De zes grote banken die hiermee hebben ingestemd, zijn deze maand begonnen met de uitvoering ervan. Sommige klanten zijn inmiddels geïnformeerd over het proces en de verwachte doorlooptijden. De Rabobank verwacht pas over een half jaar de eerste herbeoordelingen naar gedupeerde ondernemers te kunnen versturen en in het slechtste geval pas in 2018. Op 4 januari jl. zijn hierover Kamervragen gesteld aan minister Dijsselbloem van Financiën.
24-01-2017


Verplichte inschrijving in accountantsregister geen ongeoorloofde verenigingsdwang

Een administrateur gaf zich uit voor accountant zonder te zijn ingeschreven in het accountantsregister van de NBA. Hij stelde echter dat de verplichte inschrijving in het accountantsregister een vorm van ongeoorloofde verenigingsdwang was in de zin van artikel 11 EVRM. Daarvan is geen sprake, oordeelt de Hoge Raad. De NBA is namelijk geen vereniging in de zin van artikel 11 EVRM. Dit artikel ziet niet op publiekrechtelijke organisaties. De NBA is een bij wet ingestelde beroepsorganisatie. Het door de NBA gehouden accountantsregister kan worden aangemerkt als een publiekrechtelijke beroepsorganisatie.
24-01-2017


Een vof heeft twee vennoten. De vof en de vennoten hebben leningen gesloten bij een bank. De hypotheken op de woningen van de vennoten dienen als zekerheid voor de terugbetaling van zowel zakelijke als privéschulden. Als de woning van een van de vennoten van de (inmiddels beëindigde) vof wordt verkocht, lost de bank met de executieopbrengst eerst de bancaire privéschuld af van de geëxecuteerde vennoot. Met wat overblijft lost de bank ook (een deel van) de zakelijke schulden af. Beide vennoten zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de zakelijke restschuld. De andere vennoot verzet zich tegen deze verdeling. Ten onrechte, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. De bank is als zekerheidseigenaar daarin in beginsel vrij.
24-01-2017


Het ondernemingsrecht wordt gemoderniseerd. Dit betekent ook dat de regels voor personenvennootschappen worden herzien. De huidige rechtsvormen van maatschap, vof en cv zijn verouderd en worden daarom aangepast, zodat zij beter aansluiten bij de behoefte van een onderneming. Een belangrijke wijziging is dat openbare personenvennootschappen rechtspersoonlijkheid krijgen na inschrijving in het Handelsregister. Dit moet de toe- en uittreding van vennoten vereenvoudigen. Ook krijgen ondernemingen meer mogelijkheden om te herstructureren via omzetting, fusie of splitsing.
24-01-2017