Waardeoverdracht kleine pensioenen

Pensioenuitvoerders hebben op basis van de huidige wettekst het recht om een zogenaamd klein pensioen (minder dan € 467,89 uitkering per jaar) af te kopen. Het Wetsvoorstel waardeoverdracht kleine pensioenen maakt het voor de pensioenuitvoerder ook mogelijk om – naast de afkoopmogelijkheid – de waarde van het kleine pensioen over te dragen aan de pensioenuitvoerder van de nieuwe werkgever. Op deze manier hoopt men de opeenstapeling van kleine pensioenen, en de daarbij behorende problemen van het item hiervoor, te voorkomen. Het is alleen jammer dat aan de waardeoverdracht de eis wordt gesteld dat er een nieuw dienstverband moet zijn. Op die manier vallen zzp’ers buiten de boot.
03-10-2017


Een man ontvangt in 2013 een bedrag van € 19.000. Dit bedrag had betrekking op de afkoop van een vijftal ‘kleine pensioenen’ (minder dan € 467,89 uitkering per jaar). De man had deze € 19.000 niet vermeld in zijn aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur corrigeert de aangifte. Naar het oordeel van de rechter is deze correctie terecht, ondanks het feit dat de afkoop zonder medewerking van de man heeft plaatsgevonden. Ook de stelling dat de afkoopsommen slechts een ‘papieren inkomen’ vormen, vindt geen genade; de bedragen zijn immers daadwerkelijk ontvangen.
03-10-2017


Gerechtvaardigd vertrouwen in bedrag pensioenuitkering

Een werknemer krijgt van het pensioenfonds (PMT) een opgave van pensioenuitkeringen die hij ontvangt bij pensionering. De vermelde bedragen hierop zijn echter te hoog berekend. De werknemer neemt op basis van deze cijfers ontslag en gaat met pensioen. Een halfjaar later meldt PMT dat de bedragen onjuist waren en verlaagt de uitkering. De rechter oordeelt dat de opgave een aanbod aan de werknemer inhield, ook al week de uitkering af van hetgeen op basis van het pensioenreglement had moeten worden uitgekeerd. Daar komt nog bij dat de werknemer een leek is op pensioengebied; hij mocht dus vertrouwen op de juistheid van de opgave.
03-10-2017


Een man en een vrouw zijn van elkaar gescheiden in 1986. Sinds 2009 ontvangt de man pensioenuitkeringen. De vrouw claimt na dertig jaar alsnog de verdeling van de door de man opgebouwde pensioenrechten. Ten tijde van de scheiding zijn daar volgens haar namelijk geen afspraken over gemaakt. Ook in de (nog) beschikbare documenten wordt niet gesproken over de verdeling van het pensioen. De man is niet in staat om het tegendeel te bewijzen. De rechter oordeelt dat de vrouw alsnog recht heeft op verdeling. De in de periode 2009-2016 uitgekeerde bedragen hoeven echter niet alsnog te worden verdeeld.
03-10-2017


Ondanks slechte financiële positie toch revisierente

Een belastingplichtige koopt in 2012 zijn lijfrente af. Omdat hij in een slechte financiële positie verkeert, vindt hij de opgelegde revisierente niet terecht. Hij vergelijkt zijn positie met die van langdurig arbeidsongeschikten. Deze mogen sinds 2015 (!) onder voorwaarden hun lijfrente afkopen, zonder dat daarbij revisierente wordt geheven. De rechter gaat niet mee in dit standpunt van de belastingplichtige; de revisierente is terecht. Temeer omdat de belastingplichtige geen feiten heeft gesteld op grond waarvan er sprake zou zijn van een onevenredig zware last ten opzichte van anderen aan wie ook revisierente in rekening is gebracht.
05-09-2017


Liquidatie bv; let op met afkoop pensioen (2)

De vergadering van aandeelhouders besluit in 2012 om de vennootschap te ontbinden. Bij deze ontbinding wordt de pensioenvoorziening verrekend met de rekening-courantschuld van de DGA aan de bv. De inspecteur rekent de waarde in het economisch verkeer van de pensioenverplichting tot het inkomen van de DGA. Het gerechtshof bevestigt het oordeel van de rechtbank; door het verrekenen van de pensioenverplichting heeft de DGA zijn pensioenaanspraken prijsgegeven. Het argument van de DGA dat hij hierdoor in een nadeliger positie terecht is gekomen dan wanneer de Wet uitfasering pensioen eigen beheer van toepassing was geweest, wordt verworpen.
05-09-2017


Graag op het juiste stippellijntje tekenen

In de situatie waarin de DGA in dienst is (geweest) bij een werk-bv, die hem een pensioentoezegging heeft gedaan waarvan de uitvoering is overgelaten aan de holding-bv, ontstaat de vraag met welke bv de DGA de afkoopovereenkomst moet sluiten. De holding-bv is de vennootschap die te zijner tijd de pensioenuitkeringen aan de DGA moet doen. Gaan we ervan uit dat de werk-bv netjes premies heeft betaald aan de holding-bv, dan is de holding-bv de contractspartij voor de afkoop van de pensioenaanspraken van de DGA. Ditzelfde geldt voor het geval waarin de DGA zijn pensioen wil omzetten in een ODV.
05-09-2017


De duur van uitkeringen uit hoofde van een ODV is gerelateerd aan de AOW-gerechtigde leeftijd van de DGA. Vanaf die datum hebben de uitkeringen een looptijd van 20 jaar. De uitkeringen mogen op z’n vroegst ingaan vijf jaar voorafgaand aan de AOW-leeftijd. De duur wordt dan verhoogd met het aantal jaren dat de uitkering eerder is ingegaan. Beginnen de uitkeringen meer dan 2 maanden na het bereiken van AOW-leeftijd? In dat geval wordt de periode van 20 jaar gekort met het aantal jaren die tussen de ingangsdatum en de AOW-leeftijd liggen.
05-09-2017


Een accountant-administratieconsulent geeft een samenstellingsverklaring bij de jaarrekening 2013 af van een tandartsenpraktijk. In de jaarrekening is een pensioenvoorziening in eigen beheer opgenomen. De opbouw van de aanspraken in de pensioenregeling is stopgezet. De AA heeft echter onvoldoende gecontroleerd of deze stopzetting correct is geformaliseerd. Het gaat echter vooral mis op dit punt: de AA heeft onvoldoende nagevraagd of de echtgenote van de DGA wel had ingestemd met het stopzetten. Voor deze onzorgvuldigheid wordt hij uiteindelijk berispt.
05-09-2017


Melding betalingsonmacht; bestuurder persoonlijk aansprakelijk

Een onderneming die verplicht is aangesloten bij het pensioenfonds voor het beroepsvervoer maakt niet op de wettelijk voorgeschreven manier melding van betalingsonmacht. Het pensioenfonds stelt de bestuurder persoonlijk aansprakelijk. De rechter geeft het pensioenfonds gelijk. De bestuurder geeft aan geen inzicht te hebben in de manier waarop de premie is berekend. De rechter oordeelt dat de bestuurder geacht wordt te weten welke werknemers er in dienst zijn. Bovendien heeft het fonds aangegeven hoe de premie is berekend. De stelling dat er geen financiële middelen zijn, wordt als onvoldoende gemotiveerd verworpen.
08-08-2017


Geen aanmelding: toch partnerpensioen

Een deelnemer aan het pensioenfonds van Achmea woonde ongehuwd samen. De relatie met zijn partner eindigt zonder dat daarbij afspraken zijn gemaakt over de verdeling van het partnerpensioen. De deelnemer vindt dat zijn partner geen recht heeft op bijzonder partnerpensioen, omdat hij die partner niet heeft aangemeld bij het pensioenfonds. Het pensioenreglement stelt voor het recht op partnerpensioen niet de eis dat de partner moet zijn aangemeld. De rechter beslist dan ook dat de partner in dit geval recht heeft op bijzonder partnerpensioen.
08-08-2017


Een werknemer heeft ten tijde van haar indiensttreding een afstandsverklaring ondertekend voor wat betreft de pensioenregeling van haar werkgever. Het arbeidscontract van de werknemer wordt per september 2015 beëindigd. Na deze beëindiging vordert zij alsnog, met terugwerkende kracht, opname in de pensioenregeling; zij zou onder druk zijn gezet om de afstandsverklaring te tekenen. De rechter oordeelt dat niet gebleken is van enigerlei druk door de werkgever. De afstandsverklaring heeft daarom rechtskracht.
08-08-2017


Overdracht pensioenpolis partner DGA naar eigen beheer

Stel, de situatie is als volgt. De echtgenote van de DGA heeft tot en met 1994 een pensioentoezegging gehad van de bv van haar man. Deze toezegging is in 1995 in z’n geheel ondergebracht bij een professionele verzekeraar. De echtgenote is zelf nooit aandeelhouder geweest van de bv van haar man. Zij wil in 2017 het bij de verzekeraar ondergebrachte kapitaal laten overdragen aan de bv van haar man. Deze overdracht is niet meer mogelijk. Artikel 36b Wet LB is als gevolg van de overdracht naar de verzekeraar in 1995 niet meer van toepassing.
08-08-2017


Afkoop pensioen; afkoopwaarde bij waardering op premiekoopsommethode?

Stel, de waardering van de pensioenvoorziening van de DGA heeft altijd plaatsgevonden op basis van de premiekoopsommethode. Eind 2015 bedroeg de voorziening volgens deze methode € 410.000. Doordat de pensioentoezegging in 2017 premievrij is geworden, dient de waardering op het afkoopmoment te geschieden aan de hand van de koopsommethode. Deze koopsommethode leidt vaak tot een lagere waardering. Bij afkoop per 1 oktober 2017 is de waarde van de voorziening volgens de koopsommethode € 395.000. Dit laatste bedrag is de afkoopwaarde. Over dit bedrag wordt ook de korting van artikel 38o, lid 1 Wet LB verleend.
08-08-2017


Betalingsonmacht melden blijft blijkbaar lastig

Als een bedrijf meldt dat het niet in staat is de premienota van een bedrijfstakpensioenfonds te betalen, moet dat bedrijf aangeven welke omstandigheden er de oorzaak van zijn dat de premienota niet kan worden voldaan. De mededeling van het bedrijf dat ‘… handhaving van de inschrijving (bij het pensioenfonds, red.) leidt tot een deconfiture …’ is daarvoor niet specifiek genoeg. In de zaak waarin dit speelde, oordeelde de rechter dat de brief waarin het bedrijf gewag maakt van betalingsproblemen, geen enkele duidelijkheid verschaft over de financiële positie van het bedrijf. De melding van betalingsonmacht was onjuist en de bestuurder kon worden aangesproken.
11-07-2017


Waardering voorziening op premiekoopsommethode; wat te doen met de vrijval?

De waardering van de pensioenvoorziening van de DGA is tot en met 2016 gebeurd op basis van de premiekoopsommethode. Als gevolg van het feit dat de pensioentoezegging in 2017 premievrij is geworden, dient de waardering te geschieden aan de hand van de koopsommethode. Deze koopsommethode leidt in het merendeel van de gevallen tot een lagere waardering op het afkoop- of omzettingsmoment dan wanneer er wordt gewaardeerd op basis van de premiekoopsommethode. De vrijval die daardoor ontstaat, moet op grond van artikel 8 lid 6 Wet Vpb verplicht in de winst van de bv vallen.
11-07-2017


Voor het afkopen of omzetten van zijn pensioenaanspraken heeft een DGA de instemming nodig van zijn partner. Onder partner wordt verstaan de echtgenoot, de geregistreerde partner of de partner in de zin van de pensioenovereenkomst die de DGA met zijn bv heeft afgesloten. Daarnaast moet ook de gewezen partner van de DGA instemmen met een voorgenomen afkoop of omzetting. De gewezen partner hoeft alleen instemming te verlenen als deze recht heeft behouden op een deel van de af te kopen of om te zetten pensioenaanspraak. Voor elke (ex-)partner moet een apart informatieformulier worden ingevuld.
11-07-2017


Werkgever aansprakelijk voor partnerpensioen?

Een werknemer geeft aan dat hij mee wil doen met de pensioenregeling van zijn werkgever, maar dat hij geen partnerpensioen wil verzekeren. Twee jaar later overlijdt de werknemer. Zijn echtgenote is door de zorg voor hun meervoudig gehandicapte zoon niet in staat om veel te werken. Zij claimt bij de voormalig werkgever partnerpensioen. De werkgever zou onvoldoende informatie hebben verschaft, waardoor deze onrechtmatig heeft gehandeld. De schade wordt begroot op ruim € 578.000. De rechter wijst de vordering af. Er is namelijk niet gebleken dat de werkgever onvoldoende informatie heeft verstrekt. Dat de werknemer zijn echtgenote niet heeft ingelicht, komt niet voor rekening van de werkgever.
11-07-2017


De afkoopsom van pensioenaanspraken wordt gezien als loon uit vroegere dienstbetrekking. De vennootschap die optreedt als pensioenuitvoerder, is verplicht om over de afkoopsom loonbelasting in te houden en af te dragen. Als de pensioenuitvoerende vennootschap nog geen aangifte loonheffingen doet, hoeft zij geen verzoek te doen tot het uitreiken van een aangifte loonheffingen. Na inzending van het informatieformulier over de afkoop zal de Belastingdienst zelf, eenmalig en digitaal, een aangifte loonheffingen uitreiken aan de pensioenuitvoerder.
11-07-2017


Klacht ex-partner tegen bank pensioen-bv

Een DGA en zijn ex-partner hadden afgesproken om de waarde van de te verevenen pensioenrechten in de bv van de DGA te laten zitten. Vervolgens gaat de DGA allerlei verplichtingen aan, waardoor de financiële positie van de bv, met daarin de pensioengelden van de ex-partner, achteruitgaat. De ex-partner dient bij het Kifid een klacht in tegen de bank. Zij vond dat de bank haar op de hoogte had moeten stellen van de financiële transacties van de DGA. Het Kifid wijst de klacht af, omdat de bank een zorgplicht had jegens de bv en niet jegens de ex-partner. De bank had voldoende vragen aan de bv gesteld omtrent de waarborging van het pensioenkapitaal.
06-06-2017


Eenzijdige wijziging premieverdeling niet toegestaan

Een werkgever had het pensioen voor zijn werknemers ondergebracht bij Delta Lloyd. Er gold in deze regeling geen eigen bijdrage voor de werknemers. Nadat de werkgever onder de verplichte werking van het pensioenfonds PMT viel, werd er eenzijdig door de werkgever een eigen bijdrage voor de werknemers ingevoerd. Een werknemer maakt bezwaar tegen deze eigen bijdrage en krijgt uiteindelijk gelijk van de rechter. De rechter oordeelt namelijk dat de achteruitgang in netto-inkomen (€ 200 per maand) zwaarder weegt dan het belang van de werkgever.
06-06-2017


U heeft een goed adviesgesprek gehad met DGA X en diens partner. Naar aanleiding van dat gesprek heeft X besloten om zijn pensioenaanspraken om te zetten in een ODV. De partner is het eens met deze keuze. X heeft tevens aangegeven dat zijn huisbank uitvoerder moet worden van deze ODV. De bv maakt het benodigde bedrag over aan de bank. Zowel de DGA als de bv denken dat een en ander nu goed is geregeld. Echter, de bank boekt het door de bv gestorte bedrag terug op een privérekening van de DGA. Wat is hier aan de hand?
06-06-2017


Het informatieformulier waarop de DGA zijn keuze voor afkoop of omzetting in een ODV kenbaar maakt aan de Belastingdienst, is gewijzigd. In de meest recente versie hoeft u minder bedragen door te geven dan in de eerste versie. U moet nu de fiscale waarde doorgeven van de pensioenvoorziening per 1 januari en 31 december 2015 en op het afkoop-/omzettingsmoment. Verder dient u de commerciële waarde van de voorziening op het afkoop-/omzettingsmoment te vermelden. De waarde van de voorziening per 31 december 2016 hoeft dus niet meer te worden vermeld, maar is nog wel nodig om een juiste aangifte Vpb 2016 te doen. Er wordt dus nog steeds extra rekenwerk verwacht.
06-06-2017


Coulanceperiode niet verlengd

Een derde van de DGA’s is niet op de hoogte van het feit dat er iets verandert met betrekking tot pensioenopbouw in eigen beheer. Voor de staatssecretaris is dit geen aanleiding om de coulanceperiode te verlengen, die loopt tot 1 juli 2017. Concreet betekent dit dat u – voor zover dat al niet eerder is gedaan – vóór 1 juli aanstaande de pensioenregeling van de DGA premievrij moet maken. Tevens moet een verzoek tot overdracht van extern verzekerd kapitaal voor die datum bij de verzekeringsmaatschappij binnen zijn. Voor keuze tussen afkoop, omzetting in een ODV of premievrije voortzetting van de pensioenregeling heeft u de tijd tot 31 december 2019.
06-06-2017


Echtscheiding – postrelationele solidariteit bij pensioenaanspraken

Als er bij echtscheiding sprake is van onderdekking van de in eigen beheer verzekerde pensioenaanspraken, moeten de beide ex-partners naar rato het verlies delen, aldus een aantal gerechtshoven. De Hoge Raad geeft nu aan dat ‘… een tekort in beginsel moet worden gedeeld, evenredig met de verhouding waartoe de verevening overeenkomstig de WVPS leidt …’. Dit arrest zou ook gevolgen kunnen hebben voor de compensatie die de DGA zijn partner moet geven (postrelationele solidariteit) indien hij overgaat tot afkoop of omzetting van zijn pensioenaanspraken. Deze compensatie zou dan zomaar beperkt kunnen worden tot een evenredig deel van de middelen die in de bv aanwezig zijn.
02-05-2017


Onduidelijke werkingssfeer pensioenfonds

De onderneming van een werkgever houdt zich bezig met de verwijdering van asbesthoudende materialen. De rechter vindt dat deze onderneming onder de werkingssfeer valt van het Bpf Bouw. Echter, de onderneming had een lopende pensioenvoorziening. De rechter oordeelt dat de tekst in de verplichtstellingsbeschikking pas met ingang van 1 januari 2016 zodanig was geformuleerd, dat volstrekt duidelijk werd dat de onderneming onder de werkingssfeer van het Bpf Bouw viel. Om die reden kan het Bpf slechts met terugwerkende kracht tot 1 januari 2016 premies vorderen.
02-05-2017


Niet correct ingevuld informatieformulier kan tot sancties leiden

Wanneer een DGA kiest voor afkoop of omzetting in een ODV, moet hij de Belastingdienst informatie verschaffen over de voorgenomen afkoop of omzetting. Deze informatie moet binnen een maand na de afkoop of omzetting worden verstrekt op een door de Belastingdienst ontwikkeld formulier (doorklik maken). De Belastingdienst stuurt vervolgens binnen een maand na ontvangst een ontvangstbevestiging aan de DGA. Onvolledig ingevulde of niet ondertekende formulieren worden geretourneerd, met het verzoek tot herstel. Wordt uiteindelijk niet aan de informatieplicht voldaan? Dan gelden de normale sancties voor het prijsgeven en/of afkopen.
02-05-2017


Waardering pensioenverplichting onjuist, wat nu?

In de praktijk komt het nogal eens voor dat een pensioenvoorziening niet overeenkomstig de regels van Wet IB 2001 en de Wet Vpb is gewaardeerd. Er is dan bijvoorbeeld jaarlijks ‘slechts’ 4% rente toegevoegd aan de voorziening. Hoe moeten we omgaan met een dergelijke niet juist gewaardeerde voorziening bij afkoop of omzetting in een ODV? De Belastingdienst heeft aangegeven dat er voor afkoop of omzetting in een ODV moet worden uitgegaan van de op de juiste grondslagen gewaardeerde pensioenvoorziening. Laat daarom op het afkoop- of omzettingsmoment, per 31 december 2015 en per 1 januari 2015 de juiste waardes berekenen.
02-05-2017


Als de DGA zijn in eigen beheer opgebouwde pensioenaanspraken wenst af te kopen, moet de bv loonbelasting inhouden op de afkoopsom en deze afdragen aan de Belastingdienst. De afkoopsom wordt namelijk gezien als loon uit vroegere dienstbetrekking. Deze afkoopsom is gelijk aan de fiscale waarde van de voorziening op het afkoopmoment. Het maakt daarbij niet uit dat de bv niet in staat is om de gehele pensioentoezegging na te komen (onderdekking). Voorwaarde voor afkoop is dat de bv in elk geval de verschuldigde loonbelasting kan voldoen.
02-05-2017


Omzetten ingegaan partnerpensioen

Een 52-jarige weduwe van een DGA ontvangt een partnerpensioen van de bv. Zij wil dit pensioen omzetten in een ODV. Vervolgens wil zij de uitkeringen die worden verstrekt door de bv direct laten ingaan. Omdat de weduwe nog niet de vroegst mogelijk ingangsdatum voor een ODV (AOW-leeftijd minus 5 jaar) heeft bereikt, is dit niet mogelijk. Haar alternatieven zijn de pensioenregeling voortzetten, deze afkopen, de pensioenregeling omzetten in een ODV en het saldo vervolgens afstorten in een lijfrente.
04-04-2017


Ingegane ODV omzetten in lijfrente niet mogelijk

Ontvangt de DGA uitkeringen uit hoofde van zijn ODV van de bv, dan is het niet mogelijk om deze ODV om te zetten in een lijfrente. Dit is volgens de Belastingdienst een logisch uitvloeisel van artikel 38p, lid 2 Wet LB. Dat betekent dus dat de beslissing om de uitkeringen uit de ODV door de bv te laten verzorgen, een weloverwogen keuze moet zijn. Met name de positie van de partner verdient hier aandacht. Immers, in geval van overlijden krijgen de erfgenamen – wanneer een ODV wordt uitgekeerd door de bv – de resterende uitkeringen. Bij een verzekerde lijfrente bestaat de mogelijkheid om de partner als begunstigde aan te wijzen.
04-04-2017


Een DGA wil graag zijn in eigen beheer opgebouwde pensioenaanspraken afkopen. Naast het eigen beheer heeft hij er ook voor gekozen om een externe pensioenverzekering te sluiten. Ook deze polis wil de DGA in de afkoop betrekken. Het is dan belangrijk om de te verrichten handelingen in de juiste volgorde af te werken. Allereerst moet de DGA een verzoek bij de verzekeringsmaatschappij neerleggen om de waarde van de polis over te boeken naar de eigen bv. Pas als dit kapitaal is overgeboekt naar de bv, kan de pensioenaanspraak worden afgekocht.
04-04-2017


Afkoop PEB en stamrecht in eigen beheer

Stel dat de bv van de DGA naast de pensioenverplichting ook nog een stamrechtverplichting jegens de DGA op de balans heeft opgenomen. De gehele afkoop van de pensioenaanspraken kan er dan toe leiden dat ook het stamrecht feitelijk wordt afgekocht. De Hoge Raad heeft in 2012 al beslist dat als er sprake is van meerdere verplichtingen in combinatie met onderdekking, de beschikbare middelen van de bv naar rato moeten worden verdeeld over deze verplichtingen. Zo kan dus een aanwezige stamrechtverplichting op de balans van de bv afkoop in het kader van het uitfaseren verhinderen.
04-04-2017


Wanneer de DGA kiest voor afkoop of omzetting in een ODV van bestaande, in eigen beheer opgebouwde, pensioenaanspraken, is hij verplicht om de Belastingdienst te informeren over de gemaakte keuze. Aan deze informatieplicht moet worden voldaan door binnen een maand na afkoop of omzetting een door de Belastingdienst opgesteld formulier in te vullen en te retourneren. Dit formulier is te downloaden van de website van de Belastingdienst. Het formulier dient mede te worden ondertekend door de partner van de DGA en eventueel ook de ex-partner(s). Welke informatie moet hierin worden verstrekt?
04-04-2017


Ontslagstamrecht valt buiten verrekening bij echtscheiding

Bij zijn ontslag in 2007 ontvangt een man een vergoeding van € 175.000 (stamrecht). Dit bedrag is door zijn toenmalige werkgever overgemaakt naar een eigen BV. De man was gehuwd buiten elke gemeenschap van goederen, met een periodiek verrekenbeding. Wanneer het echtpaar gaat scheiden, vordert de vrouw in de echtscheidingsprocedure een verdeling van het stamrecht. Er zijn op dat moment nog geen uitkeringen gedaan uit hoofde van dit stamrecht. De rechter oordeelt dat het stamrecht privévermogen van de man is en dat de aanspraak op toekomstige uitkeringen buiten de verrekening valt. De reden voor dit laatste oordeel is dat het verrekenbeding ziet op ‘besteedbaar inkomen’.
07-03-2017


Afkoop lijfrentepolis na overboeken kapitaal naar eigen BV

Een belastingplichtige had in 1990 een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule afgesloten bij Fortis ASR. De einddatum van de polis was 1 oktober 2008. De belastingplichtige heeft aan de verzekeraar kenbaar gemaakt dat hij het gehele kapitaalbedrag overgemaakt wilde hebben naar een bankrekening van zijn eigen BV. De BV heeft het bedrag van ruim € 86.000 vervolgens herbelegd. De inspecteur rekent dit bedrag tot het belastbaar inkomen van de belastingplichtige. De rechter geeft de inspecteur gelijk. Immers, er is niet op de juiste wijze uitvoering gegeven aan de lijfrenteclausule, waardoor er sprake is van afkoop.
07-03-2017


Wanneer er sprake is van extern verzekerd kapitaal, is het niet nodig om de overeenkomst aan te passen die er met de professionele verzekeraar is gesloten. Dit heeft de staatssecretaris aangegeven. Wel dient de pensioenovereenkomst tussen de DGA en de BV te worden aangepast, indien het de bedoeling is dat er na afloop van de coulanceperiode aanspraken worden opgebouwd bij de verzekeraar. Zo moet worden bepaald dat het niet meer mogelijk is om het extern verzekerde kapitaal na het verlopen van de coulancetermijn over te boeken naar de BV. Het extern verzekerde deel mag ook niet meer worden aangevuld met eigenbeheeraanspraken.
07-03-2017


Pensioen in eigen beheer verdwijnt: DGA moet keuzes vastleggen

De DGA zal een aantal keuzes moeten maken nu de mogelijkheid verdwijnt om pensioen in eigen beheer op te bouwen. Het is belangrijk om de uitwerking van deze keuzes vast te leggen in overeenkomsten. Zo zal de keuze voor afkoop, omzetting in een ODV of het premievrij voortzetten van de pensioentoezegging moeten worden vastgelegd in een overeenkomst tussen de DGA en de BV. Het is aan te raden om nu al secuur vast te leggen hoe de echtgeno(o)t(e) van de DGA bij een toekomstige echtscheiding wordt gecompenseerd voor het prijsgeven van rechten in geval van afkoop of omzetting in een ODV.
07-03-2017


Afschaffen eigen beheer een voldongen feit

De Wet uitfasering pensioen in eigen beheer is aangenomen door de Eerste Kamer. Dit betekent dat er vanaf 1 april 2017 geen nieuwe pensioenaanspraken meer mogen worden opgebouwd in eigen beheer. Er geldt een coulanceperiode van 3 maanden om de pensioenregeling premievrij te maken. Voor de op 1 april 2017 bestaande pensioenaanspraken moet uiterlijk 31 december 2019 worden gekozen tussen afkoop, omzetting in een ODV of premievrije voortzetting van de pensioenregeling. Bij de keuze voor afkoop en omzetting in een ODV is de fiscale waarde op het afkoop- of omzettingsmoment van belang. Dat betekent dus een tussentijds extra rekensommetje.
07-03-2017


Inhouding eigen bijdrage werknemer toegestaan

Na zijn ontslag vordert een werknemer van zijn ex-werkgever teruggave van de ingehouden eigen bijdrage in de pensioenregeling. Zijn reden hiervoor is dat deze eigen bijdrage nooit is vastgelegd in een schriftelijke arbeidsovereenkomst. De rechter oordeelt dat het pensioenreglement een eigen bijdrage toestaat en dat de ingehouden bijdragen de in het reglement opgenomen maxima nooit hebben overschreden. Verder stelt de rechter dat de eigen bijdrage altijd is vermeld op de loonstroken van de werknemer. Met dat laatste is voldaan aan de informatieplicht van de werkgever op grond van artikel 7:655 lid 2 BW. Daarmee zijn de inhoudingen terecht gedaan.
07-02-2017


De ondernemer uit het vorige item voerde bij het CBB ook nog aan dat een pensioenconsulent van het pensioenfonds hem per e-mail had medegedeeld dat zijn eigen regeling tijdig tot stand was gekomen. De ondernemer vond dat hij mocht vertrouwen op deze uitlating van de medewerker van het pensioenfonds. De rechter oordeelde dat het bestuur van het pensioenfonds beslist over het verlenen van vrijstellingen. Nergens was vast komen te staan dat de betreffende pensioenconsulent namens het bestuur mededelingen over vrijstellingen mocht doen. Er was dus geen sprake van opgewekt vertrouwen.
07-02-2017


Vrijstelling BpF wegens tijdige ‘eigen regeling’

Een onderneming wordt in 2012 aangeschreven door pensioenfonds Stipp. De ondernemer vraagt vrijstelling aan, omdat hij in februari 1998 – middels acceptatie van een offerte – een eigen pensioenregeling heeft afgesloten bij ZwitserLeven. De peildatum voor het tijdig tot stand komen van de eigen regeling was 22 maart 1998. Stipp voert aan dat de regeling desondanks niet tijdig tot stand is gekomen. De rechter geeft Stipp gelijk, omdat ZwitserLeven als voorwaarde voor het tot stand komen van de overeenkomst had gesteld dat er ten minste vijf werknemers moesten zijn aangemeld. Daarvan was op 22 maart 1998 geen sprake.
07-02-2017


Novelle uitfaseren eigen beheer; het wordt rekenen geblazen

De fiscale waarde van de pensioenverplichting op het afkoop- of omzettingsmoment is bepalend voor de berekening van de te betalen belasting bij afkoop van de pensioenaanspraak. Deze waarde bepaalt ook de beginwaarde van de ODV. Dit betekent dat er naast een berekening van de voorziening ultimo 2016 (nodig voor de jaarrekening en aangifte Vpb 2016) ook een berekening van de voorziening moet worden gemaakt op een datum ‘ergens’ in het kalenderjaar 2017…! En dan is bij de keuze afkopen ook nog de fiscale waarde van de voorziening ultimo 2015 van belang. Immers, over dat bedrag wordt de belastingkorting verleend.
07-02-2017


Het wordt onder voorwaarden mogelijk om toekomstige indexatielasten ten laste te brengen van het resultaat. Dit kunt u lezen in de novelle die op 23 januari jl. werd ingediend bij het wetsvoorstel tot uitfasering van het pensioen in eigen beheer. Nu dit pijnpunt wordt opgelost, lijkt het einde van het eigen beheer nabij. De nieuwe beoogde ingangsdatum van het wetsvoorstel is 1 april 2017. De al eerder toegestane coulancetermijn van drie maanden blijft gehandhaafd. Op de overige praktische pijnpunten ten aanzien van de positie van de partner en het terughalen van extern verzekerd pensioenkapitaal wordt in de novelle niet ingegaan.
07-02-2017


Veel zzp’ers stoppen te weinig geld in pensioenopbouw

Een groot deel van de zelfstandigen spaart te weinig voor hun pensioen, zo blijkt uit recent onderzoek van Netspar. Dit kan ertoe leiden dat deze groep later volledig afhankelijk wordt van de AOW en daardoor ook een relatief groter beroep moet doen op collectieve voorzieningen als de zorg- en huurtoeslag. De staatssecretaris van Sociale Zaken erkent dit risico, maar geeft aan dat er naar haar idee voldoende mogelijkheden voor zzp’ers zijn om hun pensioeninkomen goed te regelen. In aanvulling daarop geeft zij wel aan dat een soort opt-out variant - waar zelfstandigen automatisch aan deelnemen tenzij ze aangeven niet mee te willen doen - zeker tot de mogelijkheden behoort.
10-01-2017


Pas bij liquidatie bv op met afkoop pensioen

Een holding-bv heeft een pensioenverplichting voor de DGA op haar balans opgenomen. Er is overigens geen pensioenovereenkomst opgemaakt. De pensioenvoorziening was opgenomen voor een bedrag van € 60.000. Daartegenover stond een rekening-courantschuld van de DGA aan de bv van € 310.000. De holding-bv werd geliquideerd, waarbij de waarde van de pensioenaanspraak verrekend is met de rekening-courantschuld. De inspecteur stelt dat de pensioenverplichting is afgekocht. De rechter deelt dit standpunt en oordeelt verder dat er in dit geval een pensioentoezegging tot stand is gekomen – ondanks het feit dat een pensioenovereenkomst ontbreekt.
10-01-2017


Werkgever moet postrelationele zorgplicht respecteren

Een werkgever heeft de pensioenregeling van zijn actieve werknemers vanaf 1 januari 2014 ondergebracht bij een nieuwe pensioenuitvoerder. De inactieve (meest gepensioneerde) werknemers bleven achter bij de vorige uitvoerder. Deze groep inactieven claimt dat door het opzeggen van het contract met de vorige uitvoerder, hun vooruitzichten op voorwaardelijke indexatie teloor zijn gegaan. De rechter oordeelt dat de werkgever inderdaad onzorgvuldig heeft gehandeld en schadeplichtig is. Kortom, een werkgever moet bij het opzeggen van de uitvoeringsovereenkomst rekening houden met de belangen van (voormalige) werknemers.
10-01-2017


Voorwaarden duidelijk voor uitstel pensioeningangsdatum

Het Wetsvoorstel uitfasering pensioen in eigen beheer bevatte ook een versoepeling van de voorwaarden voor het uitstellen van de pensioeningangsdatum. Zo zou het met ingang van 1 januari 2017 niet meer vereist zijn om tijdens de uitstelperiode door te werken. Ook de 100%-grens zou in dit verband worden afgeschaft. De staatssecretaris had wel aangegeven dat hij deze maatregelen met terugwerkende kracht tot 1 januari 2017 zou invoeren. Inmiddels heeft de Belastingdienst in zijn Vraag & Antwoord van 22 december 2016 invulling gegeven aan deze toezegging van de staatssecretaris.
10-01-2017


Staatssecretaris Wiebes gaat zich beraden over een aanpassing van het Wetsvoorstel uitfasering pensioen in eigen beheer, zo heeft hij aangegeven. De staatssecretaris heeft ook gemeld dat hij een voorstel zal doen voor een nieuwe datum van inwerkingtreden. Concreet betekent dit dat er voorlopig geen sprake kan zijn van het afkopen van pensioenaanspraken noch van het omzetten in een ODV. Immers, de ‘oude’ wettekst blijft nog van toepassing. Dat heeft gevolgen voor onder andere pensioenregelingen waarvan de uitkeringen al zijn ingegaan.
10-01-2017