Studie-uren dierenarts tellen mee voor urencriterium

Een dierenarts werkt vanaf 2007 bij een andere dierenarts. Daar doet zij praktijkervaring op in de chiropractie en acupunctuur. Als de dierenarts in 2012 een eigen praktijk start, biedt zij beide therapieën ook in die praktijk aan. Tegelijkertijd volgt zij opleidingen in veterinaire acupunctuur en chiropractie. De inspecteur weigert ten onrechte de zelfstandigenaftrek door de bestede studie-uren aan deze opleidingen niet mee te tellen voor het urencriterium, aldus Hof Arnhem-Leeuwarden. De opleidingen strekken er namelijk niet toe de vakbekwaamheden uit te breiden, waardoor ook de aard van de diensten van de praktijk niet is uitgebreid.
19-10-2017


Aanpassing eigen bijdrage Wlz en Wmo door vervallen oudertoeslag

Sinds 1 januari 2016 is de ouderentoeslag - een verhoging van het heffingsvrije vermogen in box 3 - afgeschaft voor mensen die de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt. Dit heeft geleid tot een hoger bijdrageplichtig inkomen voor de eigen bijdragen in de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Om dit effect te neutraliseren, wordt een compensatie ingevoerd. Die is bedoeld voor AOW-gerechtigden met Wlz-zorg of maatwerkvoorzieningen vanuit de Wmo of beschermd wonen. Dit staat in een onlangs gepubliceerd besluit.
19-10-2017


Een kraamverzorgster ontvangt op 19 augustus 2015 een beschikking, waarbij de inspecteur de VAR-WUO herziet in een VAR-loon voor het jaar 2014. Omdat de herziening geen terugwerkende kracht kan hebben, stelt de inspecteur in hoger beroep dat de beschikking geen betrekking heeft op 2014, maar op de periode vanaf 19 augustus 2015. De voor 2014 afgegeven VAR-WUO geldt op grond van een goedkeuring namelijk ook voor 2015 tot de inwerkingtreding van de Wet DBA (1 mei 2016). Dit standpunt is onjuist, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. De (herzienings)beschikking ziet op één kalenderjaar en kan niet op grond van beleid worden verlengd.
19-10-2017


Andere fiscale maatregelen uit het Regeerakkoord

Naast de maatregelen uit het Regeerakkoord die we vorige week al noemden, zijn er meer fiscale maatregelen met de nodige impact. Zo worden (net als de hypotheekrenteaftrek) de zelfstandigenaftrek en de aftrek van andere aftrekposten vanaf 2020 jaarlijks afgebouwd met 3%, totdat een aftrek tegen een tarief van 36,93% is bereikt. In 2020 gaat het box-2-tarief omhoog naar 27,5% en in 2021 naar 28,5%. In de Vpb wordt de afschrijving op gebouwen in eigen gebruik beperkt tot 100% van de WOZ-waarde (nu 50% van de WOZ-waarde). De verlenging van de eerste tariefschijf in de Vpb wordt teruggedraaid en de voorwaartse verliesverrekening in de Vpb wordt beperkt tot zes jaar.
19-10-2017


Een man en een vrouw zijn sinds 1979 gehuwd op huwelijkse voorwaarden op basis van een wettelijk deelgenootschap. Zij sluiten in 2009 een overeenkomst, op grond waarvan de vrouw recht heeft op € 10 miljoen. In 2012 gaan enkele BV’s van de man failliet, waarde een FIOD- onderzoek volgt naar faillissementsfraude. De inspecteur belast de € 10 miljoen als schenking. Terecht, oordeelt Rechtbank Gelderland. De overeenkomst is geen uitvoering van de huwelijkse voorwaarden en er is geen sprake van een betaling tot uitvoering van een natuurlijke verbintenis. Een andere reden voor de overeenkomst is niet gesteld, zodat er sprake is van een schenking.
12-10-2017


Geen aftrek verlies op tbs-lening voor partner ab-houder zonder ab

Een vrouw leent aan de BV van haar man € 230.000. Er is sprake van een onzakelijke tbs-lening. Na twee jaar gaat de BV failliet. De vrouw brengt het afwaarderingsverlies op de tbs-lening ten laste van haar inkomen. Zij beroept zich daarbij op het gelijkheidsbeginsel. Ten onrechte, oordeelt de Hoge Raad. De vrouw is geen aandeelhouder en verkeert daardoor in een andere positie dan de aandeelhouder die aan zijn eigen BV een onzakelijke lening verstrekt. Het afwaarderingsverlies op de tbs-lening kwalificeert dan als informeel kapitaal. Dat verhoogt de verkrijgingsprijs van de aandelen, waardoor op termijn de ab-winst lager is.
12-10-2017


Een man geniet naast zijn pensioeninkomsten (€ 93.120) ook inkomsten (€ 41.911) uit werkzaamheden als octrooi- en patentgemachtigde. Hij verricht deze werkzaamheden vanuit een zelfstandige werkruimte in zijn woning. De kosten van die ruimte brengt hij in aftrek. De man stelt dat de aftrekbeperking voor de kosten van een werkruimte niet geldt voor zijn situatie, omdat de werkruimte is gerealiseerd door uitbreiding van een bestaande woning. Die stelling is onjuist. De aftrek is terecht geweigerd, oordeelt de Hoge Raad. De stelling vindt geen steun in de wet noch in de totstandkomingsgeschiedenis daarvan.
12-10-2017


Hoewel veel van de voorgenomen maatregelen van het nieuwe kabinet al eerder waren uitgelekt, zetten we de afgelopen dinsdag gepresenteerde fiscale maatregelen uit het Regeerakkoord nog even voor u op een rij. Allereerst gaat het aantal belastingschijven terug van vier naar twee (37% tot € 68.000 en daarboven 49,5%). Daarnaast wordt de hypotheekrenteaftrek vanaf 2020 met 3% per jaar afgebouwd, zodat de aftrek vanaf 2023 maximaal 37% bedraagt. Het eigenwoningforfait wordt verlaagd en de Hillen-regeling wordt in 30 jaar stapsgewijs afgeschaft. Het heffingsvrije vermogen gaat omhoog van € 25.000 naar € 30.000. Maar er is meer….
12-10-2017


Een woningcorporatie doet over 2015 aangifte verhuurderheffing. Op 1 januari 2015 staan de woningen van de corporatie echter leeg, omdat deze worden verkocht of gesloopt. Voor een deel van de gesloopte woningen is vervangende nieuwbouw gepland. Een leegstaande woning in verband met verkoop kwalificeert niet als sociale huurwoning, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant. Dat geldt ook voor een leegstaande woning in verband met sloop, ongeacht het feit of er vervangende nieuwbouw is gepland. Een leegstaande woning in verband met renovatie of onderhoud kan wel kwalificeren als sociale huurwoning.
05-10-2017


Verkrijgingsprijs ab-aandelen bij remigratie op historische kostprijs

Een man emigreert in 1991 naar België. Sinds 1994 bezit hij 50% van de aandelen in een BV. Op 11 maart 2003 remigreert hij naar Nederland. De waarde van de aandelen is dan € 844.304. De man verzoekt de inspecteur om de verkrijgingsprijs van de ab-aandelen hier op vast te stellen. De inspecteur stelt de waarde echter vast op de historische kostprijs van € 9.075. Terecht, oordeelt de Hoge Raad. Toen de man in België woonde was hij buitenlands belastingplichtig. Uit de wettekst en de wetsgeschiedenis volgt dan dat de verkrijgingsprijs niet wordt verhoogd (step-up). Hiervoor is niet relevant dat Nederland tijdens het verblijf van de man in België geen belasting kon heffen bij de vervreemding van de aandelen.
05-10-2017


Inspecteur moet belastbare winst redelijk schatten bij afwijken van aangifte

Een BV exploiteert een discotheek. Uit een boekenonderzoek blijken gebreken in de kasadministratie en uitbetaling van zwart loon. De inspecteur wijkt daarom bij de vaststelling van de Vpb-aanslag af van de aangifte. Wanneer er geen correcte aangifte is ingediend, mag de inspecteur daarvan afwijken, oordeelt Hof Den Haag. Wel moet de inspecteur daarbij een redelijke inschatting maken van de winst. Daarbij hoort geen theoretische omzetberekening die uitgaat van een brutowinstpercentage dat gemiddeld ongeveer 60% hoger ligt dan de gebruikelijke marge in de branche.
05-10-2017


Geen 22%-bijtelling in 2017 voor auto met 25%-bijtelling

Een man krijgt in januari 2017 een auto ter beschikking gesteld door zijn werkgever. Hij mag de auto ook privé gebruiken. De auto is 12 augustus 2016 voor het eerst op naam gesteld in het kentekenregister. De werkgever past de 25%-bijtelling toe voor het privégebruik. De man meent recht te hebben op een bijtelling van 22%. Dat is onjuist, oordeelt Rechtbank Den Haag. De bijtelling van 22% geldt alleen voor nieuwe auto’s die na 31 december 2016 voor het eerst op naam zijn gesteld. Deze auto’s zijn over het algemeen zuiniger. Het onderscheid is niet in strijd met het gelijkheidsbeginsel of met het recht op ongestoord genot van eigendom.
05-10-2017


Het nieuwe belastingverdrag met Duitsland kan nadelig uitpakken voor gepensioneerden in Nederland met een laag Duits pensioen. Tijdens de parlementaire behandeling van de goedkeuringswet voor dit verdrag zijn inkomensberekeningen gemaakt over de gevolgen van het verdrag. Hieruit bleek dat in Nederland wonende gepensioneerden met een laag Duits pensioen of een lage lijfrente of socialezekerheidsuitkering (in totaal minder dan € 15.000) er niet op achteruit zouden gaan. Wetswijzigingen in Nederland zorgen er echter voor dat dit nu toch gebeurt. Desondanks vindt staatssecretaris Wiebes aanpassing van het verdrag ongewenst.
28-09-2017


Wetsvoorstel implementatie ‘UBO’-register pas in december verwacht

Het wetsvoorstel Implementatiewet register uiteindelijk belanghebbenden wordt naar verwachting pas in december 2017 ingediend. Dit heeft de minister van Financiën laten weten in zijn brief van 8 september 2017. Nederland had deze wet in juni jl. al moeten invoeren. Deze verplichting vloeit voort uit de Europese Richtlijn 2015/849 om te voorkomen dat het financiële stelsel wordt gebruikt voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering. Het wetsvoorstel strekt tot invoering van een centraal register met informatie over uiteindelijk belanghebbenden – de ‘ultimate beneficial owners’ – van in Nederland opgerichte vennootschappen en andere juridische entiteiten.
28-09-2017


Zonder medisch voorschrift zijn aanpassingen woning niet aftrekbaar

Een vrouw lijdt aan diverse aandoeningen, zoals Parkinson en boezemfibrilleren. De vrouw heeft daarom enige aanpassingen aan haar woning doorgevoerd. De kosten hiervan verantwoordt zij als specifieke zorgkosten in haar aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur weigert deze aftrek, omdat de aanpassingen niet plaatsvonden op medisch voorschrift. Hof Den Bosch geeft de inspecteur gelijk. Weliswaar werden diverse verklaringen – van onder andere de gemeentelijke instellingen – overgelegd, maar deze zijn niet aan te merken als medisch voorschrift. Deze verklaringen zijn namelijk niet opgesteld door als genees- of heelkundige aan te merken hulpverleners.
28-09-2017


Een ondernemer verstrekt in 2011 uit vriendschap een lening van € 36.000 aan een vennootschap onder firma. Er moet € 6.000 per jaar worden afgelost, maar er worden geen zekerheden gesteld. In 2013 waardeert de ondernemer zijn vordering met € 12.000 af wegens oninbaarheid. De inspecteur weigert de afwaardering, omdat de lening tot het privévermogen van de ondernemer moet worden gerekend. Dat is terecht, oordeelt Rechtbank Noord-Holland. De lening is niet verstrekt binnen het kader van de normale bedrijfsuitoefening. De ondernemer had de vordering in de aangiften IB 2012 en 2013 overigens nog als box 3-vermogen verantwoord.
28-09-2017


Was uw cliënt op 1 januari 2017 in het bezit van meer dan 10 woningen, die bestemd waren voor de verhuur? In dat geval moet hij/zij waarschijnlijk verhuurderheffing betalen. De verhuurderheffing bedraagt 0,536% over de WOZ-waarde van de huurwoningen met een maximale huurprijs van € 710,68 (in 2017). De Belastingdienst heeft inmiddels de formulieren voor de aangifte verhuurderheffing 2017 beschikbaar gesteld. Uw cliënt moet de aangifte en de eventuele betaling van de verhuurderheffing uiterlijk 30 september 2017 hebben gedaan.
21-09-2017


Niet-ontvankelijkverklaring onterecht door onjuiste bezorging nota griffierecht

Een BV stelt cassatie in tegen de uitspraak van een rechtbank. Die had haar beroepschrift tegen een Vpb-aanslag niet-ontvankelijk verklaard, omdat de BV het griffierecht niet had betaald. De BV stelt dat zij de nota van het griffierecht noch de aangetekende betalingsherinnering heeft ontvangen. In dat geval moet de rechtbank onderzoeken of PostNL de herinnering op de juiste wijze heeft bezorgd op het adres van de BV, oordeelt de Hoge Raad. Nu blijkt dat PostNL de betalingsherinnering op een ander adres heeft bezorgd, dan het adres dat de BV in het beroepschrift had aangegeven, kan de rechtbank niet zonder meer overgaan tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroepschrift.
21-09-2017


Vraag tijdig aanslagen aan om box-3-grondslag te verlagen

Bepaalde belastingschulden kunnen op grond van artikel 5.3, lid 3, letter b Wet IB 2001 niet tot de box-3-grondslag behoren. Verzoekt uw cliënt de inspecteur om een voorlopige aanslag op te leggen en betaalt hij die voor het einde van het jaar? Dan vermindert de aanslag de box-3-grondslag wel. Maar bij een niet tijdig opgelegde aanslag, kan uw cliënt niet tijdig betalen. De staatssecretaris keurt goed dat een belastingplichtige die vóór 1 oktober van het jaar schriftelijk om een (nadere) voorlopige aanslag heeft verzocht, de desbetreffende belastingschuld al per 1 januari van het volgende jaar als betaald mag beschouwen bij de berekening van de grondslag van box 3.
21-09-2017


Eind september vervallen deadlines die voor u en uw cliënten van belang (kunnen) zijn. De geruisloze of ruisende inbreng van een onderneming in een BV met terugwerkende kracht tot 1 januari 2017 is mogelijk, maar daarvoor moet u wel vóór het eind van deze maand in actie komen. Dat geldt ook voor de ruisende inbreng per 1 juli 2017. Wil uw cliënt nog met fiscaal terugwerkende kracht tot 1 januari 2017 een maatschap of VOF aangaan? Of wil uw cliënt nog per 1 januari 2017 geruisloos terugkeren uit de BV of per 1 januari 2017 een bedrijfsfusie doorvoeren? Ook daarvoor is de deadline van 30 september 2017 van belang. Specifieke informatie over deze deadlines leest u in de ‘lees meer’.
21-09-2017


Een landbouwer, veehouder, tuinbouwer of bosbouwer maakt nu vaak gebruik van de landbouwregeling. Vorig jaar bij de Belastingplannen van 2017 is aangekondigd dat deze regeling vervalt per 1 januari 2018. Dat gaat nu daadwerkelijk gebeuren. Er is wel een overgangsregeling getroffen. De afschaffing van de landbouwregeling heeft grote gevolgen. De landbouwer, veehouder, tuinbouwer of bosbouwers worden vanaf 1 januari 2018 btw verschuldigd over hun leveringen en diensten. Dat zal meestal 6% zijn. De keerzijde is dat zij recht krijgen op aftrek van de btw die aan hen in rekening is gebracht.
20-09-2017


Voorstellen Overige fiscale maatregelen 2018

De volgende wijzigingen uit de Overige fiscale maatregelen 2018 treden in werking per 1 januari 2018, tenzij anders vermeld: • Vervallen tijdklemmen BEW, KEW, SEW en kapitaalverzekeringen in box 3 krijgen wettelijke grondslag; • Afschaffing inkeerregeling; • Één gezamenlijke mededeling voor alle in het kalenderjaar afgegeven S&O-verklaringen; • Gevolgen huwelijkse voorwaarden / notarieel samenlevingscontract voor de schenk- en erfbelasting na inwerkingtreding beperkte gemeenschap van goederen; • Een jaar langer multiplier vooraftrek culturele giften; • Expliciete opname in de wet van de aanslagtermijnen voor de schenkbelasting; • Aanpassing partnerbegrip: pleegkind geen toeslagpartner meer.
20-09-2017


Voorstellen uit het Belastingplan 2018

De volgende wijzigingen uit het Belastingplan 2018 gaan in op 1 januari 2018, tenzij anders vermeld: • Verhoging van de tarieven in de tweede en derde schijf met 0,05%; • Verhoging van de inkomensgrens naar de vierde belastingschijf van € 67.072 naar € 68.507 en verlaging van het tarief in deze hoogste schijf van 52% naar 51,95%; • Aanscherping definitie geneesmiddelen: onder het 6%-tarief vallen alleen producten waarvoor een (parallel)handelsvergunning is afgegeven op grond van de Geneesmiddelenwet, of als die daarvan uitdrukkelijk zijn vrijgesteld; • Aanpassing tariefbepalingen btw zeeschepen; • Tijdelijke verhoging van de kansspelbelasting van 29% naar 30,1%.
20-09-2017


Belastingplannen van een demissionair kabinet

Het is de politiek tot op dit moment nog niet gelukt om een nieuw kabinet samen te stellen. De Belastingplannen 2018 die gisteren op Prinsjesdag zijn gepresenteerd, komen dan ook van het demissionaire kabinet. De verwachtingen over de inhoud van deze plannen waren op voorhand daarom niet erg hooggespannen. Dat blijkt terecht te zijn. Hoewel de plannen – op de afschaffing van de landbouwregeling in de btw na - niet erg ingrijpend zijn, hebben we onderstaand toch de meest belanghebbende zaken voor u en het mkb puntsgewijs op een rij gezet.
20-09-2017


Geen aftrek voor onderhoudskosten tuin bij monumentenpand

Een eigenaar van een monumentale woning laat in 2012 zijn woning en de daarbij gelegen tuin een onderhoudsbeurt geven. De onderhoudskosten bedragen voor de woning ruim € 38.000 en voor de tuin bijna € 54.000. De eigenaar brengt alle onderhoudskosten in aftrek in zijn aangifte IB 2012. De inspecteur heeft terecht de aftrek geweigerd van de onderhoudskosten voor de tuin, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. De tuin is niet zelfstandig als monument aangemerkt en is ook niet als onderdeel van de monumentale woning ingeschreven in de registers van de Monumentenwet 1988.
14-09-2017


Intrekking ANBI-status wegens ondoorzichtige administratie

Een stichting houdt zich bezig met het inzamelen en verstrekken van hulpgoederen en medicijnen. Ook draagt zij bij aan de bouw van ziekenhuizen en verzorgingscentra in derdewereldlanden en zij organiseert projecten en informatiedagen. De inspecteur trekt in 2015 de ANBI-status van de stichting met terugwerkende kracht in, omdat de administratie niet voldoet aan de gestelde eisen. Terecht, aldus Hof Den Haag. De administratie geeft onvoldoende inzicht in de aard en de omvang waarin uitgaven zijn gedaan aan het algemeen belang van de stichting. De Belastingdienst kan daardoor niet controleren of de stichting het algemeen belang voor 90% of meer heeft gediend.
14-09-2017


Een gemeente stelt anti-kraakwoningen ter beschikking tegen een niet kostendekkende vergoeding. Ook stelt zij tegen vergoeding woningen ter beschikking die onder de Leegstandwet vallen. De gemeente vindt dat deze woningen niet onder de verhuurderheffing vallen, omdat er geen sprake is van verhuur maar van bruikleen. Dat is onjuist, er is namelijk geen sprake van een symbolische vergoeding, oordeelt Hof Den Bosch. De vergoeding vormt een tegenprestatie voor het (tijdelijk) ter beschikking stellen van de woningen. De anti-kraakpanden en de Leegstandwetwoningen vallen onder de verhuurderheffing.
14-09-2017


Er loopt tot 28 september 2017 een internetconsultatie over wetsvoorstellen met invorderingsmaatregelen tegen belastingontduiking en over het openbaar maken van vergrijpboetes opgelegd aan juridische adviseurs. De wetsvoorstellen betreffen de uitbreiding van de aansprakelijkstelling naar derden en maatregelen om de formele drempels weg te nemen bij aansprakelijkstelling. Ten aanzien van de openbaarmaking van vergrijpboetes worden vragen voorgelegd over de voorwaarden van niet-openbaarmaking, een minimale boete, een wettelijk beschermd beroep, het tijdstip waarop en via welk medium de opbaarmaking moet plaatsvinden.
14-09-2017


AWBZ-zorgverlener geen IB-ondernemer maar loongenieter

Een AWBZ-zorgverlener verleent via drie zorginstellingen thuiszorg. Hij heeft voor zijn werkzaamheden een VAR-WUO. Na een boekenonderzoek vervangt de inspecteur in 2013 de VAR-WUO door een VAR-loon. Terecht, oordeelt Rechtbank Noord-Nederland. De AWBZ-zorgverlener is geen IB-ondernemer. Hij is niet aangewezen als toegelaten zorginstelling en hij heeft geen contracten afgesloten met verzekeraars. Zijn werkzaamheden verricht hij bovendien op basis van overeenkomsten met zorgverleners. Ook kan de AWBZ-zorgverlener niet aannemelijk maken dat hij ondernemersrisico loopt. Kortom, er is sprake van loon uit dienstbetrekking.
14-09-2017


Een vrouw en haar kinderen erven van haar echtgenoot de aandelen in een vastgoed-BV en de aandelen in een andere BV. Aan die BV verhuurt de vastgoed-BV twaalf panden. Die panden worden vervolgens doorverhuurd aan horecagelegenheden. De vrouw vraagt de inspecteur om toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) voor verkrijging van de aandelen in de vastgoed-BV. De inspecteur heeft dit terecht afgewezen, oordeelt Hof Den Haag. De verhuuractiviteiten vormen geen materiële onderneming. De vrouw maakt niet aannemelijk dat met de verhuur van de panden een hoger rendement wordt behaald dan bij normaal actief vermogensbeheer.
07-09-2017


Onthouden partnervrijstelling aan zus niet discriminerend

De broer van een vrouw is overleden. Zijn echtgenote is enig erfgename. De broer heeft aan zijn zus een legaat van ruim € 722.000 toegekend. De aanslag erfbelasting wordt opgelegd met inachtneming van de vrijstelling voor overige verkrijgers (€ 2.057). De zus vindt het grote verschil in de SW tussen de partnervrijstelling en de vrijstelling voor overige verkrijgers in strijd met het discriminatieverbod in het EVRM. Daarvan is geen sprake, oordeelt Hof Den Haag. De partnervrijstelling is voorbehouden aan partners die wederzijds voor elkaar zorgen en niet bedoeld voor andere relaties. Hiermee blijft de wetgever binnen de ruime beoordelingsmarge die hij heeft.
07-09-2017


Een moeder schenkt haar kind alle aandelen in een BV. De aandelen vormen een fictieve onroerende zaak in de zin van artikel 4 WBR. Het kind meent recht te hebben op toepassing van de vrijstelling voor overdrachtsbelasting (OVB) bij bedrijfsopvolging. De inspecteur stelt dat die vrijstelling alleen geldt voor een IB-onderneming. Die stelling is onjuist, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. De vrijstelling geldt ook voor de verkrijging van aandelen in een onroerendezaaklichaam, mits de BV een materiële onderneming drijft én de volledige zeggenschap overgaat op het kind. Daarvan is hier sprake.
07-09-2017


Foute brieven Belastingdienst over correctie combinatiekorting

Eind augustus heeft de Belastingdienst brieven naar belastingplichtigen gestuurd met de mededeling te zullen afwijken van de ingediende aangifte IB 2015. Reden voor de afwijking is de onterecht genoten inkomensafhankelijke combinatiekorting. De afwijking is echter niet in alle gevallen juist. Dat geldt met name bij co-ouderschap, waarbij niet alle kinderen bij dezelfde ouder staan ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie. De Belastingdienst gaat nu nogmaals na of de aangeschreven belastingplichtigen recht hebben op de korting. Zij krijgen uiterlijk 15 september a.s. bericht of de aangifte IB 2015 al dan niet wordt gecorrigeerd.
07-09-2017


Eind september vervallen deadlines die voor u en uw cliënten van belang (kunnen) zijn. Zie de ‘lees meer’ hierna voor specifieke informatie over de deadlines voor de voorovereenkomsten voor: een maatschap en VOF, de ruisende of geruisloze inbreng in de BV, de ruisende inbreng per 1 januari 2017, de geruisloze terugkeer uit de BV en de bedrijfsfusie. Ook treft u daar meer informatie aan over de verlaging van de grondslag van box 3 door de aanvraag van (nadere) voorlopige aanslagen.
07-09-2017


In Nederland gevestigde voormalige ANBI’s die hun status op of na 1 januari 2013 hebben verloren, moeten de gegevens over 2016 vóór 1 september 2017 aanleveren bij de Belastingdienst, op straffe van een boete. De informatieplicht betreft de gegevens over het verloop van het eigen vermogen van de ANBI (inclusief stille reserves) vanaf het moment dat de ANBI-status eindigde, verminderd met de uitgaven en kosten voor de goede doelen. Ook moet informatie worden verstrekt over de in 2016 ontvangen donaties en schenkingen. De informatieplicht bestaat zolang het eigen vermogen van de voormalige ANBI meer bedraagt dan € 25.000.
24-08-2017


Eén WOZ-beschikking voor gezamenlijke erfgenamen volstaat

Een vrouw erft in 2012 samen met andere erfgenamen een onroerende zaak. In 2016 verzoekt zij de gemeente om hiervoor aan haar een op haar naam gestelde WOZ-beschikking af te geven. De gemeente weigert dit, omdat zij als mede-erfgenaam al een WOZ-beschikking heeft gehad. Er is namelijk al een op naam van de gezamenlijke erven gestelde WOZ-beschikking verzonden aan de executeur. De gemeente heeft het verzoek terecht afgewezen, oordeelt Rechtbank Limburg. Zij hoeft niet aan iedere erfgenaam afzonderlijk een WOZ-beschikking af te geven.
24-08-2017


Heeft u cliënten die zich bezighouden met energiebesparende en/of milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen? Attendeer hen er dan op dat zij nog tot en met 31 augustus 2017 nieuwe bedrijfsmiddelen bij de RVO kunnen aanmelden voor opname op de Energielijst 2018 (doorklik maken, zie hieronder) of de Milieulijst 2018 (doorklik maken). Bedrijfsmiddelen op de Energielijst komen in aanmerking voor de energie-investeringsaftrek (EIA). De EIA komt bovenop de gebruikelijke afschrijving op de investering. Bedrijfsmiddelen op de Milieulijst komen in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek (MIA) en de willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil).
24-08-2017


Bij onzakelijk afsplitsing geen splitsingsvrijstelling OVB

Een koper van aandelen wil niet de onroerende zaken in de onderneming overnemen. Daarom worden deze afgesplitst en ondergebracht in een nieuw opgerichte BV. Vervolgens worden binnen drie jaar na de afsplitsing de aandelen in de onderneming verkocht aan de koper. De afsplitsing heeft bij wetsfictie plaatsgevonden op onzakelijke overwegingen, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant. De opgerichte BV heeft namelijk niet het tegenbewijs geleverd dat aan de afsplitsing wel hoofdzakelijk zakelijke motieven ten grondslag liggen. De splitsingsvrijstelling geldt dan niet. Zij moet dus overdrachtsbelasting (OVB) betalen.
24-08-2017


Heeft u cliënten die betalingsproblemen hebben door de vondst van Fipronil in eieren? In dat geval kunnen zij – onder voorwaarden – langer dan maximaal 12 maanden uitstel van betaling krijgen voor de belastingaanslagen en -afdrachten. Ook hoeven zij niet voor het volledige bedrag zekerheid te geven. Wel moet een derde deskundige, zoals een accountant, een verklaring afgeven, om daarmee aannemelijk te maken dat de onderneming gezond en levensvatbaar is. Aanvullende voorwaarden zijn dat de onderneming werkelijk bestaande betalingsproblemen heeft die van tijdelijke aard zijn, die vóór een bepaald tijdstip worden opgelost.
24-08-2017


Een bv ontvangt een aanslag Vpb over 2013 met een verlies van nihil. De aanslag vermeldt tevens de nog verrekenbare verliezen over de jaren 1996 tot en met 1999 en over 2002 van bijna € 24.000. Hoewel op de aanslag is vermeld dat deze verliezen niet bij voor bezwaar vatbare beschikking zijn vastgesteld en dat verrekening van de verliezen aan wettelijke voorwaarden en termijnen is gebonden, meent de bv dat zij de verliezen kan verrekenen. De verliezen zijn te oud om te verrekenen, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant. Aan de mededeling op de aanslag kan niet het gerechtvaardigd vertrouwen worden ontleend dat verliesverrekening mogelijk is.
10-08-2017


Afschaffing aftrek scholingsuitgaven en uitgaven monumentenpanden uitgesteld

De aftrek scholingsuitgaven zou vanaf 2018 worden afgeschaft en worden vervangen door een nieuwe niet-fiscale uitgavenregeling in de vorm van scholingsvouchers. De invoering van deze nieuwe regeling vergt echter meer tijd dan eerst werd gedacht. Daarom wordt de bestaande aftrek van scholingsuitgaven nog een jaar langer voortgezet. Ook de vervangende subsidieregeling voor de aftrek uitgaven voor monumentenpanden wordt pas op 1 januari 2019 ingevoerd. Dit laat minister Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) weten in een brief aan de Tweede Kamer.
10-08-2017


Heeft u cliënten die zich bezighouden met energiebesparende en/of milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen? Attendeer hen er dan op dat zij tot en met 31 augustus 2017 nieuwe bedrijfsmiddelen kunnen aanmelden voor opname op de Energielijst of de Milieulijst 2018. Zij dienen hun voorstel in bij de RVO. Daarvoor zijn een speciale voorstelformulieren aangemaakt (zie de lees meer). Bedrijfsmiddelen op de Energielijst komen in aanmerking voor de energie-investeringsaftrek (EIA). De EIA komt bovenop de gebruikelijke afschrijving op de investering. Bedrijfsmiddelen op de Milieulijst komen in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek (MIA) en de willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil).
10-08-2017


Onjuiste tariefgroep erfbelasting: fiscus vist achter het net

Een man erft in 2012 van zijn broer ruim € 1,9 miljoen. Hij doet aangifte erfbelasting. De inspecteur legt hem ten onrechte een aanslag erfbelasting op met toepassing van tariefgroep 1 (ouders/kinderen). Als de inspecteur hier in 2015 achter komt, legt hij een navorderingsaanslag op. De indeling in een onjuiste tariefgroep kan niet door middel van navordering worden gecorrigeerd, ook al was de vergissing kenbaar bij de man, oordeelt Rechtbank Gelderland. Het is geen tik- of schrijffout. De keuze voor de tariefgroep is door een belastingambtenaar gemaakt bij het toekennen van een code. Ook een controlerend collega had de fout niet gezien.
10-08-2017


In Nederland gevestigde voormalige ANBI’s die hun status op of na 1 januari 2013 hebben verloren, moeten de gegevens over 2016 vóór 1 september 2017 hebben aangeleverd bij de Belastingdienst, op straffe van een boete. De informatieplicht betreft de gegevens over het verloop van het eigen vermogen van de ANBI (inclusief stille reserves) vanaf het moment dat de ANBI-status eindigde, verminderd met de uitgaven en kosten voor de goede doelen. Ook moet informatie worden verstrekt over de in 2016 ontvangen donaties en schenkingen. De informatieplicht bestaat zolang het eigen vermogen van de voormalige ANBI meer bedraagt dan € 25.000.
10-08-2017


Een dochter krijgt van haar vader alle aandelen in een vastgoed-BV geschonken. De waarde van de vastgoedportefeuille bedraagt ongeveer € 6 miljoen. De vastgoed-BV is een materiële onderneming. De dochter meent gebruik te kunnen maken van de vrijstelling voor overdrachtsbelasting (OVB) bij bedrijfsopvolging. De inspecteur stelt dat die vrijstelling alleen geldt voor een IB-onderneming en heft OVB na. Die stelling is onjuist, oordeelt Rechtbank Noord-Holland. Op grond van de wetsgeschiedenis, de strekking van de doorkijkarresten en de structuur van de WBR geldt die vrijstelling ook voor de verkrijging van aandelen in de vastgoed-BV.
27-07-2017


Het oordeel van de Hoge Raad over de conserverende aanslag voor pensioen- en lijfrenteaanspraken bij emigratie betreft de prejudiciële vragen over de eventuele strijdigheid met de goede verdragstrouw die Rechtbank Zeeland-West-Brabant had voorgelegd. De rechtbank zal nu uitspraak moeten doen aan de hand van dit antwoord van de Hoge Raad. Geen eenvoudige klus, gezien de rekenexercitie die nodig is voor een juiste compartimentering van de pensioen- en lijfrenteaanspraken bij de vaststelling van de conserverende aanslag.
27-07-2017


Een dga emigreert in 2014 naar Frankrijk. Hij bezit alle aandelen in een holding-BV met een 100% dochter-BV. De dga heeft in 1997 zijn onderneming ingebracht in de BV-structuur en daarbij een lijfrente bedongen. Vanaf 1997 tot en met 2009 bouwt hij ook pensioen op in eigen beheer. Direct voorafgaand aan zijn emigratie in 2014, legt de inspecteur hem een conserverende aanslag op voor de lijfrente- en pensioenaanspraken. Dat is volgens de Hoge Raad in strijd met de goede verdragstrouw, voor zover de aanslag niet ziet op de terugname van voorwaardelijk afgetrokken lijfrentepremies en evenmin op voorwaardelijk vrijgestelde pensioenaanspraken.
27-07-2017


De Belastingdienst heeft een nieuw formulier gepubliceerd voor de aanmelding van een open fonds voor gemene rekening. In het formulier moeten gegevens worden vermeld, op grond waarvan de Belastingdienst kan beoordelen of het aangemelde fonds daadwerkelijk een open fonds voor gemene rekening is. Naast dit formulier moet ook het formulier 'Opgaaf startende onderneming' worden ingevuld en ondertekend. Beide formulieren met de bijbehorende bijlagen moeten samen in één envelop naar de Belastingdienst worden gestuurd.
27-07-2017


Een man en vrouw herfinancieren hun eigenwoningschuld met een kredietovereenkomst van ruim € 4,5 miljoen. Deze overeenkomst bestaat uit twee leningen met een variabele rente en twee swapovereenkomsten. De man brengt alle rente in aftrek, maar de inspecteur weigert de aftrek. Terecht, oordeelt de Hoge Raad. Alleen de kosten die direct samenhangen met het opnemen, verlengen of aflossen van een eigenwoningschuld worden hiertoe gerekend. De samenhang tussen het aangaan van de eigenwoningschuld en de renteswapovereenkomsten is onvoldoende om de renteswap te kwalificeren als aftrekbare kosten voor de eigen woning.
27-07-2017


Een man woont sinds 1997 samen met een vrouw in zijn woning. Ze waren niet gehuwd en ze waren evenmin geregistreerde partners van elkaar. In 2003 sluiten zij een samenlevingscontract met elkaar, maar de man verhuist in 2008 naar Duitsland. Hij is daarbij van mening dat zijn woning sinds zijn vertrek nog steeds een eigen woning in box 1 is, omdat de uitzendregeling van art. 3.111 lid 6 Wet IB 2001 hierop van toepassing is. De inspecteur is het daar niet mee eens en neemt de woning op als bezitting in box 3. Rechtbank Gelderland geeft de inspecteur gelijk.
07-07-2017


Een man claimt in zijn IB-aangifte 2013 een bedrag van € 7.607 als aftrekbare studiekosten, gemaakt door zijn partner. De partner volgde in 2013 een opleiding sociaal juridische dienstverlening aan de Hogeschool InHolland. De inspecteur weigerde deze aftrek voor een bedrag van € 5.592; dit bedrag was besteed aan de losbladige Editie Cremers en Ars Aequi. Rechtbank Den Haag geeft de inspecteur gelijk. Het betreft namelijk geen verplicht studiemateriaal. De rechtbank oordeelde dat de wetgever zich bewust was van de mogelijke discussies over het in aftrek brengen van aftrekposten met een gemengd karakter (hier: de studiekosten) en de uitvoeringsproblemen die daarbij kunnen ontstaan.
07-07-2017


Een vrouw heeft in haar aangifte IB 2014 aftrek voor specifieke zorgkosten geclaimd. Zij heeft uitgaven als hulpmiddelen opgevoerd voor Tena Lady (€ 121) en voor latex handschoenen (€ 1.754). De inspecteur heeft de aftrek van deze uitgaven geweigerd. Rechtbank Breda komt tot een ander oordeel. Mevrouw heeft onweersproken gesteld dat zij last heeft van incontinentie en een rectumprolaps. Het staat voor de rechtbank dan ook vast dat de vrouw de uitgaven voor Tena Lady heeft gedaan in verband met deze aandoeningen. De rechtbank acht dit hulpmiddel verder van een zodanige aard, dat het hoofdzakelijk wordt gebruikt door zieke of invalide personen.
07-07-2017


Restschuldregeling eigen woning niet verlengd

De restschuldregeling voor de eigen woning verlengen tot na 31 december 2017? Daar voelt demissionair staatssecretaris Wiebes van Financiën niets voor, zo heeft hij te kennen gegeven in antwoord op Kamervragen. De restschuldregeling was ingevoerd per 29 oktober 2012, met als doel de doorstroming op de woningmarkt te bevorderen. Deze regeling loopt op 31 december 2017 af. Toen de regeling ingevoerd werd, was er al voor gekozen dat deze maatregel tijdelijk zou zijn. Volgens Wiebes blijkt nu dat het herstel van de woningmarkt sterker is geweest dan toen kon worden verwacht. Verlenging van deze regeling is dus niet nodig – en zou bovendien fiscale derving als gevolg hebben.
07-07-2017


Een man heeft in 2012 1.419 uren (inclusief reistijd) besteed aan zijn baan als hoofd ICT. In de avonduren en weekenden verzorgt hij als ondernemer optredens als diskjockey en verricht hij automatiseringsactiviteiten. De man stelt dat hij in 2012 1.452 uur aan zijn ondernemingsactiviteiten heeft besteed. Als gevolg daarvan trekt de man de conclusie dat hij recht heeft op de zelfstandigenaftrek, omdat hij meer dan de helft van zijn werktijd aan zijn ondernemingsactiviteiten heeft besteed. De inspecteur weigert dit en Hof Den Haag geeft de inspecteur gelijk.
29-06-2017


Een man verricht werkzaamheden als secretaris bij stichting A. Voor het bijwonen van vergaderingen ontvangt hij € 2.080 aan vacatiegelden. De man is van mening dat hiervan slechts een bedrag van € 508 belast is, vanwege de toepassing van de vrijstelling van € 1.500 voor vrijwilligersvergoedingen. De inspecteur corrigeert de aangifte en is van mening dat het volledige bedrag van € 2.080 belast is. Rechtbank Zeeland-West-Brabant geeft de inspecteur gelijk. De vrijwilligersvergoeding is in zijn geheel niet van toepassing, omdat de brutovergoeding meer dan € 1.500 bedraagt en de wet geen ruimte biedt voor partiële toepassing van de vrijstelling.
29-06-2017


Een BV exploiteert een advocatenpraktijk. Haar enig aandeelhouder en bestuurder werkt als advocaat in een advocatenmaatschap. De BV neemt (binnen haar FE voor de Vpb) deel in deze maatschap, waarin de BV en drie andere maten deelnemen, die allen gelijkgerechtigd zijn. In 2012 behaalt de BV winst bij de verkoop van een pand. De BV verhuurde dit pand op het moment van verkoop geheel aan derden. Er is door de BV geherinvesteerd in een reeds eerder gekocht ander pand, dat verhuurd wordt aan de maatschap. De BV brengt de boekwinst in de HIR en boekt deze HIR vervolgens af op het nieuwe pand. Hof Den Haag oordeelt dat afboeking slechts voor een deel kan plaatsvinden.
29-06-2017


Een vrouw exploiteert samen met haar echtgenoot een garagebedrijf als VOF. De inspecteur weigert de door haar geclaimde zelfstandigenaftrek (2009 t/m 2013) en MKB-winstvrijstelling (2009). De inspecteur is namelijk van mening dat de door haar verrichte werkzaamheden hoofdzakelijk ondersteunend van aard zijn. Om die reden vindt hij dat zij niet voldoet aan het urencriterium als bedoeld in artikel 3.6 Wet IB 2001. Hof Arnhem-Leeuwarden stelt echter dat aan de toepassing van het urencriterium niet wordt toegekomen en dat de geclaimde zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling wel terecht is.
29-06-2017


Een uitbater van een cafetaria verhuist in 2014 naar een woning die – anders dan zijn oude woning – beschikt over een berging. Daarin kan hij de twee vriezers en een koeling plaatsen die hij gebruikt in het kader van zijn onderneming en die tot dan toe bij zijn ouders stonden. De apparatuur kan niet worden ondergebracht in of bij zijn elders gevestigde onderneming. Hij trekt in zijn IB-aangifte de verhuiskosten niet af van zijn winst, maar verzoekt in de bezwaarfase alsnog om de forfaitaire aftrek van € 7.750 voor de kosten van het overbrengen van zijn inboedel. Terecht, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant. De verhuiskosten zijn zakelijk.
22-06-2017


De inspecteur verzoekt een man sinds 2002 om informatie over een buitenlandse bankrekening. De man stelt dat de rekening in 1995 is opgeheven. In 2013 geeft de inspecteur uiteindelijk een informatiebeschikking af. De man stelt dat de bank alle gegevens inmiddels heeft vernietigd. De informatieplicht (artikel 47 AWR) en de administratie- en bewaarplicht (artikel 52 AWR) bevatten verschillende verplichtingen, oordeelt de civiele kamer van de Hoge Raad. De informatieplicht geldt voor alle (vermoedelijk) belastingplichtigen en is niet aan een termijn gebonden. De man moet de gestelde vragen beantwoorden.
22-06-2017


Een algemeen nut beogende instelling (ANBI) moet uiterlijk binnen zes maanden na afloop van het boekjaar haar jaarstukken elektronisch publiceren. Sinds 1 januari 2016 geldt dit ook voor kerkelijke instellingen. Een ANBI met een boekjaar gelijk aan het kalenderjaar moet dus vóór 1 juli 2017 de jaarstukken over 2016 publiceren. Dat kan op de eigen website van de ANBI, maar mag ook via een brancheorganisatie of via anbi.nl. Een ANBI die haar jaarcijfers niet tijdig publiceert, loopt het risico de ANBI-status met terugwerkende kracht te verliezen. Hierdoor vervallen de fiscale faciliteiten voor de ANBI én haar begunstigers.
21-06-2017


Een man ontvangt enkele malen een letselschadevergoeding vanwege zijn betrokkenheid bij verkeersongevallen. De inspecteur rekent de vergoedingen - voor zover de man deze niet heeft uitgegeven - tot de box-3-grondslag van de man. Dat is volgens Hof Amsterdam terecht. Er geldt geen vrijstelling in de inkomstenbelasting voor schadevergoedingen wegens verkeersongevallen. Onlangs bleek dat die vrijstelling er ook niet gaat komen, getuige de antwoorden van de staatssecretaris op Kamervragen hierover.
21-06-2017


Een DGA verstrekt in 2007 in totaal € 235.000 aan zijn BV. De BV is hierover rente verschuldigd. Er is een aflossingsschema overeengekomen, maar er zijn geen zekerheden gesteld en de lening is achtergesteld op andere schuldeisers. In 2008 verstrekt de bank een kredietfaciliteit van ruim € 3,3 miljoen, waarbij zekerheden worden gesteld. De BV gaat in 2010 failliet door externe factoren en kan de lening aan de DGA niet meer terugbetalen. De DGA boekt de gevormde voorziening ten laste van zijn tbs-resultaat af. Terecht, oordeelt Hof Den Bosch. Er is geen sprake van een schijnlening noch van een onzakelijke lening ten tijde van de verstrekking. Ook is de lening later niet onzakelijk geworden.
21-06-2017


Een inspecteur legt in drie zaken binnen de 12-jaarstermijn navorderingsaanslagen op over box-3-inkomen buiten de EU. De belanghebbenden stellen dat die termijn niet geldt en dat de aanslagen niet voldoende voortvarend zijn opgelegd. De verlengde navorderingstermijn is een beperking, die Nederland alleen mag handhaven in het kapitaalverkeer met derde landen op grond van de standstillbepaling van artikel 64, lid 1 Verdrag betreffende de werking van de EU (VWEU). De Hoge Raad oordeelt dat deze bepaling geldt voor beperkingen die op 31 december 1993 bestonden. De 12-jaarstermijn voldoet hieraan, dus is navordering mogelijk.
15-06-2017


Een eigenaar van een monumentenpand laat in 2013 de aanbouw afbreken en vervangen door een grotere aanbouw. Ook de cv-ketel wordt vervangen. Hij brengt de in 2013 betaalde verbouwingskosten als onderhoudskosten van een monumentenpand in aftrek. De inspecteur corrigeert de aftrek. Terecht, oordeelt Hof Den Bosch. De meeste kosten hebben betrekking op het vergroten van de aanbouw. Dat zijn kosten van verbetering en deze zijn dus niet aftrekbaar. Wel aftrekbaar is 80% van de kosten van het herstel van het dak van de aanbouw en het vervangen van de cv-ketel.
15-06-2017


Geen originele handtekening nodig voor geldige machtiging

Een man laat zich vertegenwoordigen in een procedure tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting. Hij heeft hiervoor een machtiging afgegeven via een foto van een volmacht. De rechtbank stelt echter dat deze bij het beroepsschrift gevoegde volmacht niet voldoet aan de vereisten en verzoekt om een nieuwe volmacht met een originele handtekening van de man. De man komt niet aan dit verzoek tegemoet, waarop de rechtbank het verzoek niet-ontvankelijk verklaart. Ten onrechte, aldus de Hoge Raad. Artikel 8:24 Awb noch enige andere rechtsregel eist dat een overgelegde machtiging slechts geldig is als deze is voorzien van een originele – met de pen geschreven – handtekening.
15-06-2017


Een BIG-geregistreerde verpleegkundige is als zodanig ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Zij verricht in 2009 en 2010 via een bemiddelingsbureau 24-uurswerkzaamheden voor een zorgvrager. Zij merkt de inkomsten uit haar werkzaamheden aan als winst uit onderneming en claimt de zelfstandigenaftrek en de MKB-winstvrijstelling. De inspecteur meent dat de inkomsten als ROW moeten worden aangemerkt. Er is sprake van de uitoefening van een zelfstandig beroep, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. Het bemiddelingsbureau heeft slechts een faciliterende rol en geen bemoeienis met de uitvoering en organisatie van de zorgverlening.
15-06-2017


Een vader schenkt in 2013 € 70.000 aan zijn dochter. Zij verzoekt om toepassing van de tijdelijk verruimde schenkingsvrijstelling van € 100.000. In 2014 schenkt vader haar nog eens € 30.000. De dochter doet vervolgens opnieuw een beroep op de tijdelijk verruimde vrijstelling. Zij meent de vrijstelling ook in 2014 te kunnen benutten, omdat deze tweede schenking is gedaan binnen twaalf maanden na de eerste schenking. Die stelling is onjuist, oordeelt Hof Den Haag. De verruimde vrijstelling kan slechts in één kalenderjaar worden benut. Uit de wettekst noch uit de wetsgeschiedenis blijkt dat dit in beide jaren kan.
15-06-2017


Op 1 juli 2017 worden de nieuwe pachtnormen van kracht. Pachtnormen zijn de jaarlijks vast te stellen maximale pachtprijzen voor akkerbouw- en grasland, tuinland, agrarische gebouwen en agrarische woningen per pachtprijsgebied. In alle pachtprijsgebieden dalen de normen voor bouw- en grasland ten opzichte van de pachtnormen 2016. In de twee pachtprijsgebieden van het tuinland blijft de pachtnorm in het ene gebied (de bollenstreek) vrijwel gelijk, terwijl die in het andere gebied fors (58%) stijgt. Ook stijgen de maximale pachtprijzen van agrarische bedrijfsgebouwen en woningen. Dit bericht staatssecretaris Van Dam van Economische Zaken aan de Tweede Kamer.
08-06-2017


Aankondiging regeling ter voorkoming van partnerschap met pleegkind

Pleegkinderen kunnen onder de huidige regeling kwalificeren als partner voor de toeslagen. Dat is ongewenst en daarom wordt in het Belastingplan 2018 een regeling getroffen die dit voorkomt, op gezamenlijk verzoek van de belanghebbende en het pleegkind. De regeling zal gelden voor bloed- en aanverwanten in de eerste graad van de belanghebbende. Daartoe behoort ook het pleegkind voor wie de (andere) meerderjarige een pleegvergoeding ontving of ontvangt, of kinderbijslag ontving. Daardoor zal geen partnerschap van belanghebbende en het (voormalige) pleegkind meer bestaan, tenzij zij beiden 27 jaar of ouder zijn en aan de overige criteria voor partnerschap voldoen.
08-06-2017


Hoge Raad draait onverbindendverklaring maximering aftrek extra kleding en beddengoed terug

Een man heeft een zieke echtgenote voor wie extra gezinshulp nodig is. Hij geeft in zijn IB-aangifte 2013 extra uitgaven aan voor gezinshulp en voor kleding en beddengoed. De inspecteur vindt dat de uitgaven aan extra kleding en beddengoed slechts aftrekbaar zijn tot het gemaximeerde forfaitaire bedrag van € 775. De man wil echter € 1.000 meer in aftrek brengen. Hof Arnhem-Leeuwarden heeft dit toegestaan, omdat de maximering van de aftrek voor extra kleding en beddengoed onverbindend zou zijn. Dat is onjuist, oordeelt de Hoge Raad. De ministeriële regelgever heeft bij het vaststellen van deze absolute normbedragen de aan hem gedelegeerde bevoegdheid niet overschreden.
08-06-2017


Een man heeft een bijstandsuitkering. Daarnaast maakt hij documentaires en promotiefilms en knapt hij computers op om deze weer te verkopen. Hij claimt voor zijn werkzaamheden de zelfstandigen- en startersaftrek. De inspecteur weigert dat omdat de man niet aannemelijk maakt dat hij voldoet aan het urencriterium. Daarvoor zijn de achteraf opgemaakte dag- en weekstaten aan de hand van aantekeningen in zijn agenda en zijn herinneringen onvoldoende. De zelfstandigen- en startersaftrek is terecht geweigerd, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. De achteraf opgestelde urenregistratie vormt daarvoor onvoldoende bewijs.
08-06-2017


Een algemeen nut beogende instelling (ANBI) moet uiterlijk binnen zes maanden na afloop van het boekjaar haar jaarstukken elektronisch publiceren. Sinds 1 januari 2016 geldt dit ook voor kerkelijke instellingen. Een ANBI met een boekjaar gelijk aan het kalenderjaar moet dus vóór 1 juli 2017 de jaarstukken over 2016 publiceren. Dat kan op de eigen website van de ANBI, maar mag ook via een brancheorganisatie of via anbi.nl. Een ANBI die haar jaarcijfers niet tijdig publiceert, loopt het risico de ANBI-status met terugwerkende kracht te verliezen. Dit heeft tot gevolg dat de fiscale faciliteiten vervallen voor de ANBI én ook voor haar begunstigers.
08-06-2017


De Wet beperkte gemeenschap van goederen treedt op 1 januari 2018 in werking. Het daartoe strekkende besluit is onlangs gepubliceerd in het Staatsblad. De gemeenschap van goederen wordt beperkt tot het vermogen dat de partners opbouwen tijdens het huwelijk (partnerschap). Bezittingen en schulden die zij elk hadden voor het huwelijk blijven privébezit. Schenkingen en erfenissen die een van de partners ontvangt tijdens het huwelijk, blijven privévermogen van die partner. Een uitsluitingsclausule is daarvoor dan niet meer nodig. De schenker/erflater kan in een insluitingsclausule in de schenkingsakte of een testament bepalen dat de schenking of het erfdeel juist wel tot de huwelijksgemeenschap kan behoren.
01-06-2017


Update besluit KEW, SEW en BEW en kapitaalverzekeringen box 3

Het besluit over de kapitaalverzekering eigen woning (KEW), de spaarrekening eigen woning (SEW), het beleggingsrecht eigen woning (BEW) en vóór 2001 bestaande kapitaalverzekeringen in box 3 is aangepast. De aanpassing is nodig in verband met de wijzigingen per 1 januari 2017 en 1 april 2017 (vervallen tijdklemmen). Zo zijn er goedkeuringen opgenomen voor het vervallen van de tijdklemmen voor Brede Herwaarderingskapitaalverzekeringen, het premievrijmaken en het verkorten van de premieduur. Ook zijn standpunten vervallen, zoals de volgorde voor het benutten van de vrijstelling en de vrijstelling KEW door het vervallen van de goedkoperwonenregeling.
01-06-2017


HR: Leeftijdsbeperking aftrek scholingsuitgaven mag

Een man begint op 32-jarige leeftijd aan een opleiding tot verkeersvlieger. De kosten bedragen € 44.057. Die trekt hij als scholingsuitgaven af in zijn IB-aangifte. De inspecteur beperkt de aftrek tot € 15.000. De man voldoet namelijk niet aan de leeftijdsvereiste (tot 30 jaar) voor volledige aftrek. De aftrek is terecht beperkt, oordeelt de Hoge Raad. De leeftijdsbeperking is niet in strijd met het discriminatieverbod. Hiervoor bestaat een redelijke en objectieve rechtvaardiging: de regeling is bedoeld om de startpositie van jongeren op de arbeidsmarkt te versterken. Daarvoor is de aftrekregeling een geschikt instrument. De regeling is ook passend en noodzakelijk.
01-06-2017


Woning is ondernemingsvermogen: stakingsverlies bij overgang naar privé

Een firmant koopt in 2007 een boerderij. Hij sloopt deze en laat een nieuwe woning bouwen. De inspecteur gaat akkoord met de kwalificatie van de nieuwe woning als ondernemingsvermogen. Uit de informatie van de firmant blijkt dat hij de woning meer dan 10% zakelijk gebruikt. In 2009 brengt de firmant zijn firma-aandeel ruisend in een BV in. De woning gaat over naar privé tegen de waarde bewoond. Het boekverlies geeft de firmant aan als aftrekbaar stakingsverlies. Dat mag, aldus Hof Arnhem-Leeuwarden. De voorgenomen overbrenging van de woning naar privé beperkt niet de keuzevrijheid om de woning op het eerdere moment van aankoop te etiketteren als ondernemingsvermogen.
01-06-2017


Vanaf 7 juni uitstelgegevens en inleverschema’s uitstelregeling beschikbaar

De overzichten met uitstelgegevens en inleverschema’s in het kader van de uitstelregeling zijn voor de aangiften inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting 2016 beschikbaar vanaf 7 juni aanstaande. Dat meldt de Belastingdienst. Maakt u gebruik van de uitstelregeling? In dat geval kunt u de aangiften IB en Vpb over het kalenderjaar 2016 doen tot 1 mei 2018, verdeeld over negen perioden. De indiening van de aangiften gebeurt volgens een schema dat de Belastingdienst vaststelt. Zo heeft u meer tijd om de aangiften van uw cliënten in te dienen.
01-06-2017


Een vrouw drijft tot medio 2007 met haar man in firmaverband een onderneming. In 2013 wordt de achterwaartse verliesverrekeningsbeschikking 2006 afgegeven, waarin een bedrag van € 6.024 wordt verrekend met haar belastbaar inkomen uit werk en woning over 2004. De aanslag IB 2004 was– na verrekening van de heffingskortingen – nihil en dat blijft zo na de verliesverrekening, maar haar belastbaar inkomen uit werk en woning wordt ook nihil. De inmiddels aan haar man uitbetaalde heffingskortingen worden daarom herrekend en teruggevorderd. Terecht, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. Het is hiervoor niet relevant dat de verrekening van het verlies niet leidt tot vermindering aanslag IB/PVV 2004.
18-05-2017


Een man geniet naast zijn pensioeninkomsten (€ 93.120) ook inkomsten (€ 41.911) uit werkzaamheden als octrooi- en patentgemachtigde. Hij verricht deze werkzaamheden vanuit een zelfstandige werkruimte in zijn woning. De kosten van die ruimte brengt hij in aftrek. Deze aftrek is terecht geweigerd, oordeelt Hof Den Haag. Bij de beoordeling of recht op aftrek bestaat moeten ook de pensioeninkomsten worden meegenomen. Dit betekent dat de man 31% van zijn inkomen verdient vanuit zijn werkruimte. Als er geen andere werkruimte buiten de eigen woning beschikbaar is, geldt de eis dat de inkomsten hoofdzakelijk (70%) in of vanuit de werkruimte in de woning moeten zijn verdiend. Aan deze eis voldoet de man niet.
18-05-2017


Een vrouw verkoopt haar eigen woning aan haar kinderen. Zij behoudt het opstal- en erfpachtrecht voor en betaalt daarvoor een canon aan haar kinderen. Vervolgens wordt de koopsom omgezet in een vordering die wordt kwijtgescholden. De inspecteur heeft terecht de aftrek van de erfpachtcanon geweigerd, aldus Hof Den Bosch. De erfpachtcanon moet zozeer samenhangen met het behouden en gebruiken van de eigen woning dat gelijkstelling met de rente voor de aankoop of verbetering/onderhoud van die woning gerechtvaardigd is. Die samenhang is hier onvoldoende aanwezig. Er is dus geen sprake van een erfpachtcanon in de zin van artikel 3.120, lid 1, onderdeel b Wet IB 2001.
18-05-2017


Een in Spanje woonachtige Nederlandse DGA heeft een BV in Nederland. Zijn wereldinkomen genereert hij voor 60% uit de Nederlandse BV en voor 40% uit een Zwitserse vennootschap. De DGA heeft geen inkomen in Spanje. Hij brengt de negatieve inkomsten uit zijn Spaanse eigen woning in Nederland in aftrek. Nederland moet die aftrek als werklidstaat voor 60% verlenen, oordeelt de Hoge Raad. Dit is namelijk het aandeel van het Nederlandse arbeidsinkomen in zijn wereldinkomen. De DGA heeft in Spanje geen gelijkwaardig recht op aftrek van de negatieve inkomsten van zijn Spaanse woning. De Hoge Raad voegt daar aan toe dat wel van belang is of de DGA dat recht geldend kan maken in een andere werkstaat.
18-05-2017


Interne richtlijnen Belastingdienst inrichtingseisen bestelauto openbaar

Er zijn twee interne documenten van de Belastingdienst openbaar gemaakt over de beoordeling van de inrichtingseisen van bestelauto’s. De staatssecretaris heeft een WOB-verzoek daartoe toegewezen. Het ene document betreft een memo uit 2016 en het andere een uitgebreidere versie daarvan. De documenten bevatten achtergrondinformatie en jurisprudentie over de bestelauto die naar aard en inrichting (nagenoeg) uitsluitend geschikt is voor het vervoer van goederen. De bijtelling wegens privégebruik auto geldt niet voor deze bestelauto.
18-05-2017


Een BV dient geen Vpb-aangifte in. Zij stelt de jaarrekening niet te kunnen opmaken vanwege een lopend boekenonderzoek. Hoewel de inspecteur niet heeft gereageerd op haar verzoek om bijzonder uitstel, gaat de BV er bovendien toch van uit dat zij van rechtswege extra uitstel heeft gekregen voor het indienen van de Vpb-aangifte. De inspecteur legt een ambtshalve aanslag op verhoogd met een verzuimboete wegens het niet voldoen aan de aangifteplicht. Terecht, oordeelt Rechtbank Gelderland. Het boekenonderzoek staat niet in de weg aan het doen van aangifte. Een verzuimboete kan alleen worden voorkomen bij afwezigheid van alle schuld. Daarvan is hier geen sprake.
11-05-2017


Belastingplichtigen die in 2016 te veel boeterente hebben betaald bij de aflossing van hun eigenwoningschuld en een deel daarvan krijgen terugbetaald, hoeven de terugbetaling pas aan te geven in het jaar van terugbetaling. Is in 2016 alle boeterente afgetrokken en wordt daarvan een deel in 2017 (of een later jaar) vergoed? Dan wijzigt de aangifte IB 2016 niet, maar moet de terugbetaling als negatieve aftrekbare kosten worden verwerkt in de IB-aangifte 2017 (of later jaar). Eerder had demissionair minister Dijsselbloem de Kamer geantwoord dat ook de terugbetaling moet worden aangegeven in de IB-aangifte 2016.
11-05-2017


Afschrijven op verhuurde lease-apparatuur mag

Een tandarts leaset medische apparatuur die zij verhuurt aan de BV, waarvan zij 50% van de aandelen bezit. De tandarts schrijft af op de geleasete apparatuur. De inspecteur staat dat niet toe. Ten onrechte, oordeelt Verwijzingshof Amsterdam. Zowel in de verhouding tot de BV als tot de leasemaatschappijen heeft de tandarts het volledige economische belang bij de apparatuur en de verhuur is voor haar een bron van inkomen. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat de BV op grond van het huurcontract een vergoeding moet betalen voor de waardevermindering van de apparatuur. Dat de apparatuur is verzekerd onder de inventarisverzekering van de BV, maakt dat niet anders.
11-05-2017


De rekenhulp van de Belastingdienst om de voortzettingswaarde van een agrarisch bedrijf te berekenen, is aangevuld met de normbedragen over 2016. U kunt de rekenhulp gebruiken om de voortzettingswaarde van een agrarisch bedrijf te bepalen voor 2016. Agrarische bedrijven hebben vaak een hoge intrinsieke waarde en een laag rendement, zoals bedrijven met veel cultuurgrond en productierechten. Wordt een agrarisch bedrijf geschonken of nagelaten, dan wordt de waarde voor de schenk- of erfbelasting vaak bepaald op deze voortzettingswaarde. De rekenhulp helpt om die waarde te bepalen.
11-05-2017


Er is een nieuwe versie van het ‘Informatieformulier afkoop of omzetting pensioen in eigen beheer’ op de website van de Belastingdienst geplaatst. De commerciële (balans)waarden van de pensioenaanspraken op 1 januari 2015 en 31 december 2015 hoeven niet meer te worden ingevuld. De fiscale (balans)waarden op die data volstaan. Daarnaast moeten op het moment van afkoop of omzetting de commerciële én de fiscale (balans)waarden worden vermeld. Het formulier is aangepast naar aanleiding van ervaringen met de al ingevulde formulieren en kritiek van onder meer adviseurs.
11-05-2017


Geen BOR voor fictieve verkrijging ab-aandelen

Een man en een vrouw zijn gehuwd in gemeenschap van goederen. Zij bezitten ieder 50% van de aandelen in een BV, waarbij de vrouw in loondienst werkt en waaruit de man een pensioen geniet. De vrouw overlijdt in 2012. Daardoor vallen haar pensioen- en lijfrenteverplichting in de BV vrij en stijgen de aandelen in waarde. De inspecteur betrekt de waardestijging van het krachtens huwelijksvermogensrecht aan de man toekomende aanmerkelijk belang (ab) van 50% van de aandelen als fictieve verkrijging (artikel 13a SW) in de erfbelasting. De BOR is hierop volgens hem niet van toepassing. Dat is juist, oordeelt Hof Den Bosch. Het ab heeft namelijk in fiscale zin niet behoord tot het vermogen van de vrouw.
03-05-2017


Een man bezit effecten, spaartegoeden en een tweede woning. Hij meent dat zijn box-3-vermogen te hoog is vastgesteld, omdat er met de woning geen rendement wordt behaald. De woning is onverkoopbaar en verhuur en permanente bewoning zijn niet toegestaan. Bij de vaststelling van het box-3-vermogen wordt geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende vermogensbestanddelen. Ook vermogensbestanddelen die geen of nauwelijks rendement opleveren behoren tot de grondslag van box 3, oordeelt Rechtbank Den Haag. Bovendien worden ook positieve vermogensmutaties als rendement aangemerkt. De man maakt ook niet aannemelijk dat de box-3-heffing leidt tot een individuele en buitensporige zware last.
03-05-2017


Voortaan digitaal aanleveren uitbetaalde bedragen aan derden

Werkgevers moeten voortaan de gegevens over de aan derden uitbetaalde bedragen (de zogenoemde IB 47-opgave) digitaal aanleveren bij de Belastingdienst. Dat kan via de software van de Belastingdienst met de ‘Invoerapplicatie voor opgaven derden uitbetaling (IDU)’ of via de eigen software. In het laatste geval wordt de ‘Handleiding Digitaal aanleveren van uitbetaalde bedragen aan derden met eigen software’ gebruikt. Hierin staat waar het aan te leveren bestand aan moet voldoen. De gegevens moeten jaarlijks worden aangeleverd voor 1 februari na het jaar waarin de bedragen zijn uitbetaald aan derden. Er wordt geen uitstel verleend.
03-05-2017


Kosten vervanging parketvloer in rijksmonument niet aftrekbaar

Een vrouw koopt een appartement in een rijksmonument. Zij laat de oude parketvloer vervangen. De kosten (€ 10.000) trekt zij in haar IB-aangifte 2011 af als uitgaven voor monumentenpanden. In cassatie stelt de vrouw dat het hof ten onrechte het besluit van 7 maart 2016, BLKB2016/360M buiten toepassing heeft gelaten. Daarin wordt aftrek van de uitgaven voor een parketvloer onder voorwaarden toegestaan. De aftrek is terecht geweigerd, oordeelt de Hoge Raad. Er wordt niet aan de voorwaarde voldaan dat de parketvloer in bruikbare staat is hersteld. De parketvloer is namelijk vervangen door een nieuwe parketvloer.
03-05-2017


Het matigingsbeleid voor verzuimboetes en de daarmee samenhangende praktische werkafspraken zijn sinds 1 januari 2016 vervallen. Daarna is er geen nieuwe werkinstructie gegeven aan de Belastingdienst over hoe moet worden omgegaan met verzuimboeten in de IB en Vpb. Dat geeft demissionair staatssecretaris Wiebes aan in een besluit over een WOB-verzoek hierover. Dat wil niet zeggen dat matiging van de verzuimboetes niet meer mogelijk is. Hiervoor is het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst (BBBB) bepalend en een memo dat medewerkers van de Belastingdienst hebben ontvangen. Dit memo met jurisprudentie over de matiging van verzuimboetes is nu openbaar gemaakt.
03-05-2017


Een vrouw geeft in haar IB-aangiften 2010, 2011 en 2012 drie banktegoeden niet op. De inspecteur komt daar achter bij de aanslagregeling over 2013. De vrouw geeft aan dat zij dit is vergeten door haar medische situatie en door nalatigheid van de betreffende banken. De inspecteur legt navorderingsaanslagen op. De vrouw stelt dat dit niet kan, omdat een nieuw feit hiervoor ontbreekt. Dat is onjuist, oordeelt Rechtbank Den Haag. De banken hebben over de banktegoeden onjuiste of geen informatie verstrekt aan de Belastingdienst. De inspecteur komt daar pas achter na het vaststellen van de aanslagen. Hij heeft daarmee dus geen rekening kunnen houden.
26-04-2017


Een stichting is eigenaar van een kantoorpand. Zij meent dat de gemeente de WOZ-waarde van het pand te hoog heeft vastgesteld. Met toepassing van de huurwaarde-kapitalisatiemethode is de WOZ-waarde lager. Het hof stelt echter vast dat de waarde in het economisch verkeer dan juist lager is dan de gecorrigeerde vervangingswaarde. De WOZ-waarde moet in dat geval worden vastgesteld op de hogere gecorrigeerde vervangingswaarde. Dit oordeel is onjuist volgens de Hoge Raad. Bij een courante, commercieel geëxploiteerde onroerende zaak is de gecorrigeerde vervangingswaarde gelijk aan de waarde in het economisch verkeer.
26-04-2017


Voorafgaande aanmaning voor doen van aangifte nodig voor omkering bewijslast

Een man is het niet eens met de IB-aanslag die aan hem is opgelegd. De aanslag is ambtshalve vastgesteld met toepassing van omkering van de bewijslast. De man heeft volgens de inspecteur namelijk niet de vereiste aangifte gedaan. Er is niet aan alle voorwaarden voldaan om tot dit oordeel te komen, beslist de Hoge Raad. De vereiste aangifte is niet gedaan als de belastingplichtige is uitgenodigd tot het doen van aangifte én daartoe is aangemaand. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat de man ook is aangemaand tot het doen van aangifte. De zaak wordt verwezen naar Hof Arnhem-Leeuwarden.
26-04-2017


Een man en een vrouw vormen samen een eenverdienersgezin. Hij heeft inkomen, zij niet. Zij claimen in de aangifte IB voor hun beiden de volledige algemene heffingskorting. Zij vinden namelijk dat de afbouw van de uitbetaling van de algemene heffingskorting aan de partner zonder inkomen in strijd is met het Europese recht en internationale verdragsbepalingen. Daarvan is geen sprake, oordeelt Hof Den Bosch. Het is verder niet aan de rechter om zich te mengen in de politieke afwegingen en keuzes van de wetgever. Ook is niet aan de rechter om over te oordelen over de redelijkheid en billijkheid van de wettelijke regeling.
26-04-2017


De forfaitaire rendementen van box 3 worden verlaagd in 2018. Het forfaitaire rendement in de rendementsklasse I voor de vermogensmix ‘sparen’ gaat van 1,63% in 2017 naar 1,30% in 2018. Het forfaitaire rendement in de rendementsklasse II voor de vermogensmix ‘beleggen’ gaat van 5,39% in 2017 naar 5,38% in 2018. Voor 2019 wordt geschat dat het forfaitair rendement verder daalt naar 0,89% in de rendementsklasse I en 5,33% in rendementsklasse II. Dit antwoordt demissionair staatssecretaris Wiebes op vragen over de fiscale toezeggingen en moties die hij deed in zijn brief van 20 september 2016. Maar hoe werkt dit uit voor de box-3-heffing?
26-04-2017


De Belastingdienst mag geen boete opleggen aan een belastingplichtige die zijn/haar IB-aangifte te goeder trouw verkeerd heeft ingevuld op basis van foutieve informatie van de Belastingtelefoon. De Belastingdienst mag de fout wel corrigeren. Aan informatie van de Belastingtelefoon kan geen vertrouwen worden ontleend. Dat antwoordt demissionair staatssecretaris Wiebes op Kamervragen hierover. De vragen zijn gesteld naar aanleiding van het jaarlijks onderzoek door de Consumentenbond naar het functioneren van de Belastingtelefoon. Daaruit blijkt dat medewerkers van de Belastingtelefoon vragen over de aftrek van medische kosten foutief hebben beantwoord.
20-04-2017


Geen BOR voor liquiditeiten om schip te bouwen

Een man erft de aandelen van een holding-BV. Op de geconsolideerde balans van deze BV met de werk-BV staat een stoomschip in aanbouw en € 3 miljoen aan liquiditeiten voor de (af)bouw ervan. De man meent dat de BOR van toepassing is op gehele waarde van de verkregen aandelen. Dat is onjuist, oordeelt Rechtbank Den Haag. Het schip en de exploitatie ervan behoren niet tot de onderneming van de holding-BV en de werk-BV. Die houden zich bezig met de handel in - en verhuur van - stoomketels. Ook kwalificeert de exploitatie van het schip op zichzelf niet als een bedrijfsmatige activiteit. De BOR is terecht niet toegepast op de voor de bouw van het schip aangehouden liquiditeiten.
20-04-2017


Reminder tijdig aanvragen aanslagen om belastingrente te voorkomen

Verwacht u dat uw cliënt inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting over 2016 moet betalen? Zo ja, dien dan voor deze cliënt vóór 1 mei 2017 een verzoek in om uitreiking van een voorlopige aanslag of een herziening van een al opgelegde aanslag. Zo voorkomt u dat uw cliënt belastingrente (IB: 4%, Vpb: 8%!) moet betalen. Is het verzoek binnen 4 maanden na afloop van het belastingjaar ingediend en komt de voorlopige aanslag overeen met het bedrag waar u om verzocht. Dan hoeft uw cliënt geen belastingrente te betalen. Doet u geen verzoek voor de aanslagen 2016, dan wordt er in beginsel vanaf 1 juli 2017 belastingrente berekend voor te betalen aanslagen.
20-04-2017


Latente IB toerekenen aan vrijgesteld en belast deel schenking

Een vader schenkt zijn dochter aandelen, waardoor zij ondernemingsvermogen verkrijgt ter waarde van ruim € 23 miljoen. Hierop is voor ruim € 19 miljoen de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) van toepassing. De dochter verschilt echter van mening met de inspecteur over de verwerking van de latente IB-claim op de aandelen. Zij meent dat deze geheel ten laste van het belaste deel van de schenking kan komen. Dat is onjuist, oordeelt de Hoge Raad. De latente IB-schuld moet naar evenredigheid worden toegerekend aan het (voorwaardelijk) vrijgestelde deel en het belaste deel van de schenking. Dit volgt uit de wetsgeschiedenis en de heersende rechtspraak.
20-04-2017


Verblijfskosten eigen rijders verhoogd

Eigen rijders die meerdaagse internationale ritten maken, mogen – onder voorwaarden – een vast bedrag per gereden dag ten laste van hun winst brengen voor verblijfskosten. Het vaste bedrag hiervoor van € 35 per gereden dag (in 2016) is verhoogd naar € 35,50 per gereden dag in 2017. Dit heeft de Belastingdienst onlangs bekendgemaakt. Eigen rijders die van deze regeling gebruikmaken, hoeven geen bewijsstukken van de verblijfskosten te bewaren. Kiest de eigen rijder voor aftrek van de werkelijke verblijfskosten? Dan moet hij/zij aannemelijk kunnen maken dat die kosten het vaste bedrag per gereden dag overstijgen. De bewijsstukken moeten dan dus wel worden bewaard.
13-04-2017


Informatiebeschikkingen terecht: administratieplicht geschonden

Drie vennoten van een vof die een restaurant drijft, verzetten zich tegen de informatiebeschikkingen die aan hen zijn opgelegd over de jaren 2009 tot en met 2012 wegens schending van de administratieplicht. Terecht, oordeelt Rechtbank Noord-Holland, omdat zij niet hebben voldaan aan de administratieplicht (artikel 52 AWR). De primaire bescheiden zijn grotendeels niet bewaard, terwijl die een wezenlijk deel van de administratie van de onderneming vormen. Ook zijn er geen voorraadlijsten bijgehouden en kan de omzet niet worden geverifieerd. De vennoten kunnen ook geen beroep doen op overmacht.
13-04-2017


Een vof tekent cassatie aan tegen het oordeel van Hof Amsterdam, dat haar zaak samenhangt met vijf andere zaken. Zij krijgt daardoor geen proceskostenvergoeding. Volgens de vof heeft het hof in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel het verruimde begrip ‘samenhangende zaken’ toegepast uit het ‘Besluit proceskosten bestuursrecht’ dat geldt sinds 1 januari 2015. Het beroepschrift van de vof dateert echter van november 2014. Het hof heeft juist gehandeld, oordeelt de Hoge Raad. Op het moment van het indienen van het beroepschrift kan de vof geen gerechtvaardigde verwachtingen hebben gehad omtrent de toekenning van een proceskostenvergoeding. Maar waarin krijgt de vof wel gelijk?
13-04-2017


Een bouwondernemer koopt in 2009 een woning en een bedrijfshal die op hetzelfde perceel liggen. De ondernemer gebruikt de bedrijfshal voor zijn onderneming. De woning wordt voor minder dan 10% gebruikt voor de onderneming, maar vormt toch keuzevermogen. De ondernemer mag de woning als ondernemingsvermogen etiketteren, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. Hij maakt namelijk aannemelijk dat de woning dienstbaar is aan zijn onderneming. De kantoorruimte in de woning wordt vanaf de aankoop voor de onderneming gebruikt en de ondernemer kan vanuit de woning toezicht houden op de bedrijfsactiviteiten, doordat het perceel slechts één toegangsweg heeft.
13-04-2017


De Eerste Kamer heeft met de kleinst mogelijke meerderheid van één stem ingestemd met het wetsvoorstel ‘Beperkte gemeenschap van goederen’. Alleen het vermogen dat partners opbouwen tijdens het huwelijk (partnerschap) behoort tot de gemeenschap. Bezittingen en schulden die zij hadden voor het huwelijk en giften en erfenissen die zij ontvangen tijdens het huwelijk, blijven privévermogen van de partner die deze bestanddelen ontvangt. Afwijken van de nieuwe wettelijke regeling is mogelijk bij huwelijkse voorwaarden. Het is nog niet duidelijk wanneer de nieuwe regels in werking treden. Dat wordt bepaald bij Koninklijk Besluit.
06-04-2017


Inschrijving GBA cruciaal voor alleenstaande-ouderkorting

Een man woont heel 2012 samen met zijn dochter. De dochter staat echter niet op zijn adres ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie (GBA). Toch claimt de man de alleenstaande-ouderkorting. De inspecteur weigert de korting te verlenen, omdat de man niet aan de voorwaarden voldoet. Terecht, oordeelt Hof Den Bosch. Inschrijving in de GBA is een wettelijke voorwaarde om voor de alleenstaande-ouderkorting in aanmerking te komen. Het feit dat de dochter wel bij haar vader heeft gewoond, maakt dat oordeel niet anders. Er is ook geen sprake van schending van het discriminatieverbod.
06-04-2017


Voorkom belastingrente: vraag tijdig voorlopige aanslagen aan

Verwacht u dat uw cliënt inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting over 2016 moet betalen? Zo ja, dien dan voor deze cliënt vóór 1 mei 2017 een verzoek in om uitreiking van een voorlopige aanslag of een herziening van een al opgelegde aanslag. Zo voorkomt u dat uw cliënt belastingrente (IB: 4%, Vpb: 8%!) moet betalen. Is het verzoek binnen 4 maanden na afloop van het belastingjaar ingediend en komt de voorlopige aanslag overeen met het bedrag waar u om verzocht, dan hoeft uw cliënt geen belastingrente te betalen. Doet u geen verzoek voor de aanslagen 2016, dan wordt er in beginsel vanaf 1 juli 2017 belastingrente berekend voor te betalen aanslagen.
06-04-2017


Een man en zijn partner kopen een woning van ruim € 1 miljoen. Zij zijn ieder voor 50% eigenaar. Bij de aankoop draagt de partner € 265.000 meer bij aan de koopsom en tijdens de samenwoning lost hij/zij € 115.000 meer af van de gezamenlijke eigenwoningschuld van € 755.000. In 2012 gaan de man en de partner uit elkaar. De partner krijgt de woning met een waarde van € 890.000 toebedeeld. De man en zijn partner verzoeken om een beschikking eigenwoningreserve (EWR). De inspecteur stelt daarop de EWR van de man vast op ruim € 101.000. De EWR moet op nihil worden vastgesteld, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. Hoe dat zit, leest u hierna.
06-04-2017


Meer mogelijkheden aftrek toekomstige indexatiekosten pensioenaanspraken

De aftrek van toekomstige indexatiekosten van pensioenaanspraken in eigen beheer wordt uitgebreid. Dit geldt voor situaties waarin de pensioenaanspraken al vóór 20 september 2016 zijn overgedragen aan een verzekeraar of ander eigen beheerlichaam, maar waarbij die overdracht nog niet in een Vpb-aangifte is verwerkt. Dit keurt demissionair staatssecretaris Wiebes goed in een besluit. De goedkeuring geldt niet als de overdracht plaatsvond binnen een fiscale eenheid. In het besluit staan ook de andere voorwaarden waar aan moet zijn voldaan voor de aftrek van kosten en lasten van toekomstige loon- en prijsontwikkelingen van overgedragen pensioenaanspraken.
06-04-2017


Negatief kapitaal andere maat drukt waarde maatschapsaandeel BV niet

Een BV neemt deel in een maatschap. De maten van deze maatschap mogen kasopnamen doen voor privédoeleinden. Wanneer de BV op 1 januari 2009 haar maatschapsaandeel inbrengt in een dochter-BV, houdt zij bij de waardebepaling rekening met de negatieve kapitaalrekening van een andere maat. Dat kan niet, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. De BV maakt namelijk niet aannemelijk dat de andere maat het negatieve kapitaal niet meer kan aanzuiveren. Dat deze maat meerdere malen mondeling is gemaand, kan de BV niet met schriftelijk bewijs onderbouwen. Ook het uitblijven van invorderingsmaatregelen duidt op de verwachting dat aanzuiveren nog wel mogelijk is.
30-03-2017


Een ondernemer claimt in zijn aangifte IB 2010 de zelfstandigenaftrek. Het aangifteprogramma van de Belastingdienst kent de aftrek toe en daardoor ook automatisch de inkomensafhankelijke combinatiekorting (iack). De inspecteur kan dit in de aangifte zien, doordat de iack is aangekruist. De zelfstandigenaftrek wordt bij de vaststelling van de aanslag teruggenomen, maar de iack wordt niet gecorrigeerd. De inspecteur ontdekt dit in 2014 en legt een navorderingsaanslag op. Ten onrechte, aldus Hof Arnhem-Leeuwarden. Hij heeft een beoordelingsfout gemaakt en geen automatiseringsfout. Een beoordelingsfout kan niet met navordering (geen nieuw feit) worden hersteld.
30-03-2017


Een man drijft een onderneming. Hij heeft een samenlevingscontract gesloten met zijn partner. Samen kopen zij een woonboerderij die de man geheel tot zijn ondernemingsvermogen rekent. De inspecteur meent dat de man maar de helft van de boerderij in aanmerking kan nemen en dat de woonboerderij geheel als verplicht privévermogen moet worden geëtiketteerd. Terecht, oordeelt Hof Den Bosch. De woonboerderij wordt voor minder dan 10% zakelijk gebruikt. De man kan de woonboerderij dan niet tot zijn ondernemingsvermogen rekenen.
30-03-2017


Geen notulen AV nodig voor rechtsgeldig besluit tot dividenduitkering

Een BV stelt € 250.000 dividend ter beschikking aan haar DGA en draagt de verschuldigde € 37.500 dividendbelasting af. De DGA ondertekent de aangifte. De BV betaalt het dividend echter niet aan de DGA uit. Zij maakt vervolgens bezwaar tegen de afgedragen dividendbelasting. De dividenduitkering zou nietig zijn, omdat het besluit tot uitkering niet formeel is vastgesteld in notulen van de algemene vergadering (AV). Dit is niet vereist voor een rechtsgeldige dividenduitkering, oordeelt Rechtbank Noord-Holland. Het eigen vermogen en de vrije reserves zijn bovendien voldoende om de uitkering te doen, zonder de balans- en uitkeringstest te schenden. Het bezwaar is terecht afgewezen.
30-03-2017


Een man verhuurt grond en verstrekt leningen aan een BV waarvan zijn dochters indirect aandeelhouders zijn. De BV blijft de huur en de rente schuldig. Medio 2009 bedraagt de huur- en rentevordering € 5,1 miljoen. Wanneer de man voor € 3,1 miljoen aan aandelen van de BV verkrijgt, wordt deze vordering hiermee verrekend. Naar aanleiding van de IB-aangifte 2009 sluiten de inspecteur en de man in 2011 een vaststellingsovereenkomst (vso). Zij spreken af dat tot en met 2008 de vordering en het perceel tot box 1 worden gerekend en daarna tot box 3. In 2013 volgt de aanslag IB 2009. De man stelt dan dat de rangorderegeling zich ertegen verzet dat de vordering en het perceel in 2009 tot box 3 worden gerekend. Ten onrechte, oordeelt Rechtbank Gelderland.
30-03-2017


Nadat de Eerste Kamer eind januari jl. het wetsvoorstel met wijzigingen in de verhuurderheffing had aangenomen, ontstond onduidelijkheid over de tijdstippen waarop wijzigingen in werking treden. Die onduidelijkheid is op 6 maart jl. weggenomen met de publicatie van een besluit. Daarin staat dat de verhoging van de heffingsvrije voet van tien naar vijftig woningen en de vrijstelling voor rijksmonumenten op 1 januari 2018 in werking treden. Het tarief gaat dan omhoog naar 0,591% van de WOZ-waarde van de woning. Verder wordt de maximale grondslag voor de verhuurderheffing vanaf 1 januari 2018 een WOZ-waarde van € 250.000.
23-03-2017


Een man houdt samen met zijn broer en vader de aandelen in een vastgoed-BV. De BV verhuurt en ontwikkelt onroerende zaken. Wanneer vader overlijdt, worden zijn aandelen toegedeeld aan de man en zijn broer. Zij menen recht te hebben op toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR). Die wordt ten onrechte geweigerd, oordeelt de Hoge Raad. De omvang en de aard van de arbeid zijn niet van belang voor het antwoord op de vraag of er sprake is van een materiële onderneming. Daarvoor is doorslaggevend of de ontwikkelingsactiviteiten op zichzelf bezien een onderneming kunnen vormen voor de BOR. Hof Amsterdam gaat dit uitzoeken.
23-03-2017


Controleer hypotheekrente in vooringevulde aangifte IB 2016

U bent waarschijnlijk al begonnen met de aangifteronde IB 2016. Dit jaar is het extra belangrijk dat uw cliënt u de gegevens over de hypotheekrente die hij/zij in 2016 heeft betaald, juist aanlevert. De aftrek van hypotheekrente blijkt namelijk niet altijd goed te zijn verwerkt in de vooringevulde aangifte IB 2016. De Belastingdienst adviseert daarom de vooringevulde gegevens over de hypotheekrenteaftrek extra goed te controleren bij belastingplichtigen die hun hypotheek hebben overgesloten of beëindigd. Bij hen zijn mogelijk niet alle gegevens vooraf ingevuld. De Belastingdienst verzoekt de gegevens waar nodig aan te vullen.
23-03-2017


Een DGA kan ervoor kiezen om zijn op 1 april 2017 bestaande pensioenaanspraken in eigen beheer geheel af te kopen. Over het bedrag ineens moet belasting worden betaald. De DGA krijgt een korting van 34,5% bij afkoop in 2017, 25% bij afkoop in 2018 en bij afkoop in 2019 is de korting 19,5%. De korting berekent u over de fiscale waarde van de pensioenvoorziening op 31 december 2015. De afkoopwaarde is de fiscale waarde van de pensioenvoorziening op het afkoopmoment. Over het verschil tussen deze waarden krijgt de DGA de korting dus niet. Er hoeft geen revisierente te worden betaald. De BV moet wel loonbelasting inhouden en afdragen. De rekensom ziet er als volgt uit.
23-03-2017


Heeft u vóór 30 september 2016 een intentieverklaring of voorovereenkomst tot geruisloze inbreng met terugwerkende kracht tot 1 januari 2016 aangetekend verzonden naar Heerlen? U moet de BV dan uiterlijk op vrijdag 31 maart 2017 hebben opgericht en de onderneming hebben ingebracht. Wilt u met geruis de BV in met terugwerkende kracht tot 1 januari 2017? In dat geval moet de intentieverklaring of voorovereenkomst uiterlijk 31 maart 2017 zijn opgemaakt en aangetekend zijn verzonden naar de Belastingdienst, Postbus 13, 6400 AA in Heerlen. Een fiscale eenheid voor de Vpb met ingangsdatum 1 januari 2017 moet eveneens uiterlijk op 31 maart 2017 zijn aangevraagd.
23-03-2017


Gesplitste woonboerderij met opstallen voor 30% in box 3

Een man bezit een gesplitste woonboerderij met daarbij behorende opstallen, die hij deels verhuurt. Hij geeft de woonboerderij met opstallen in zijn IB-aangifte geheel aan als eigen woning. De inspecteur stelt naar aanleiding van een boekenonderzoek dat slechts 70% van de onroerende zaak tot de eigen woning kan worden gerekend. De resterende 30% valt in box 3. Hij corrigeert de IB-aangiften over 2008 tot en met 2010. Die correctie is terecht, aldus Rechtbank Den Haag. Uit de WOZ-waarde over 2013 blijkt dat een deel van meer dan 35% toerekenbaar is aan een van de verhuurde opstallen. Ook andere opstallen behoren niet tot de eigen woning.
16-03-2017


De onderneming van een boer bestaat uit een pluimveebedrijf en een akkerbouwtak. De schuur waarin hij de kippenmest droogt, gebruikt hij ook als rij-stal voor paarden van zijn gezin en derden. In 2012 verkoopt de boer zijn pluimveebedrijf. Hij vormt met de winst een HIR die hij deels aanwendt voor een nieuwe rij-stal. De inspecteur meent terecht dat er geen HIR kan worden gevormd. Hiervoor moet een vervangingsvoornemen bestaan in dezelfde onderneming, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant. De paardentak valt daarbuiten. Ook een beroep op de doorschuiffaciliteit van artikel 3.64 Wet IB 2001 slaagt niet; die geldt niet bij een gedeeltelijke staking.
16-03-2017


Uw cliënt heeft inmiddels de WOZ-beschikking voor 2017 (waardepeildatum 1 januari 2016) ontvangen van zijn gemeente. Gemeenten houden bij de waardebepaling vaak onvoldoende rekening met de na-ijlende invloed van de economische crisis in de aflopen jaren. Ook kunnen bij uw cliënt specifieke waardedrukkende factoren aanwezig zijn, die een lagere WOZ-waarde rechtvaardigen. Controleer de beschikking van uw cliënt dus goed. Lijkt de WOZ-waarde te hoog? Maak dan bezwaar binnen 6 weken na dagtekening van het aanslagbiljet. De WOZ-waarde is immers niet alleen van belang voor het eigenwoningforfait en de onroerendezaakbelastingen (OZB).
16-03-2017


Een DGA houdt alle aandelen in een holding-BV. Deze BV koopt 33,3% van de aandelen in een werk-BV voor € 100.000; de vraagprijs van de verkoper. De holding-BV leent dit bedrag van de DGA. Dit wordt in rekening-courant geboekt. Zekerheden ontbreken en de rente wordt jaarlijks bijgeschreven. In 2012 boekt de DGA € 97.000 van de lening af ten laste van zijn tbs-resultaat, omdat de holding-BV de lening niet meer kan terugbetalen. In 2013 gaat de werk-BV failliet. De inspecteur heeft de afwaardering ten laste van het tbs-resultaat terecht geweigerd, oordeelt Rechtbank Den Haag. Hij maakt aannemelijk dat de lening bij aankoop van de werk-BV al onzakelijk was.
16-03-2017


Een erfgenaam erft in 1998 een Zwitserse bankrekening. De erflater heeft deze rekening nooit opgegeven aan de fiscus. Ook de erfgenaam geeft de Zwitserse bankrekening niet aan in zijn aangifte voor het successierecht. Wanneer de Belastingdienst hier in 2014 achter komt, vordert de inspecteur de erfbelasting na. De erfgenaam meent dat dit niet kan, omdat de navorderingstermijn al is verjaard. De inspecteur beroept zich echter op de onbeperkte navorderingsbevoegdheid die hij heeft sinds 1 januari 2012. Dat is onjuist, oordeelt de Hoge Raad. De navorderingsbevoegdheid is al verstreken op 1 januari 2012 en ‘herleeft’ niet.
16-03-2017


Een man bezit 23 panden met daarin bijna honderd studentenkamers die hij verhuurt. Hij stelt de huurcontracten zelf op, int de huur, voert de administratie en hij houdt toezicht op ingeschakelde aannemers. De man geeft de panden aan in box 3. De inspecteur meent dat er sprake is van winst uit onderneming of anders van resultaat uit overige werkzaamheden (row). Op de inspecteur berust de bewijslast om aannemelijk te maken dat de werkzaamheden van de man leiden tot een hoger rendement dan bij normaal actief vermogensbeheer. De inspecteur slaagt daar niet in. De genoemde werkzaamheden zijn gericht op het verkrijgen van normale huuropbrengsten.
09-03-2017


Belastingdienst wijzigt vermelding verrekenbare verliezen

De Belastingdienst vermeldt sinds december vorig jaar bij het ‘saldo onverrekend verlies na verrekening dit boekjaar’ alleen de stand van de nog verrekenbare verliezen. De verdampte verliezen worden dus niet meer meegenomen in dit saldo. De wijziging heeft betrekking op de aanslagen, herzieningen en serviceberichten aanslag vennootschapsbelasting. Met de gewijzigde vermelding van de verliezen wordt de onzekerheid weggenomen die er in het verleden vaak bestond over de vraag of verliezen wel of niet waren verdampt
09-03-2017


Een vrouw start in 2011 een Bed & Breakfast (B&B) op de eerste en tweede verdieping van een woning die behoort tot de beperkte huwelijksgemeenschap. De woning is keuzevermogen en wordt aangemerkt als privévermogen. De B&B-inkomsten vormen winst uit onderneming. De vrouw trekt een gebruiksvergoeding af van haar winst voor de B&B-ruimtes. Dat is terecht, oordeelt Hof Den Bosch. De B&B-ruimtes vallen in box 3. Daardoor is aftrek van een gebruiksvergoeding toch mogelijk. Deze uitspraak dateert van 13 oktober 2016, maar is pas eind februari 2017 gepubliceerd. Inmiddels heeft staatssecretaris Wiebes aangegeven dat hij het met deze uitspraak eens is en dus geen cassatie instelt.
09-03-2017


Participant in fonds voor exploitatie schip is IB-ondernemer

Een man participeert sinds 2010 voor 12,45% in een besloten fonds voor gemene rekening dat een schip gaat exploiteren. Het fonds heeft geen rechtspersoonlijkheid. De man wil zijn participatie geruisloos inbrengen in een BV. De inspecteur wijst zijn verzoek daartoe af, omdat hij geen IB-ondernemer zou zijn. Ten onrechte, oordeelt de Hoge Raad. De man maakt aannemelijk dat hij rechtstreeks verbonden wordt voor de verbintenissen van de onderneming van het fonds. Daardoor is hij IB-ondernemer en heeft hij recht op toepassing van de faciliteit voor geruisloze inbreng van zijn participatie in een BV.
09-03-2017


Heeft u vóór 30 september 2016 een intentieverklaring of voorovereenkomst tot geruisloze inbreng met terugwerkende kracht tot 1 januari 2016 aangetekend verzonden naar Heerlen? U moet de BV dan uiterlijk op vrijdag 31 maart 2017 hebben opgericht en de onderneming hebben ingebracht. Wilt u met geruis de BV in met terugwerkende kracht tot 1 januari 2017? In dat geval moet de intentieverklaring of voorovereenkomst uiterlijk 31 maart 2017 zijn opgemaakt en aangetekend zijn verzonden naar de Belastingdienst, Postbus 13, 6400 AA in Heerlen. Een fiscale eenheid voor de Vpb met ingangsdatum 1 januari 2017 moet eveneens uiterlijk op 31 maart 2017 zijn aangevraagd.
09-03-2017


De zakelijkheid van leningen bij een eigen BV leiden regelmatig tot discussie met de Belastingdienst. Daarbij kan de Belastingdienst het standpunt innemen dat sprake is van een uitdeling. Er zijn echter adviseurs die dit standpunt ook innemen, maar dan met de toevoeging dat navorderen niet meer mogelijk is, omdat de 5-jaarstermijn al is verlopen. Zo wordt een rekening-courantschuld belastingvrij weggepoetst. Hoewel de Belastingdienst deze handelwijze bestrijdt, is er geen beleid geformuleerd. Wel is er een intern memo met enkele handvatten. Dit memo is onlangs openbaar gemaakt naar aanleiding van een WOB-verzoek.
02-03-2017


Een zzp’er heeft sinds 2013 een organisatieadviesbureau. Hij werkt in 2013 voor twee opdrachtgevers en in 2014 voor één opdrachtgever vanwege de ernstige ziekte van zijn vrouw. In 2015 werkt hij voor vier opdrachtgevers. In oktober 2015 treedt hij in dienst bij een van deze opdrachtgevers. De Belastingdienst heeft aan hem een VAR-winst uit onderneming verstrekt, maar komt daarop terug naar aanleiding van een boekenonderzoek. Ten onrechte, oordeelt Rechtbank Gelderland. De zzp’er kan ook IB-ondernemer zijn als hij voor één opdrachtgever werkt. Hij hoeft niet tegelijkertijd voor meerdere opdrachtgevers te werken. Dat kan ook volgtijdelijk.
02-03-2017


Een woning die in gebruik is als kantoor of praktijk, kan toch worden gekocht met 2% overdrachtsbelasting (OVB). Voorwaarde is dat het pand met relatief eenvoudige aanpassingen zijn oorspronkelijke woonfunctie weer kan terugkrijgen. Alleen bij twijfel is ook de publiekrechtelijke bestemming van het pand van belang. Dat oordeelt de Hoge Raad in drie van de vier zaken, waarbij panden (een woning, een stadsvilla en een boerderij) oorspronkelijk een woonfunctie hadden, maar die na aankoop en na verbouwing in gebruik genomen als bedrijfspanden. De eigenaren hebben ten onrechte 6% OVB betaald.
02-03-2017


Een DGA houdt de certificaten van aandelen van een holding-BV. Die BV maakt deel uit van een concern, waartoe ook een werk-BV behoort. Op 13 september 2011 gaan de DGA en de werk-BV een vof aan met terugwerkende kracht tot 1 januari 2011. Daarbij wordt de onderneming van de werk-BV ingebracht in de vof. De DGA claimt in 2011 ondernemersfaciliteiten. Terecht, oordeelt Hof Arnhem-Leeuwarden. De DGA voldoet aan alle in het Besluit uit 2010 (DGB 2010/671M) gestelde criteria. De terugwerkende kracht is niet gericht op een incidenteel fiscaal voordeel, maar leidt tot een permanent voordeel.
02-03-2017


Een man krijgt naheffingsaanslagen loonbelasting opgelegd, omdat hij ten onrechte geen bijtelling privégebruik voor zijn auto van de zaak heeft aangegeven. De Belastingdienst heeft daarbij gebruik gemaakt van nummerplaatgegevens die de politie verzamelt via de Automatic Number Plate Recognition (ANPR)-camera’s. Dat mag niet, oordeelt de Hoge Raad. Dit is een inbreuk op de privacy, waarvoor geen precieze wettelijke grondslag bestaat. De algemene taakomschrijving van de Belastingdienst noch enige (andere) wettelijke bepaling kwalificeren als een zodanige grondslag.
02-03-2017


Een man en een vrouw exploiteren in maatschapsverband een melkveehouderij. Zij besluiten begin 2000 hun onderneming in te brengen in een BV. Vervolgens pachten zij dat jaar melkquota en gronden in Duitsland. De quota en graslanden in Nederland worden verkocht. In mei volgt de koop van een boerderij in Duitsland en in juli verkopen zij de Nederlandse boerderij. Op 1 augustus 2000 sluiten het echtpaar en de BV een maatschapscontract en bedingt de man zowel een lijfrente bij de BV als een winstrecht. Vervolgens emigreert hij naar Duistland. Onder deze omstandigheden is de onderneming gestaakt en niet verplaatst, oordeelt de Hoge Raad. De identiteit van de onderneming is namelijk gewijzigd.
23-02-2017


Denkt u nog aan het tijdig aanvragen van bijzonder uitstel voor de aangiften 2015? Dit kan nog tot en met 28 februari 2017. U kunt tot maximaal 10% van uw uitstelbestand én mits er sprake is van overmacht, nog 2 maanden uitstel aanvragen voor de aangiften IB 2015 en/of Vpb 2015. Dit bijzondere uitstel krijgt u als uw cliënt een expat is of een dochtervennootschap van een buitenlandse moedervennootschap. Maar ook wanneer uw cliënt in Nederland is gevestigd en een buitenlandse dochtervennootschap heeft. U bent voor de aangiften 2015 afhankelijk van informatie uit het buitenland die u (nog) niet heeft ontvangen, waardoor u niet tijdig aangifte kunt doen.
23-02-2017


Enkele erfgenamen erven in 2007 van hun overleden zus. In 2013 geven zij alsnog een Zwitserse bankrekening van € 35.000 op, waarover in 2007 geen IB en successierechten zijn betaald. De inspecteur ontdekt echter dat hun vader bij zijn overlijden in 2001 een groot Zwitsers vermogen had, waarover evenmin IB- en successierechten zijn betaald. Hij stelt een vaststellingsoverkomst (vso) op om de verschuldigde IB en de successierechten over beide erfenissen in één navorderingsaanslag te heffen. Dit meldt hij in een aanbiedingsbrief. De erven gaan akkoord, zonder de vso en de aanbiedingsbrief te lezen. Door de ondertekening ligt er toch een rechtsgeldige vso, aldus Hof Amsterdam.
23-02-2017


Een DGA ontvangt uitkeringen uit zijn stamrecht-BV. Hij geeft in zijn IB-aangifte 2007 de van zijn BV ontvangen uitkeringen aan als loon uit tegenwoordige dienstbetrekking, zonder de gegevens van de BV in te vullen. De inspecteur volgt de IB-aangifte zonder de Vpb-aangifte 2007 te raadplegen. Daaruit blijkt een afname van de stamrechtaanspraak met ruim € 227.000 die niet tot de winst is gerekend, maar rechtstreeks ten gunste is gekomen van het eigen vermogen van de BV. De inspecteur legt in 2012 een navorderingsaanslag IB over 2007 op en belast daarbij de hele stamrechtaanspraak. Dat kan; er is geen sprake van een ambtelijk verzuim, oordeelt de Hoge Raad.
23-02-2017


Verwerking machtigingen vertraagd

Er is een achterstand van drie weken opgetreden in de verwerking van machtigingen van intermediairs. De achterstand wordt veroorzaakt door het grote aantal aanvragen, aldus de Belastingdienst. De aanvragen betreffen machtigingen voor serviceberichten en voor het gebruikmaken van de vooraf ingevulde aangiften voor cliënten. De Belastingdienst raadt aan om de status van uw aanvragen goed in de gaten te houden. Zodra de verwerking van de aanvraag is gestart, verschijnt de status ‘in behandeling’. Informeer uw cliënten pas dan over de komst van de registratiebrief. De Belastingdienst zet extra capaciteit in om de achterstand zo snel mogelijk weg te werken.
23-02-2017


Geactualiseerde vuistregels waardering verpachte gronden in box 3

De vuistregels voor de waardering van verpachte gronden in box 3 zijn geactualiseerd voor de aangifte IB 2016. Bezittingen moeten worden gewaardeerd op de waarde in het economisch verkeer. Voor verpachte gronden in box 3 houdt dit in dat er bij de waardering rekening moet worden gehouden met de feitelijke pachtdruk in het concrete geval. Daar komt bij dat er veel verschillende pachtovereenkomsten bestaan. Dit alles maakt de waardering van verpachte gronden in box 3 niet eenvoudig. De (geactualiseerde) vuistregels bieden hiervoor een praktische oplossing.
16-02-2017


Een in Spanje woonachtige Nederlandse DGA heeft een BV in Nederland. Zijn wereldinkomen genereert hij voor 60% uit de Nederlandse BV en voor 40% uit een Zwitserse vennootschap. De DGA heeft geen inkomen in Spanje. Hij brengt de negatieve inkomsten uit zijn Spaanse eigen woning in Nederland in aftrek. Nederland moet die aftrek als werklidstaat voor 60% verlenen, oordeelt het EU-Hof van Justitie naar aanleiding van prejudiciële vragen van de Hoge Raad. Dit is namelijk het aandeel van het Nederlandse arbeidsinkomen in zijn wereldinkomen.
16-02-2017


Een man en vrouw herfinancieren hun eigenwoningschuld met een kredietovereenkomst van ruim € 4,5 miljoen. Deze overeenkomst bestaat uit twee leningen met een variabele rente en twee swapovereenkomsten met vaste rentes. De man brengt alle rente in aftrek. De inspecteur weigert ten onrechte de aftrek van de renteswaps, oordeelt Hof Den Haag. De leningen en de swap¬overeenkomsten moeten worden bezien in onderling verband en samenhang. Dit stemt overeen met zowel de bedoeling van partijen als de wijze waarop zij daaraan feitelijk uitvoering hebben gegeven.
16-02-2017


Ook in 2015 box-3-heffing toegestaan

Het wordt een herhaling van zetten, maar ook in 2015 wordt de box-3-heffing niet in strijd geacht met artikel 1 van het eerste Protocol bij het EVRM. Ook in deze zaak betreft het een spaarsaldo, waarbij het werkelijke rendement structureel veel lager is dan 4%. Rechtbank Den Haag neemt in deze zaak ook de uitspraak van de Hoge Raad van 10 juni 2016 als uitgangspunt. De rechtbank oordeelt dat voor het voldoen aan het criterium van een ‘lange reeks van jaren’ - waarin een rendement van 4% niet meer haalbaar is - onvoldoende is dat bepaalde bezittingen structureel beneden 4% van de waarde van het daarin geïnvesteerde bedrag blijven.
16-02-2017


De maatregelen uit het amendement over het vervallen van de tijdklemmen voor de KEW, BEW en SEW zullen in werking treden op 1 april 2017. Het koninklijk besluit hiertoe wordt binnenkort uitgevaardigd. Daarnaast wordt de werking van het amendement uitgebreid naar Brede Herwaarderingskapitaalverzekeringen. Ook van deze producten vervallen de tijdklemmen per 1 april 2017. De uitkering van deze kapitaalverzekeringen hoeft echter niet te worden aangewend voor de aflossing van een eigenwoningschuld. De uitbreiding wordt - vooruitlopend op wetgeving - geregeld in een besluit. Dit staat in een brief aan de Tweede Kamer van staatssecretaris Wiebes.
16-02-2017


Wijzigingen verhuurderheffing aangenomen

De verhuurderheffing is gewijzigd. Zo wordt de heffingsvrije voet verhoogd van tien naar vijftig woningen en komt er een vrijstelling voor rijksmonumenten. Het tarief gaat vanaf 1 januari 2018 omhoog naar 0,591% van de WOZ-waarde van de woning. Ook wordt er een nieuwe heffingsvermindering ingevoerd voor goedkope nieuwbouwwoningen. Verder bedraagt de maximale grondslag voor de verhuurderheffing vanaf 1 januari 2018 een WOZ-waarde van € 250.000. Dit staat in het wetsvoorstel Wijziging van de Wet maatregelen woningmarkt 2014 II, waarmee de Eerste Kamer eind januari heeft ingestemd.
09-02-2017


Zus terecht anders behandeld voor erfbelasting dan partner erflater

De broer van een vrouw is overleden. Zijn echtgenote is enig erfgename. De broer heeft aan zijn zus een legaat van ruim € 722.000 toegekend. De aanslag erfbelasting wordt opgelegd met inachtneming van de vrijstelling voor overige verkrijgers (€ 2.057). De zus maakt bezwaar tegen deze aanslag. Volgens haar is het grote onderscheid in de Successiewet tussen de partnervrijstelling en de vrijstelling voor overige verkrijgers in strijd met het discriminatieverbod in het EVRM. Daarvan is geen sprake, oordeelt Rechtbank Den Haag. Zussen en partners zijn geen gelijke gevallen en het zijn evenmin ongelijke gevallen die gelijk moeten worden behandeld.
09-02-2017


Een dochter ontvangt in januari 1997 een schenking van haar moeder. Daarvan doet zij begin 1998 schenkingsaangifte. Daarin geeft zij niet aan dat zij – net als haar twee zussen - ook nog een deel van Zwitserse banktegoeden heeft ontvangen. Moeder overlijdt in 2004. In 2014 maakt een van de dochters gebruik van de inkeerregeling. De verzwegen schenking komt aan het licht en de inspecteur legt de dochter eind 2015 een navorderingsaanslag op voor het recht van schenking. De dochter stelt dat die te laat is opgelegd. Dat is onjuist, oordeelt Rechtbank Gelderland. De dochter heeft namelijk geen schenkingsaangifte gedaan van de banktegoeden. De navorderingstermijn van 12 jaar begint dan te lopen vanaf de dag van inschrijving van de overlijdensakte in de registers van de burgerlijke stand.
09-02-2017


Uw cliënt ontvangt binnenkort de WOZ-beschikking voor 2017 (waardepeildatum 1 januari 2016) van zijn gemeente. Gemeenten houden bij de waardebepaling vaak onvoldoende rekening met de na-ijlende invloed van de economische crisis in de aflopen jaren. Ook kunnen bij uw cliënt specifieke waardedrukkende factoren aanwezig zijn, die een lagere WOZ-waarde rechtvaardigen. Controleer de beschikking van uw cliënt dus goed. Lijkt de WOZ-waarde te hoog, maak dan bezwaar binnen 6 weken na dagtekening van het aanslagbiljet. De WOZ-waarde is immers niet alleen van belang voor het eigenwoningforfait en de onroerendezaakbelastingen (OZB).
09-02-2017


Een vrouw en haar echtgenoot dienen in 2012 gezamenlijk hun aangiften IB 2010 in via een belastingadviseur die daartoe al sinds 2003 gemachtigd is. Hij rekent in de IB-aangiften 2010 de aftrek van hypotheekrente geheel toe aan de man en het box-3-vermogen geheel aan de vrouw. In 2013 gaan de man en vrouw uit elkaar. De vrouw wil de verdeling van de hypotheekrenteaftrek in 2010 herzien. De (ex-)man stemt daar niet mee in. De aftrek kan dan niet worden gewijzigd, oordeelt Hof Den Bosch. Dit kan namelijk niet zonder toestemming van de ex-echtgenoot.
09-02-2017


Gemiddelde marktrente 2016; wettelijke rentes 2017 ongewijzigd

In 2016 bedroeg de gemiddelde marktrente slechts -0,02%. Sinds 1 juli 2016 is de wettelijke rente voor handelstransacties 8%. Dit rentepercentage is gelijk aan het minimumpercentage dat geldt voor de belastingrente voor de Vpb. De wettelijke rente voor consumententransacties is sinds 1 januari 2015 2%. Deze wettelijke rente is normaliter bepalend voor de belastingrente voor de overige belastingen (waaronder de IB) en voor de invorderingsrente. Maar omdat het percentage lager is dan het minimum van 4%, is dit minimumpercentage bepalend voor deze belastingrente.
02-02-2017


Een vrouw verhuurt in 2014 zesentwintig huurwoningen. De huurprijs is lager dan de huurtoeslaggrens. Dat komt door de huurbeschermingsregels in combinatie met het feit dat de huurders de woningen al lange tijd huren. De vrouw meent dat zij niet belastingplichtig is voor de verhuurderheffing, omdat die heffing alleen bedoeld is voor woningcorporaties en voor sociale huurwoningen. Ook zou de heffing leiden tot een individuele en buitensporige last en in strijd zijn met het gelijkheidsbeginsel. Op alle punten wijst Rechtbank Zeeland-West-Brabant haar beroep af.
02-02-2017


Een jurist is in loondienst bij een technisch bedrijf. Hij verricht daar licht administratief werk en geeft interne cursussen voor het bedienen van machines. Sinds eind 2006 heeft hij ook een eenmanszaak, waarin tussen 2007 en 2011 geen omzet en kosten zijn aangegeven. Dat geldt in 2013 en 2014 ook voor de BV die de jurist op 28 januari 2013 heeft opgericht. In 2011 volgt hij postacademische cursussen op het gebied van het contractenrecht. Hij trekt de totale kosten van € 13.764 af. De inspecteur staat aanvankelijk aftrek toe van alleen de cursuskosten ad € 6.051, maar komt daar in de beroepsfase op terug. Terecht, oordeelt Hof Den Bosch. De kosten zijn geen scholingsuitgaven.
02-02-2017


Ook in de laatste twee proefprocedures tegen de box-3-heffing wordt de heffing over een forfaitair rendement van 4% in 2014 niet in strijd geacht met artikel 1 van het eerste Protocol bij het EVRM. De zaken betreffen de procedures bij Rechtbank Noord-Nederland en Rechtbank Noord-Holland over de box-3-heffing in 2014. Opmerkelijk is dat Rechtbank Noord-Nederland invulling geeft aan het criterium van de Hoge Raad van ‘een lange reeks van jaren’ waarin het veronderstelde rendement van 4% niet meer haalbaar is voor particuliere beleggers. Daarvan kan volgens de rechtbank pas sprake zijn als na een verstreken periode van ten minste tien aaneengesloten jaren het rendement op risico-arme beleggingen telkens lager was dan 4%.
02-02-2017


Einde vruchtgebruik panden: afrekenen over tbs-resultaat

Een DGA heeft een onverdeeld aandeel in de blote eigendom van enkele panden. Zijn vader heeft ooit het vruchtgebruik van deze panden verkocht aan de BV van de DGA. Op 1 januari 2001 ontstond daarom een tbs. De vader overlijdt in 2004, waarmee het vruchtgebruik van de BV eindigt en dus de tbs. De inspecteur berekent het tbs-resultaat tussen 2001 en de overlijdensdatum op basis van de WOZ-waarden. Ten onrechte, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant. De WOZ-waarden van de panden zijn geen juist uitgangspunt en de al in de belastingheffing betrokken aangroei van de blote eigendom tussen 2001 en 2003 komt in mindering op het resultaat tussen 2001 en de overlijdensdatum.
02-02-2017


Geen voorziening voor negatieve renteswaps

Een tuinder gaat een lening aan met een variabele rente. In 2009 dekt hij het risico van toekomstige rentestijgingen af met een renteswap. Eind 2012 blijkt de waarde van de renteswap negatief te zijn geworden door de inmiddels gedaalde marktrente. De tuinder vormt hiervoor een voorziening ten laste van zijn winst. Dat kan niet, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant, omdat dit in strijd is met het goed koopmansgebruik. De negatieve waarde van de renteswap wordt namelijk veroorzaakt door (hogere) toekomstige rentelasten. Deze lasten kunnen niet in één keer ten laste van de winst worden gebracht.
26-01-2017


U kunt in bijzondere gevallen tot maximaal 10% van uw uitstelbestand én mits sprake is van overmacht, toch nog 2 maanden uitstel aanvragen voor de aangiften IB 2015 en/of Vpb 2015. U moet het uitstel dan wel aanvragen vóór 1 maart 2017. Dit bijzondere uitstel krijgt u als uw cliënt een expat is of een dochtervennootschap van een buitenlandse moedervennootschap. Dat geldt ook als uw cliënt in Nederland is gevestigd en een buitenlandse dochtervennootschap heeft. U bent voor de aangiften 2015 afhankelijk van informatie uit het buitenland die u (nog) niet heeft ontvangen, waardoor u niet tijdig aangifte kunt doen.
26-01-2017


Foute dotatie HIR herstellen met foutenleer

Een vastgoedexploitant vormt in 2008 een HIR. In 2014 voegt de inspecteur de HIR toe aan de winst over 2011, omdat niet tijdig is geherinvesteerd. De exploitant stelt in maart 2015 dat de HIR nooit had mogen worden gevormd, omdat zij nooit een herinvesteringsvoornemen heeft gehad. Deze fout moest in 2010 worden hersteld met toepassing van de foutenleer. Over 2010 kon echter niet meer worden nagevorderd. De exploitant behoort te weten dat een HIR alleen mag worden gevormd met een herinvesteringsvoornemen, aldus Hof Amsterdam. Maar zelfs als de HIR ten onrechte is gevormd, vindt herstel van die fout plaats in 2011. De inspecteur kon niet eerder weten van de fout.
26-01-2017


Foutieve SBA’s Vpb 2016 en 2017

Ontvangt u van uw cliënten Serviceberichten Aanslagen (SBA’s) voor de Vpb? Dan gaat er iets mis bij de SBA’s voor de Vpb 2016 en 2017. Dit meldt de Belastingdienst. U krijgt namelijk voor een voorlopige aanslag 2016 en/of 2017 een SBA voor een definitieve aanslag. Een definitieve aanslag wordt in een SBA verwerkt als navorderingaanslag. Oorzaak van de foute verwerking is de aanpassing van codes van de berichtsoort, die niet is verwerkt in uw software. Haalt uw software de SBA’s niet automatisch op? In dat geval adviseert de Belastingdienst om de SBA’s voor de Vpb 2016 en/of 2017 niet zelf op te halen. Krijgt u de SBA’s wel automatisch? Dan wordt geadviseerd te wachten op nader bericht van de Belastingdienst.
26-01-2017


De aftrek van toekomstige indexatiekosten op het moment van afkoop of omzetting van een pensioen in eigen beheer wordt - onder voorwaarden - toch mogelijk. Deze aftrekmogelijkheid geldt alleen als uit een uiterlijk op 20 september 2016 ingediende aangifte blijkt dat er een transitorische actiefpost voor de indexatielast is opgenomen. Dat staat in de novelle bij het wetsvoorstel Uitfasering pensioen in eigen beheer, die afgelopen maandag is gepubliceerd. Oorspronkelijk was voorgesteld om de aftrek van toekomstige indexatiekosten geheel uit te sluiten. Bij de gecreëerde aftrekmogelijkheid wordt onderscheid gemaakt tussen afkoop en omzetting.
26-01-2017


Ook overige Landbouwnormen 2016 vrijgegeven

Begin januari werd een deel van de Landelijke Landbouwnormen 2016 al vrijgegeven voor de btw-aangifte. Nu zijn ook de overige Landbouwnormen 2016 vastgesteld. De normen en normbedragen gelden alleen voor ondernemers in de agrarische sector. Slechts in uitzonderingsgevallen mag van deze normen worden afgeweken. Een belastingplichtige die wil afwijken van de norm, moet motiveren waarom hij deze niet hanteert. Bij enkele onderdelen, waaronder het privégedeelte van energie- en telefoonkosten, is er geen sprake van een norm, maar van een richtlijn. Daarvan mag worden afgeweken, mits aannemelijk kan worden gemaakt waarom dat nodig is.
19-01-2017


Een DGA heeft een rekening-courantschuld bij zijn BV. In 2009, 2010 en 2011 neemt de schuld enorm toe door opnames van de DGA. De inspecteur merkt deze opnames aan als onttrekkingen. Terecht, aldus Rechtbank Noord-Nederland. De inspecteur maakt aannemelijk dat ten tijde van de opnames al duidelijk was dat deze niet zouden worden afgelost en dat de DGA zich daarvan bewust had moeten zijn. De DGA en de BV zijn geen rekening-courantovereenkomst aangegaan. Er zijn geen zekerheden gesteld en er zijn evenmin afspraken gemaakt over de rente en een aflossingsschema. De BV had ook geen incassomaatregelen getroffen.
19-01-2017


Overdracht lijfrente aan personal holding en verkoop aandelen leidt tot afkoop

Een firmant heeft in 1998 zijn firma-aandeel ruisend ingebracht in een BV. Bij deze BV heeft hij toen voor de stakingswinst een direct ingaande lijfrente bedongen. Een tussenholding houdt sindsdien de aandelen in de BV. Deze tussenholding verkoopt de aandelen in 2010 aan een derde. De lijfrenteverplichting gaat over naar de personal holding van de voormalige firmant. Dit leidt tot afkoop van de lijfrente, oordeelt Hof Den Haag. De band tussen de lijfrenteverplichting en de onderneming wordt onder deze omstandigheden verbroken. De lijfrente wordt niet meer bedongen bij een toegestane verzekeraar. Er is terecht een negatieve uitgave voor inkomensvoorzieningen in aanmerking genomen en revisierente berekend.
19-01-2017


Het box-3-vermogen van een man bestaat op 1 januari 2014 voor 80% uit spaartegoeden en voor het overige uit aandelen en obligaties. De man maakt bezwaar tegen de box-3-heffing. Hij meent dat een heffing over een forfaitair rendement van 4% in strijd is met artikel 1 van het eerste Protocol bij het EVRM, omdat dat rendement voor spaartegoeden te veel afwijkt van het reële en het nominale rendement. De box-3-heffing is toegestaan, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant. De heffing kan namelijk niet worden beoordeeld met een eenzijdige focus op alleen spaartegoeden. De wetgever heeft immers geen differentiatie aangebracht naar soort bezitting.
19-01-2017


Voorlopige aanslag 2017 onjuist bij meerdere inkomsten uit vroegere dienstbetrekking?

Heeft u of uw cliënt een voorlopige aanslag voor 2017 aangevraagd of gewijzigd en daarbij meer dan drie inkomsten uit vroegere dienstbetrekking aangegeven? In dat geval kan de voorlopige aanslag onjuist zijn doordat het inkomen foutief is berekend. Dat bericht de Belastingdienst. Er wordt nu onderzocht of dit kan worden hersteld. Daarnaast wordt binnenkort een nieuwe versie van het programma voor het aanvragen of wijzigen van de voorlopige aanslag 2017 op ‘Mijn Belastingdienst’ geplaatst. Daarin komt dit probleem niet meer voor. Bij ‘Verstoringen’ op de website van de Belastingdienst kunt u een update vinden, zodra hierover meer bekend is.
19-01-2017


Schulden die deel uitmaken van een algemeenheid waarop krachtens erfrecht een vruchtgebruik rust, kunnen ook in de periode 2012 tot en met 2016 volledig bij de vruchtgebruiker in box 3 worden aangegeven. Deze goedkeuring staat in een onlangs gewijzigd besluit. De vruchtgebruiker en de bloot eigenaar(s) moeten gezamenlijk schriftelijk verzoeken om toepassing van deze goedkeuring bij de inspecteur van de vruchtgebruiker. De goedkeuring geldt dan voor de hele periode van 2012 tot en met 2016. De gelijktrekking in box 3 van schulden aan bezittingen die tot een algemeenheid behoren, gold zonder deze goedkeuring alleen vanaf 1 januari 2017.
12-01-2017


Een man houdt zich bezig met procesvoering in intellectuele eigendomszaken. Hij geeft de inkomsten aan als resultaat uit overige werkzaamheden. De man volgt een rechtenstudie en een cursus. De kosten zijn volgens hem aftrekbaar van het resultaat. Alleen de kosten voor cursussen of opleidingen voor het in stand houden van al verworven vakkennis zijn aftrekbaar van de winst of het resultaat. Daaronder valt ook kennis die nodig is om de bestaande ondernemingsactiviteit of werkzaamheid te kunnen voortzetten. Kosten voor de uitbreiding van bestaande kennis kunnen niet in aftrek komen op de winst of het resultaat.
12-01-2017


In de vaststellingsovereenkomsten (VSO’s) in het kader van de innovatiebox is als standaard ontbindende voorwaarde opgenomen dat de VSO vervalt bij een relevante wetswijziging. De wijziging van de innovatiebox per 1 januari 2017 is zo’n relevante wetswijziging. De ontbindende voorwaarde blijft echter onder voorwaarden buiten toepassing voor belastingplichtigen die op grond van artikel 12ba, lid 2 Wet Vpb als kleine belastingplichtige worden aangemerkt. Deze belastingplichtige (of zijn/haar gemachtigde) moet wel uiterlijk bij de Vpb-aangifte over 2017 schriftelijk verklaren dat aan de voorwaarden is voldaan.
12-01-2017


Een man heeft zijn buitenlandse vermogen in 2012 en 2013 niet aangegeven in zijn IB-aangiften. Hij geeft dit vermogen alsnog op met gebruikmaking van de inkeerregeling. De inspecteur legt hem over de jaren 2012 en 2013 navorderingsaanslagen op. De man maakt daartegen bezwaar, omdat dit in strijd zou zijn met artikel 1 van het eerste Protocol bij het EVRM. Die strijdigheid is er niet, oordeelt Rechtbank Den Haag. Dat slechts enkele bezittingen geen rendement haalden van 4%, maakt de box-3-heffing nog niet tot een buitensporige last. Slechts als het rendement over een lange reeks jaren lager is dan 4%, kan daarvan pas sprake zijn.
12-01-2017


Heeft uw cliënt een te lage voorlopige aanslag IB of Vpb 2016 gehad? In dat geval moet uw cliënt – bij een boekjaar gelijk aan het kalenderjaar - vanaf 1 juli 2017 belastingrente (IB: 4%, Vpb: 8%!) betalen over het bij te betalen bedrag. Dat effect kunt u beperken door de aanslag uiterlijk 24 maart 2017 te laten verhogen. Er wordt immers geen belastingrente berekend zodra 14 weken zijn verstreken nadat de Belastingdienst het verzoek heeft ontvangen. Als u uiterlijk 24 maart 2017 de aanslag laat aanpassen, dan eindigt de 14-wekentermijn op 30 juni 2017. Er wordt dan alleen nog belastingrente berekend als het belastbare bedrag later (nog) hoger blijkt te zijn.
12-01-2017


Stakingswaarde winkelpand niet aannemelijk gemaakt

Een erflaatster exploiteerde tot 1 september 2009 een parfumeriezaak annex schoonheidssalon. Daarna verkoopt zij de zaak en brengt zij het winkelpand voor € 635.000 over naar privé. Vervolgens wordt het pand verhuurd aan de kopers van de zaak voor € 76.140 per jaar. Per september 2012 wordt de huurprijs verlaagd. Bij de aanslagregeling IB/PVV 2009 verhoogt de inspecteur de stakingswinst met € 355.000 vanwege een hogere stakingswaarde van het winkelpand. Hij baseert de waarde op de huurprijs. De erfgenamen stellen dat de gerealiseerde huurprijs te hoog was en niet marktconform. Omdat de erfgenamen noch de inspecteur de waardering van het pand voldoende aannemelijk maken, stelt Hof Den Bosch de waarde vast op € 850.000.
05-01-2017


Zonnepanelen, -boilers en -collectoren en dergelijke worden als een zelfstandig bedrijfsmiddel aangemerkt voor toepassing van de investeringsaftrek. Deze goedkeuring staat in een gewijzigd besluit van 8 december 2016. Een uitzondering geldt echter voor zogenoemde geïntegreerde zonnepanelen. Bovendien vervallen de drie bijlagen bij het besluit. Hiervoor in de plaats zijn drie ja/nee-vragen opgenomen in de aangiftebiljetten voor de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting.
05-01-2017


De Energielijst 2017 en de Milieulijst 2017 zijn gepubliceerd. De Energielijst vermeldt de energiebesparende investeringen in bedrijfsmiddelen of onderdelen daarvan, die in 2017 in aanmerking komen voor de Energie-investeringsaftrek (EIA). De Milieulijst vermeldt de milieuvriendelijke investeringen die in 2017 in aanmerking komen voor de Variabele afschrijving milieu-investeringen (Vamil) en/of de Milieu-investeringaftrek (MIA). De aanvragen voor de MIA/Vamil of de EIA dient u in bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (www.rvo.nl).
05-01-2017


Een deel van de Landelijke Landbouwnormen 2016 is bekendgemaakt. Het betreffen de normen voor onttrekkingen voor eigen gebruik van de meest gangbare agrarische producten. Daarnaast gaat het om de richtlijnen voor het privégedeelte van de kosten van energie en water. De Belastingdienst stelt deze normen voor waarderingen, onttrekkingen en afschrijving jaarlijks vast in overleg met het landbouwbedrijfsleven. De normen voor eigen gebruik en het privégebruik 2016 zijn echter al nodig voor de laatste btw-aangifte over 2016. De rest van de Landbouwnormen volgt in de loop van deze maand.
05-01-2017


De Uitvoeringsregeling schenk- en erfbelasting is aangepast. Aanleiding hiervoor zijn de wijzigingen in de Successiewet ten aanzien van de verhoogde vrijstelling van maximaal € 100.000 bij een schenking voor een eigen woning. Deze vrijstelling geldt voor één kalenderjaar, maar wordt de vrijstelling in dat jaar niet geheel benut, dan kan dat alsnog in de twee daaropvolgende kalenderjaren. Deze nieuwe opzet maakt het nodig om nadere voorwaarden te stellen aan de vorm van de schenking, de betaling en de besteding. In verband met de gewijzigde voorwaarden wordt ook het aangiftebiljet voor de schenkbelasting aangepast.
05-01-2017